H9.4: Transplantaatafstoting en immuunsuppr Flashcards
waar kunnen T-cellen niet komen?
cornea (direct van zuurstof voorzien via de lucht)
B-cel/antistof gemedieerde reactie
T-cel helpt B-cellen met uitrijpen zodat er antistoffen ontstaan door plasmacellen.
transplantaat wordt per definitie aan bloedstelsel gekoppeld
Welke geneesmiddelen behoren tot de standaard immuunsuppressie de eerste 3 maanden?
- prednison
- tacrolimus
- mycofenolaat mofetil
HLA mismatch
je kijkt naar 3 allelen. maximale verschil kan 2 zijn.
bv 0-2-2
klinische presentatie rejectie
- heel weinig tot geen klachten
- van wege onderdrukking immuun systeem alleen;
=functio laesa
=soms koorts, soms pijn, soms zwelling
=oedeem en hypertensie
DD van verminderde GFR na transplantatie
- prerenaal: hypotensie, nierarteriestenose/vaatletsel / trombse
- renaal: tacrolimustoxiciteit, ATN, rejectie, recidief grondlijden
- postrenaal: ureter/urethra obstructie/stenose
rejectie - plan de campagne
de diagnostiek van rejectie is vooral de diagnostiek van uitsluiting van andere oorzaken:
-anamnese
-LO
-tacrolimusspiegel
-echo transplantatienier
DD is pt en tijd afhankelijk
-lang vs kort posttransplantatie
-geïmmuniseerde vs naieve pt
-dosering cq spiegels immuunsuppressiva
uiteindelijk ===> NIERBIOPSIE
indelingen en pathologie van rejectie
indelingen:
- op tijd
- op mechanisme (TCMR of ABMR)
- op locatie afwijkingen biopt (vasculair vs interstitieel)
meest gebruikt classificatie: Banff classificatie.
acute rejectie TCMR (tcel) karakteristieke afwijkingen in nierbiopt:
- interstitieel infiltraat
- tubulitis
- vasculitis/arteritis
volgens Banff onderscheiden van niet-ernstig tot ernstig
acute rejectie ABMR (antistof) karakteristieke afwijkingen in nierbiopt:
- glomerulitis
- peritubulaire capillaritis
- vasculitis/arteritis
- C4d depostitie
indeling volgens BANFF
=active: glomerulitis of vasculitis
=chronisch active: glomerulaire afwijkingen
behandeling tegen afstoting
- 1stelijns: prednison (lymfolytisch): 3 dagen 1000 mg
- 2delijns: anti-Tcel therapie
=polyklonaal antilichaam anti T-cel globuline (ATG)
=monoklonaal antilochaam (alemtuzumab) - behandeling bij AMBR is niet duidelijk
=bij aantoonbare antistoffen: plasmawisseling + IVIG
ATG
- polyclonale antistof, opgewekt in konijnen
- werkzaam tegen T-cellen, maar ook tegen andere cellen van het immuunsysteem
- behandeling voor rejectie
- via infuus, liefst CVL, toedienen
- behandeling 10-14 dagen op geleide van tombo’s/lymfo’s
- veel acute reacties! (koorts, ziek, spierpijn, soms longoedeem en meningitis)
- ongeveer 1 jaar lang werkzaam
- toename van kans op infecties en kanker, vooral lymfomen
alemtuzumab
- monoklonaal antilichaam tegen CD52 op T, B, NK, mono, macro en DC
- gehumaniseerd antilichaam afkomstig van ratten
- oorspronkelijk bedoeld tegen CLL
- vaste dosis 30 mg
- weinig bijwerkingen, soms wat koorts of lokale reactie
IVIG
- polyklonale antistof, verkregen uit gepoold bloed van donoren
- op verschillende manieren werkzaam, precieze mechanisme onduidelijk
- voor antistof gemedieerde afstoting, zowel acuut als chronisch
- 1-2 dagen 1g/kg
- soms reactie
- enkele weken werkzaam
Is een afstoting op lange termijn schadelijk voor je transplantaatnier?
Nee, mits je dit snel en goed behandelt.
dus al nierfunctie na rejectiebehandeling weer terugkeert op basisniveau, lijkt er op middellange termijn geen effect op transplantaatoverleving
strategieën om rejectie te voorkomen
immunologhsce reactivitieit wordt door veel factoren bepaald, de belangrijkste:
-antigeniciteit van orgaan
=HLA matching
=ischemie reperfusieschade
=donor behandeling
-activiteit van alloreactieve effector T-cellen
=immuunsuppressiva!
=leeftijd ontvanger
=bijspelende infecties