ZO2. Regulatie van de hartslag Flashcards
SV
= EDV - ESV
Waarop berust het mechanisme waarop het hart het hartminuutvolume kan bijregelen op 2 basisprincipes
- regulatie hartfrequentie: gereguleerd door vooral extrinsieke factoren (sym/para)
- regulatie slagvolume
regulatie slagvolume
b1 adrenerge receptoren worden gestimuleerd via noradrenaline > toename in contractiliteit en hartslagfrequentie
afname hartfrequentie
stimulatie M2 cholinerge receptoren via acetylcholine
Welk effect is snelst waarneembaar?
parasympathicus
vagus tonus
balans tussen sympathische en parasympathische activiteit
inspanning
parasympathische activiteit neemt af en sympatische toe
acute verhoging bloeddruk
via de baroreceptoren wordt de sympatische activiteit gereduceerd en para verhoog
hypertensie
baroreceptoren wennen aan hogere bloeddruk en worden gereset
- verhoogde symp activiteit kan bijdragen aan verhoogde bloeddruk voornamelijk via verhoogde perifere arteriele vaatweerstand
doorsnijden nervus vagus (gezond)
hartfrequentie neemt toe door weinig parasymp activiteit
doorsnijden nervus vagus (hypertensie)
effect van toename hartfrequentie minder waarneembaar doordat para al weinig effect heeft
valsalva manoevre
iemand ademt eerst flink in en houdt de adem vervolgens in > druk in de borst stijgt > verhoging bloeddruk in kleine circulatie
waar zorgt druk in de borst voor
bloed kan niet naar hart terugstromen > output neemt af > bloeddrukdaling
- vasoconstrictie probeert te compenseren, bloedstroom en cardiac output blijven laag
uitademen
cardiac output, slagvolume en hartfrequentie stijgt, na korte tijd worden deze waarden normaal
slagvolume
wordt bepaald door contractiliteit van de hartspier, grootte en snelheid van contractie is belangrijk
preload
uitrekking van myocardspier voor contractie = EDV
afterload
weerstand waartegen het ventrikel moet uitpompen
contractiliteit
kan omschreven worden als de snelheid waarmee de intraventriculaire druk wordt opgebouwd
toename in preload of contractiliteit
leidt in een gezond hart tot toename in slagvolume
toename in afterload
leidt tot afname slagvolume
slagwerk, stroke work
totale bloedvolume dat de ventrikel de aorta in pompt
- beinvloed door toename van afterload, maar wel minder
ESD volume relatie
onafhankelijk van de preload of afterload
- door inspanning wordt toename in contractiliteit zowel extrinsiek als intrinsiek beinvloed
verminderde linkerventrikelfunctie
door verlaagde contractiliteit; aan het eind van systole blijft er meer vloed in ventrikel achter > groter EDV (afterload)
hartfalen
compensatie verminderde contractiliteit lukt niet > slagvolume te laag
- hartfrequentie neemt toe > cardiac output toch gehandhaafd