munt
mynt
ontmoeten
möte
naam
navn (n)
Nederlands
Nederlandsk
nauwelijks
neppe
iets anders
noe annet
aankomen
nä frem
wanneer, als
när
vaak
ofte
’s morgens vroeg
om morgenen
rembours
oppkrav (n)
pakje, pakket
pakke
park
park
paspoort
pass (n)
geld, het geld
penger, pengene
porto
porto
post
post
postkantoor
postkontor (n)
postpakket
postpakke
rest
rest
scheuren
rive (rev, revet)
afscheuren
rive fra
wordt/worden afgescheurd
rives fra
rubriek
rubrikk