Schouder instabiliteit Flashcards

1
Q

types schouder instabiliteit

A
  1. 3 soorten afh van 4 criteria
    - frequentie = eenmalig of diverse epidosed
    - oorzaak = a/traumatisch
    - richting = uni/multidirectioneel
    - ernst = sub/luxatie
    –> echte luxatie moet in ziekenhuis gereduceerd worden
  2. TUBS
    - traumatisch
    - unidirectioneel
    - bankart
    - surgery
  3. AIOS
    - acquired
    - instabiliteit
    - overstress
    - syndroom
  4. AMBRI
    - atraumatisch
    - multidirectioneel
    - bilateraal
    - rehabilitatie
    - inferior
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

TUBS

A
  1. oorzaak
    - val in elevatie
    - arm wilt verder gaan
    - tegen gehouden door acromion
    - hefboom naar ventraal
  2. voorkomen & recidiveren
    - 90% naar anterior-inferior
    - minder recidiveren bij ouder worden = progressief verstijven
    - adolescenten = 100%
    - 18-30j = 67%
    - 30+ = minder dan 10%
  3. risicofactoren voor recidiveren = volgorde
    - leeftijd
    - bony Bankart
    - geen immobilisatie = richtlijn is 10d met sling
    - hoger activiteiten niveau
    - meer pijn & dysfunctie
    - meer angst op luxatie = vragen voor zekerheid inschouder
    - verminderde QoL
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

TUBS reductie

A
  1. reductie = verschillende technieken
    - Kocher = naar positie van luxatie & opnieuw induwen
    - Stimsom = gewicht aan arm
    - Self-reduction = indien recidiverend, handen onder knie & naar achter leunen
  2. recidiverend ivm reductie
    - meer frequent = makkelijker
    - eerste keer = hoge spanning pectoralis werkt tegen
    - nood aan narcose
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

TUBS complicatie

A
  1. structurele schade
    - Bankart = anterior laberocapsulaire schade
    - Bony-Bankart = glenoid
    - Hill-Sachs = indeukingsfractuur posterior
    - biceps of RC-ruptuur
  2. neurogeen
    - musculocutaneus = biceps & laterale zijde onderarm
    - axillaris = deltoideus & rond schouder
    - niet in acute fase = rapporteren tegen arts
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

acute traumatische luxatie

A
  1. onderzoek
    - 2-3w sling
    - actief & passief algemeen beperkt
    - rotaties zijn gecontraïndiceerd
    - afweerspanning
    - weerstandstesen licht beperkt = immobilisatie & angst
    –> spieren in principe niet geraakt
    - geen TO
  2. therapie
    - revalidatie op basis van weefsel = let the tissue heal
    –> geen forcaties
    - contra indicatie 6w exorotatie in 90 abductie
    –> vaak ook houding van luxatie
    - herstal van ADL fucntie na 12w
    - RTS na 12w-6m afh van niveau
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

algemeen tijdlijn TUBS

A
  1. opvolgen van tijdlijn
    - afwijking bij historiek = multiple luxaties = vertraging protocol
    - vroeg mobiliseren is niet noodzakelijk
  2. samenvatting doelstelling
    - herstel neuromusculaire coördinatie
    - herstel ROM
    - herstel kracht
    - verhogen stabiliteit
    - herstel functionaliteit & RTA
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

therapie van TUBS week 1-2

A
  1. week 1 = immobilisatie
    - continu dragen van sling buiten wassen
    - wel licht isometrische contracties
    - knijpkracht oefeningen
    - mobilisatie ellboog = extensie voor contractuur vermijding
    - gebruik van bal = anders gewoon lichaamsgewicht gebruiken
  2. week 2 = lichte & veilige bewegingen
    - nog steeds sling bij ADL & slapen
    - voorzichtige beweging onder pijn/apprehensie grens/90°
    - isometrische contracties
    - actief geassisteerd in gesloten keten onder 90°
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

therapie van TUBS week 3-4

A
  1. week 3 = mobiliteit
    - geen sling
    - geen exorotatie
    - passief angulair maar nog geen exorotaties
    - actief geassiteerd = gesloten keten onder 90
  2. week 4 = functionele oefeningen met restricties
    - actieve exorotatie mag maar niet in abductie of passief
    - gesloten keten
    - moderate load scapulair vlak
    - low load ander vlak
    - open keten = geassisteerd met compressie door Fz of theraband
    - gebruik van wobble-board & bosu-ballen
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

therapie van TUBS week 5-6

A
  1. week 5-6
    - gesloten keten = moderate load in alle vlakken
    - actieve rotaties
    - dynamische RC training max 60% 1RM
    - mate bepaald door patënt = pijn
  2. gesloten W-V oefening
    - met theraband = exorotatoren activeren
    –> meest gevoelig aan inhibitie
    - elevatie = W-V
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

therapie van TUBS week 6-12

A
  1. week 6-12
    - alle mogelijke houding
    - dynamisch boven 60% 1RM
    - progressief werken naar finale houding = abductie + 90° exorotatie
    –> actief mag maar passief niet
  2. week 12+
    - geen restricties
    - mobiliteit nog beperkt = translatie + mobilisatie
    - anterior translatie humerus kop voorkomen = dorsale translatie geven
    - manueel of met theraband
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

chronische instabiliteit na TUBS

A
  1. klinische bevindingen
    - gevoel van instabiliteit
    - frequente SUBluxaties
    - SAPS-symptomen
    - geen beperkte bewegingen
    –> enkel exorotatie beperkt door afweerspanning
    - weerstands testen mogelijk verzwakte naar exo- en endorotatie
  2. toegevoegde testen
    - SAPS-testen positief
    - provocatie testen = apprehensie-relocatie-release
    –> pijn & instabiliteit
    - laxiteit = weinig zinvol
    –> klachten zullen eerder door Bankart-letsel zijn
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

therapie van chronische instabiliteit

A
  1. symptoom-uitlokkende houding
    - ventrale translatie
    - abnormale positie van scapula
    - vooral tijdens elevatie bewegingen
  2. directe symptoom reductie
    - manuele dorsale translatie
    - schouder actief naar achter duwen
    - exorotatoren activeren door theraband
    - vaak trail & error vb: posterior delt aanspannen kan helpen
    –> niet goed geweten waarom
  3. noden analyze
    - dynamische oefening
    - functioneel voor bewegingen
  4. maximale krachttraining van rotator cuff
  5. indien recidiverende luxaties = operatief
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

stabilisatieprocedure

A
  1. ingrepen
    - Latarjet = bot x bot = korter herstel
    - Bankart = labrum x bot = langer herstel
  2. keuze
    - afh van leeftijd, schade & activiteiten
    - meer Latarjet = goede stabiliteit maar onduidelijk lange termijn
    - post-op gelijkaardig maar Laterjet sneller = enkele weken
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

indicatie stabilisatieprocedure

A
  1. diagnose van letsels
    - Bankart = echo
    - Hill-Sachs = arthro-CT of MRI
  2. indicatie
    - recurrente dislocaties
    - acuut eerst conservatief behandelen
    - sporters onder 30j met 2 luxaties per jaar = meteen operatief
  3. populaties
    - contact/elitesporters
    - jonger patiënt met structureel letsel
    - geassocieerde KB of peesletsels
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

orthopedisch: Bankart

A
  1. letsel
    - traumatisch
    - atraumatisch door laxiteit is zeldzaam
  2. natuurlijk herstel
    - weke delen op bot
    - niet-anatomisch herstel = op foute locatie herstellen
    - hoge kans recividiveren door slechte vorm kom
  3. chirurgie keuze
    - chirurgie = eerst conservatief
    - blijvende chronische stabiliteit dan ja
  4. chirurgie
    - techniek = Bankart herstel
    - toegangsweg = artroscopisch
    - herstel = weke delen op bot
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
16
Q

orthopedisch: Hillsachs

A
  1. letsel
    - traumatisch
    - atraumatisch door laxiteit is zeldzaam
  2. natuurlijk herstel
    - bot
    - weeral niet-anatomisch herstel
    - bot herstel te laag
    - hogere kans voor recivieren als Bankart
    –> zowel labrum als bot in foute positie
  3. chirurgie
    - chirurgie = chronische instabiliteit
    - techniek = Latarjet
    - toegang = open
  4. herstel
    - bot = snellere revaldiatie maar open chirurgie
    - deltopectoraal = tussen 2 spieren
    - door subclavicus pees
    - stuk bot afzagen
17
Q

post-op stabilisatieprocedure onderzoek

A
  1. bevindingen
    - beperkt BFO door immobilisatie
    - exorotatie tegenaangeduid
    - weerstand toegestaan = beperkt door pijninhibitie
  2. TO CI
18
Q

fase 1 stabilisatie procedure

A

0-6w

  1. doelen
    - bescherming herstellende structuren
    - pijn & inflammatoire respons minimaliseren
    - ROM herstellen
    - scapulaire controle bewaren
  2. indicaties passief angulair
    - in veilige zone = scapulair vlak
    - 135° elevatie
    - 20° exorotatie in ruststand
  3. indicaties actief
    - low load gesloten keten oefeningen
    - actief geassiteerde oefeningen elevatie
  4. contra-indicaties
    - geen exorotatie tot 45°
    - geen exorotatie in 90° abductie
19
Q

fase 2 stabilisatie procedure

A

6-12w

  1. doelen
    - ROM normaliseren
    - kracht & uithouding met ROM beperkingen rotaties
    - neuromusculaire coödrinatie & stabilisatie training
  2. indicaties
    - passief angulair tot normale ROM
    - open & gesloten keten oef
  3. contra-indicaties
    - strectch anterior schouder structuren
    - high-load-geslotenketen = pushup
    - openketen met hoge belasting anterior structuren = bench-press
20
Q

fase 3 stabilisatie procedure

A

12-24w

  1. doelen
    - toename kracht
    - toename belasting anterior structuren tijdens oefening
    - herstel ADL & RTS
  2. indicaties
    - explosieve kracht
    - werpen
    - plyometrisch
  3. contra-indicaties = geen hoge belasting indien ADL geen hoge belasting nodig heeft
21
Q

AIOS letsel

A
  1. voorkomen
    - frequent werpen & slaan = late cocking position
    - anterior structuren worden laxer
    - goed voor perfomance
    - slecht voor stabiliteit = excessieve exorotatie & anterior translatie
    - microtraumata & rotator cuff tendinopathie
  2. klinische bevindingen
    - sportgerelateerde klachten = niet ADL
    - BFO negatief
    - TO noodzakelijk
22
Q

AIOS toegevoegd onderzoek

A
  1. toegevoegd onderzoek
    - sportspecifieke provocatietesten
    - SAPS-positief
    - provocatie voor stabiliteit positief
    - tendinopathie RC = quicktests positief
    - laxiteits testen indien Breigton 4+/9
  2. werpbeweging
    - dysbalans van endorotatoren > exorotatoren
    –> optimaal is exorotatie 66-75% tov. endorotatie
    - screening voor sportspecifieke adaptatie = kracht RC & ROM rotationeel meten
23
Q

therapie van AIOS

A
  1. glenohumerale stabilisatie training
    - in abductie-exorotatie
    - spiercontrole voor overmatige anterior translatie te vermijden
    - humeruskop posterior houden tijsens functionele bewegingen
  2. andere
    - krachttraining RC & scapula
    - verhogen van belastbaarheid = sportspecifieke oefeningen voor preventie
    - integratie kinetische keten voor sport
  3. voorbeelden kinetische keten
    - tenisser = unipodaal
    - zwemmen = op buik
    - turner = gesloten keten
24
Q

AMBRI

A
  1. algemeen
    - inferior richting
    - secundair in anterior of posterior
    - geen trauma = geen structurele schade
  2. oorzaak
    - te groot capsulair volume of overmatige laxiteit
    - congenitale laxiteit
    - sporten = dansers, gymnastiek & zwemmers
25
Q

psychosociaal AMBRI

A
  1. algemeen
    - pyscho-sociale & emotionele context
    –> meer luxaties bij moeilijke periodes
    - 13-19 jarige meisjes
  2. factoren
    - niet goed in vel voelen
    - anorexia
    - vechtscheiding
    - chronsiche ziekte (in naaste omgeving)
    - pesten op school
26
Q

bevindingen bij AMBRI

A
  1. bevindingen
    - erg vaak klikken
    - verhoogde ROM vooral voor exorotatie
    –> passieve exorotatie 90°+ = teken hyperlaxiteit
    - algemene verzwakking van weerstands onderzoek
  2. voluntaire subluxatie
    - 1-2x laten uitvoering
    - observatie van richting & mimiek
    - indien pijnlijk = goed want dan is luxatie nog enige mate beperkt
    - meerdere keren vermijden
  3. toegevoegd onderzoek
    - posterior subluxation = horizontale abductie met druk naar dorsaal
    –> rond scapulare vlak verspringt schouder
    - inferior laxiteit = positief sulcus sign bij longitudinale tractie
    - anterior laxiteit = load&shift
    - provocatie testen = vaak niet uitvoeren omwege risico subluxatie
    - Breighton score 4/9+
27
Q

therapie van AMBRI

A

= geen chirurgie

  1. setting van deltoideus
    - humerus kop hangt teveel naar beden
    - deltoideus leren aanspannen
  2. gesloten keten oefeningen in progressie
    - focus pars posterior delotideus
    - progressie = rubix cube met aan elke kant 3 variabelen voor progressie
    - klein beetje progressie/regressie = 1 variabele veranderen
28
Q

variabelen van progressie

A
  1. load
    - low load = geen gewicht
    - moderate load = geen volledig gewicht
    - high load = volledig lichaamsgewicht
  2. vlak
    - frontaal, scapulair & sagitaal
    - starten in meest veilig
    - antero-inferior stabiliteit = best in sagitaal
    - posterior-inferior = best in frontaal
  3. modaliteit
    - statisch
    - onstabiel opp
    - dynamisch