Schouder orhtopedisch Flashcards

1
Q

types letsel

A
  1. degeneratief letsel
    - artrose
    - RC-scheuren
  2. traumatisch letsel
    - breuken
    - pols of sleutelbeen
  3. andere = congentiaal
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

tijdsduur herstel

A
  1. bot
    - hematoom = 72u
    - zachte callus = 3w
    - harde callus = 6-12w
    - remodulatie = 2j
  2. wekedelen
    - hematoom = 72u
    - littekenvorming = 6w
    - rodulatie = 1j
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

toegangsweg chirurgie

A
  1. artroscopisch
  2. open
    - tussen spieren vb: deltopectoraal
    - door spier vb: deltoid split
    - losmaken & aanhecten vb: anterolateraal
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

natuurlijk hersel

A
  1. type schade
    - bot heelt met bot = beste genezing van weefsels
    - andere weefsels helen met littekenweefsel
  2. herstel bot
    - inflammatie fase = hematoomvorming
    - herstelfase = zachte -> harde callus
    - remodulatie fase = genezen
  3. herstel wekedelen
    - inflammatie = hematoom
    - herstel = fibroblasten & collageen
    - remodulatie = littekenweefsel & origineel weefsel
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

indicatie chirurgie

A
  1. doelen
    - pijn verminderen = korte of lange termijn
    - functie verbeteren
    - risico op complicaties
  2. types
    - osteosynthese
    - resectie bot = vb: AC resectie bij artrose
    - prothese
    - peesherstel
  3. aandachtspunten
    - breuken enkel indien versplaatst
    - ook niet bij elke indicatie chirurgie = bij oudere leeftijd is verminderde functie soms voldoende
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

algemeen herstel na chirurgie

A
  1. bot op bot herstel
    - belang eerste 6w
    - goede vorming van harde callus
  2. andere
    - weke delen herstel = minimaliseren litteken weefsel
    - resectie = geen rekening houden met herstel
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

fases van revalidatie

A
  1. fase 1 = beschermende fase
    - 0-6w
    - beschermen herstel
    - bevorderen dynamische stabiltieit & proprioceptie
    - verminderen pijn & inflammatie
    - behouden van post-traumatisch of post-op mobiliteit
    –> indien geen CI
  2. fase 2 = intermediaire fase
    - 7-12w
    - matig beschermende fase
    - herwennen/onderhoud volledige ROM
    - bevorderen dynamische stabiltieit & proprioceptie
    - versterken neuromusculaire controle
    - herstel spierkracht & balans
    –> indien geen CI
  3. fase 3 = return
    - 3-9m
    - functionele & sportspecifieke oefeningen
    - verbetering kracht & uithouding
    - behouden mobiliteit
    - hervat van sport
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

clavicula fractuur

A
  1. types
    - midshaft = meest voorkomend
    - laterale of mediale clavicula fractuur = lig ook betrokken
  2. orthopedische evaluatie
    - letsel = traumatisch
    - natuurlijk herstel = bt
    - chirurgie = nee, enkel nuttig indien verplaatsing
    –> alle breuken
  3. keuze chirurgie
    - 80-85% geneest spontaan op lange termijn
    - lichte scheefstand maakt niet veel uit
    - voor bepaalde populatie wel vb: wielrenners
  4. chirurgie
    - techniek = osteosynthese
    - toegangsweg = open
    - herstel = bot = snel
    –> onmiddelijke belasting door stabiele constructie
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

AC pathologie

A
  1. pathologie
    - meest frequent AC & SC = dislocatie & verrekkingen
    - therapie = immobilisatie of operatief
  2. pijn
    - pijn in C4 dermatoom
    - pijn met 1 vinger kunnen aanduiden
    - pijn bij horizontale adductie & abductie
    –> bijna alles beweging door beweging scapula x acromion
  3. andere symptomen
    - soms klik
    - weerstand mogelijk pijnlijk door compressie
    - luxatie = pianotoets door gescheurd lig
    - palpatie gevoeligheid AC-lig
    - scarf-sign = hyperadductie test
  4. TO = joint-play
    - humeruskop fixeren
    - acromion proberen verschuiven naar ventraal
    - beweegelijkheid controleren
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

diagnose & therapie AC

A
  1. diagnose
    - RX = AP & coracoacromial outlet view
    - echo
    - proefinjectie met lidocaïne
  2. therapie
    - vermijden adductie
    - SAPS klachten voorkomen
    - infiltratie = oppassen met destructie discus
    - chirurgie = resectie distale deel clavicula
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

AC-luxatie verloop

A
  1. progressief verloop
    - type 1 = AC-lig scheurt
    - scheur zet door in kapsel
    - coracoclaviculair lig scheurt
    - deltoid scheurt af insertie op clavicula
  2. gevolgen
    - beschrijving = altijd distale deel beschrijven
    - schouder blad valt naar beneden
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

orthopedisch: AC-luxatie

A
  1. letsel = traumatisch
  2. type I
    - natuurlijk herstel = weke delen
    - chirurgie = nee, conservatief
  3. volledige scheur
    - natuurlijk herstel = niet mogelijk
    - chirurgie = ja
    - techniek = AC-stabilisatie
    –> 100 technieken = nabootsen met synthetisch lig of op juiste plaats fixeren
    - toegangsweg = open & artroscopisch
    - herstel = weke delen
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

SC pathologie

A
  1. bevindingen
    - lokale pijn SC gewricht
    - zwelling & assymetrie
    - pijn bij horizontale adductie & abductie
    - weerstandstesten mogelijk pijnlijk door compressie
  2. TO = joint play
    - sternum fixeren met duim craniaal
    - tussen duim & wijsvinger trekken aan clavicula naar craniaal
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

AC & SC therapie

A
  1. moeilijkeheden
    - causaal is moeilijk
    - weinig spieren die te versterken vallen
  2. algemene functionele oefentherapie
    - trainen op werpen, trekken & werpen
    - vermijden van compressie = horizontale adductie vb: benchpress
    - vermijden van tractie = horizontale abductie
    - alles onder pijngrens
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

type schouder prothese

A
  1. anatomische prothese = humeruskop blijft convex
    - weten dat RC nog goede functie heeft
    –> vooral supraspinatus
    - onder 60-
  2. omgekeerde prothese = humeruskop wordt concaaf
    - degeneratieve schouder
    - massieve cuff scheur = 70+
    - artrotische schouder met ernstige beperking
    - 90% van de prothesen
  3. aangepaste biomechanica
    - as van rotatie wordt gemedialiseerd
    - deltoideus heeft betere hefboom
    - positieve gevolgen naar functie & pijn
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
16
Q

orthopedisch: omartrose

A
  1. orthopedische evaluatie
    - letsel = degeneratief
    - natuurlijk herstel = geen herstel
    - chirurgie = eerst conservatief
  2. chirurgie
    - techniek = anatomische schouder prothese
    - toegangsweg = open = deltopectorale toegangsweg
    - herstel = resectie
  3. subscapularis in de weg
    - doorsnijden = weke delen herstel
    - aftrekken van oorsprong = weke delen op bot herstel
    - tuberculum minus osteotomie = bot herstel
17
Q

orthopedisch RC-artropathe

A
  1. orthopedische evaluatie
    - letsel = degeneratief
    - natuurlijk herstel = geen herstel mogelijk
    - chirurgie = falen conservatief
  2. chirurgie
    - techniek = omgekeerde schouder prothese
    - toegangsweg = open
    - deltopectoraal
    - deltoid split
    - herstel = weke delen op bot & resectie
18
Q

onderzoek schouderprothese

A
  1. klinische bevindingen
    - immobilisatie afh van arts & toestand
    –> met sling 0-6w
    - beperkt actief & passief BFO = nooit doorduwen op weerstand die patiënt spontaan ontwikkeld
    - geen weerstands BFO
  2. TO = CI
    - toegevoegd onderzoek = contra-indicatie
    - niks nodig of toegestaan
19
Q

revalidatie anatomische prothese

A
  1. algemeen
    - risico op stijfheid & loslating subscapularis
    –> wordt doorgesneden & opnieuw gehecht
    - beperking = geen exorotatie 30+° voor 6w
    - activatie RC
  2. vroege fase = 0-6w
    - immobilisatie verplicht = geen actieve bewegingen
    –> vooral exorotatie & abductie voor hectingen RC
    - passieve angulaire mobilisatie onder afweerspanning
    –> soms volledige immobilisatie
  3. tussenfase = 6-12w
    - actieve oefeningen = herstel ROM & kracht
    - start RC = eerst isometrisch
    - ROM beperkingen = abductie & exorotatie langzaam opbouwen
  4. late fase = 12+w
    - kracht training
    - functionele training
20
Q

revalidatie omgekeerde prothese

A
  1. algemeen
    - risico op luxatie
    - beperking = geen rotaties 30+° voor 6w
    - activatie deltoid = RC vaak alreeds beschadigd
  2. vroege fase = 0-6w
    - binnen pijngrens
    - actief geassisteerde bewegingen ≈ RC-scheur
    - passieve angulaire mobilisatie onder afweerspanning
    - isometrische activatie deltoideus = alle 3 de delen
  3. tussenfase = 6-12w
    - snellere progressie
    - actieve oefeningen vooral rotaties
    - kracht deltoideus
    - passieve angulaire mobilisatie indien nog nodig
  4. late fase = 12+w
    - ROM langer beperkt dan kracht
    - herstel ROM functionele bewegignen vaak niet mogelijk
    - voldoende ADL = duwen, trekken & reiken
    - kracht deltoideus
21
Q

extra aandacht vroege fase omgekeerde prothese

A
  1. stabiliteit
    - activatie deltoid & scapulaire stabilisatoren
    - stabiliteit schouder garanderen
  2. cryotherapie
    - pijn & zwelling
    - 10-12min
    - 5x per dag
    - min 1u tussen
  3. andere
    - actieve ROM distaal elleboog
    - thoracoscapulaire oefeningen
    - CPM eventueel
22
Q

algemeen schouderfracturen

A
  1. richtlijnen
    - afh van type, ernst & bijkomende pathologie
    - actief & passief BFO beperkt mogelijk = onder afweerspanning
    - weerstand BFO = CI
  2. therapie
    - 2-8w immobilisatie
    - actief geassisteerde oefeningen = herstel ADL
    - voorzichtig met rotaties
23
Q

specifiek schouderfracturen

A
  1. corpus of spina scapulae
    - 2-6w sling immobilisatie
    - gevolg door passieve en actief-geassisteerde oefentherapie
    - herwinnen mobiliteit
    - 4-8w = tonificatie spieren
    –> beginnen isometrisch
  2. tuberculum majus
    - 2-4w sling immobilisatie
    - gevolg door actief-geassisteerde elevatie
    - exorotatie enkel indien abductie vlot gaat
  3. abductie fractuur collum humeri
    - na 2w pendel oef in sling
    - na 4w geassiteerde oef
    - na 6w rotatie toevoegen zonder weerstand
24
Q

specifiek humerus fracturen

A
  1. humerusdiafyse
    - 8w immobilisatie
    - flexie-extensie pendeloefeningen
    - geassisteerd naar elevatie
    - rotatie na 3m
  2. intramedulaire nageling
    - pendelen na enkele dagen
    - na 2w = geassiseerde/actieve mobilisatie
    - na 3w = weerstand voor rotatie
25
Q

orthopedisch: proximale humerus fractuur

A
  1. orthopedische evaluatie
    - letsel = traumatisch
    - natuurlijk herstel = bot
    - chirurgie = instabiele breuk
  2. chirurgie
    - techniek = osteosynthese of prothese
    - toegangsweg = open = deltopectoraal maar er zijn ook andere technieken
    - herstel osteosynthese = bot
    - herstel prothese = resectie
26
Q

evaluatie van stabiele humerusbreuk

A
  1. stabiele breuk
    - glenoid tov. caput
    - tuberculi tov. caput
    - diafyse tov. caput = valgus/varus
  2. therapie stabiele breuk
    - conservatief
    - normaal pijnvrij bewegen mag
    - mag ≠ kan
  3. andere
    - hoeveel stukken verplaast
    - osteoporose = moeilijker fixatie dus sneller prothese
27
Q

ingrepen bij SAPS klachten

A
  1. algemeen
    - resectie storende structuren
    - minder uitvoering = op lange termijn geen verschil in klachten
    - korte immobilisatie & revalidatie
  2. artroscopische decompressie
    - wegshaving van acromion
    - veel klachten door hoge druk subacromiale ruimte
    - chirugie = dak groter maken
  3. AC-resectie
    - na niet werken artroscopische decompressie
    - gewricht wegnemen voor meer ruimte
  4. resectie van supraspinatus calcificaties
    - treden rap op
    - indien deze pijn veroorzaken
28
Q

artroscopische decompressie kine

A
  1. bevindingen
    - na enkele dagen immobilisatie
    - algemene beperking BFO = gevolg van ingreep & immobilisatie
    - onder afweerspanning
    - geen TO
  2. therapie
    - mobilisatie onder 90° vanaf eerste week
    - translaties in LPP graad I & II
    - vanaf week 3 geen restricties ROM
    - functie herstel na 6-12w