13. Postpartumbloeding-4T's Flashcards

1
Q

Wat is een ernstige complicatie in het 3de stadium van de bevalling?

A

Pp-haemorragie

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Wat is de placentaire circulatie bij à terme ZWS?

Risico?

A

600 ml/min

Mogelijkheid tot alarmerend snel blv

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Wat is een belangrijke oorzaak van maternele morbiditeit en mortaliteit?

A

Postpartum haemorragie

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Hoeveel % van de maternele sterfte is door een PPH? Wereldwijd en in België?

A

Wereldwijd: 25%
België: 3-10%

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Wanneer spreken we van een PPH?

A
  • Excessief bloedverlies (+500ml na VB of +1l na SC)
  • Afkomstig uit genitale tractus
  • Op elk moment vanaf geboorte tot einde puerperium
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Welke definitie van PPH hanteert ACOG?

A

+1l bloedverlies
OF
symptomen van hypovolemie < 24u

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Hoe kunnen we PPH onderverdelen op vlak van tijd?

A

Binnen de 24u: primaire haemorragie
Na 24u: secundaire of puerperale haemorragie

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Wanneer spreek je van een ernstige PPH?

A

+1l

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

Welke 4 oorzaken kan een PPH hebben?

A
  1. Tonus
  2. Tissue
  3. Trauma
  4. Thrombine

4T’s

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

Geef enkele belangrijke principes bij een ernstige PPH.

A
  • Kwantificeren blv
  • Proactief werken
  • Vitale parameters monitoren
  • Labo prikken
  • Protocol volgen
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

Wat moet er in een noodkit voor PPH?

A
  • FLOWCHART
  • INFUUS materiaal
  • Bloedtubes
  • Laboformulier
  • Medicatie : schema uterotonica en EXACYL®
  • Blaassonde (debietmeter)
  • O2 ballon
  • Bakri ballon
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

Wat is dit? Hoe werkt het?

A

Bakri-ballon: inhoud 500ml
→ gevuld met water
→ geeft druk op uteruswand

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

Wat is dit? Waarvoor dient het?

A

Bairhugger

Warmtebehoud

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

Wat is de beste parameter om de ernst van een PPH in te schatten?

Hoeveel is ernstig?

A

Fibrinogeen
< 200g/dl

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

Welke extra risico’s brengt een PPH met zich mee?

A
  • Hypocalciëmie
  • Hyperkaliëmie
  • Warmteverlies
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
16
Q

Hoeveel bloed heeft een persoon gemiddeld? En zwanger?

A

Normaal: 70ml/kg
Zwanger: 80-100ml/kg

Kritisch zijn! Mager/obees?

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
17
Q

Waar is de frequentste oorzaak voor een PPH? Hoe vaak?

A

Tonus → baarmoederatonie
70-80% van alle PPH

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
18
Q

Wat zijn mogelijke oorzaken voor een PPH door atonie?

A
  • Overrekte uterus (PH, meerling, macrosomie, grande multipara)
  • Uitputting uterusspier (snel,traag, tocolytica, grande multipara)
  • Intra-amniotische infectie (koorts, langdurig gebroken vliezen)
  • Veranderingen van de uterus (myomen, afwijking, praevia)
  • Overvolle blaas
  • Excessieve anesthesie of analgesie
  • Behandeling MgSO4
  • Gebruik van tocolytica
  • PPH in anamnese
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
19
Q

Welke symptomen bij baarmoederatonie?

A
  • Uterus week en slap
  • Bloedverlies start enkele minuten na geboorte baby
  • Bloed stroomt niet continu, maar in golven
  • Na massage of toedienen uterotonicum, uterus niet of maar heel traag hard
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
20
Q

Wat is het beleid bij een atonie?

A
  • Massage uterus
  • Dien medicatie toe (Plaats infuus, indien nog niet aanwezig, neem bloedstaal voor kruisproef indien nog niet gebeurd)
  • Zorg voor een lege blaas
  • Eventueel ijs op buik
  • Handgreep van Crédé (afbeelding)
  • Externe bimanuele compressie
  • Toedienen zuurstof 8l/min
  • Ballonkatheter vb Bakri
  • Blijf contractiliteit controleren
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
21
Q

Atonie

Wat doe je bij dreigende hypovolemische shock?

A
  • O2 toedienen (8l/min)
  • Trendlenburg
  • Manuele aortacompressie
  • Handgreep Hamilton (afbeelding)
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
22
Q

Atonie

Wat doe je als de bloeding onder controle is?

A

Uteriene contractie behouden → Syntocinon

Daarna regelmatig controle blv en fh!

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
23
Q

Wie mag je niet vergeten tijdens een PPH?

A

Partner!

Geruststellen!

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
24
Q

Wat als er indicaties zijn voor een uterusatonie?

A

Profylactisch toedienen medicatie

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
25
Q

Welke medicatie kan je toedienen bij atonie?

A
  • Syntocinon
  • Exacyl
  • Methergin
  • Cytotec
  • Prostin
  • Pabal
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
26
Q

Welk effect heeft Syntocinon?

Dosis?

A
  • ritmische contracties,
  • werkt IM na 2-4 min en IV binnen 1 minuut
  • Duur werking : IM ½ tot 1u, IV korter
  • Bijwerkingen zelden : hoofdpijn, misselijkheid, hypotensie, aritmie

10 IE om de 20’ max 3x na elkaar

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
27
Q

Hoe wordt syntocinon geëlimineerd?

A

Stoelgang/urine

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
28
Q

Wat is Methergin? Wanneer gebruik je het?

A

Methylergometrine

→ als synto niet doeltreffend is

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
29
Q

Welk effect heeft Methergin? Dosis?

A
  • 1 ampul van 0,2mg/ml
  • Constante samentrekking
  • Na IM 2-4 min voor ½-1uur, na IV binnen de minuut en kortere werkingsduur
  • Veel bijwerkingen!!! Hoofdpijn, hypertensie, duizelig, pijn borststreek, hypotensie, misselijkheid, braken, zelden convulsies, remt de aanmaak van prolactine!!!
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
30
Q

Hoe wordt Methergin geëlimineerd?

A

Stoelgang/urine

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
31
Q

Wat zijn contra-indicaties voor Methergin?

A
  • Hoge RR
  • PE
  • Vaatziekten
  • Sepsis
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
32
Q

Bespreek Cytotec. Dosis? Bijwerkingen? CI?

A

Misoprostol
- Beter alternatief dan Methergin® als 2e keuze
* Dosis : SL 400 microgram(2 tabletten)/ R 600-800 microgram (dus 3 tot 4 tabletten)
* R iets langzamer, maar betere opname bij hypovolemische shock
* Resorptie snel en volledig
* Op VS arts!
* Bijwerkingen frequent diarree, koorts en rillingen
* Contra indicaties : overgevoeligheid prostaglandines

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
33
Q

Bespreek Pabal. Dosis? Bijwerkingen? CI?

A
  • Dosis : 1 ampul van 100 microgram/ml
  • Vaak na sectio
  • Bijwerkingen : misselijkheid, buikpijn, jeuk, opvliegers, lage RR, hoofdpijn, beverigheid,…
  • Contra-indicaties : PE, epilepsie
  • In de koelkast!
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
34
Q

Welke soorten achtergebleven weefsels kunnen een PPH veroorzaken?

A
  • Placenta
  • Stolsels
  • Vliezen
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
35
Q

Hoe noem je een achtergebleven placenta? Wanneer spreek je daarvan?

A

Retentio placentae

Na +1u nog geen loszittende placenta

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
36
Q

Wat zijn mogelijkse oorzaken van een placentarest?

A
  • Atonie
  • spasme
  • Placenta-anomalieën (vb klein aanhechtingsvlak of littekenweefsel in OUS)
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
37
Q

Wat is het beleid bij een placentarest?

A
  • atonie → behandelen
  • Daarna losmaken placenta, door:
    → Massage uterus
    → Manuele expressie en gecontroleerde navelstrengtractie!
    → Tel Aviv Manoeuvre
    → Manuele revisie indien nodig
38
Q

Wat is het Tel Aviv Manoeuvre?

A

Opspuiten 20 IE synto in 20 ml NaCl in navelstreng

39
Q

Wanneer kies je voor een manuele verwijdering? Mag je dit doen als VV?

A

Na 1 u geen placenta of vroeger bij ruim blv.

Je mag dit doen ALS:
- Geen arts aanwezig is
- Risico op overlijden door overmatig blv

40
Q

Wanneer is een EA een optie voor een manuele verwijdering?

41
Q

Wat is een voor-en nadeel van algemene narcose voor manuele afhaling?

A

Voordeel: geen pijn, maakt het niet bewust mee
Nadeel: ↑ kans op nabloedingen

42
Q

Wat is de VV haar taak bij een manuele afhaling?

A
  • Materiaal klaarzetten
  • Verwit gynaecoloog en anesth
  • Infuus + bloedname
  • Toedienen ocytocica indien nodig en geen arts!
  • Observeer parameters vrouw
  • Doe steriele handschoenen aan en leg steriele doeken over vrouw
  • Desinfecteer opnieuw zoals voor bevalling!

Nadien:
* Onderzoek placenta op volledigheid
* Controleer vitale parameters
* Dien oxytocica toe indien nodig

43
Q

Wat is het beleid bij een retentie van de vliezen?

A

Revisie in het OK en AB

44
Q

Wanneer zien we het vaakst achtergebleven vliezen?

A

Bij een amnionitis

45
Q

Hoe kan je traumatische oorzaken voor PPH opdelen?

A
  1. Laceraties van cervix, vagina of perineum
  2. Uitscheuring litteken sectio
  3. Uterusruptuur
  4. Inversio uteri
46
Q

Welke spontane oorzaken zijn er bij een cervixruptuur?

A
  • Cxoedeem
  • Hypertonie
  • Placenta praevia
47
Q

Welke traumatische oorzaken zijn er bij een cervixruptuur?

A
  • Kunstverlossing
  • Te vroeg persen
  • Manuele dilatatie (+/- randje wegmasseren!)
  • Voet- of stuitextractie
48
Q

Geef enkele symptomen voor een cervixruptuur

A
  • Helder rood vaginaal bloedverlies
  • Treedt op vanaf de geboorte kind
  • Gaat door ondanks contractie baarmoeder
49
Q

Wat is het beleid bij een cervixruptuur?

A
  • Druk/tampon
  • Hechten na evaluatie
50
Q

Hoe kun je de vaginale rupturen onderverdelen?

A
  • Fornix
  • Middelste gedeelte
  • Voorste gedeelte
51
Q

Geef enkele mogelijke oorzaken voor vaginale rupturen.

A
  • Kunstverlossingen
  • Relatieve CPD
  • Occipito posterior plaatsing
52
Q

Op welke plaatsen zie je meerstal een vaginale ruptuur?

A

ZOALS EEN KLOK

4-5u
7-8u

53
Q

Geef enkele symptomen voor een vaginale ruptuur

A
  • Helder rood vaginaal bloedverlies
  • Treedt op vanaf de geboorte kind
  • Gaat door ondanks contractie baarmoeder
54
Q

Wat is het beleid bij een vaginale ruptuur?

A
  • Druk/tampon
  • Hechten na evaluatie
55
Q

Hoe verschilt het bloedverlies tussen een cervixruptuur en een atonie?

A

Cxruptuur: blv meteen na geboorte, continu (daarnaast is uterus hard)

Atonie: blv na enkele minuten omdat uterus eerst vol bloed loopt, in golven (uterus slap)

56
Q

Wat zijn mogelijke oorzaken voor perineumruptuur?

A
  • Macrosomie
  • Kunstverlossingen
  • Stortbevallingen
57
Q

Wat is het beleid bij een perineumruptuur?

A
  • Graad inspecteren
  • Hechten
58
Q

Welke graden van perineumruptuur?

A
  1. Huid + subcutis
  2. Voorgaande + spieren
  3. Voorgaande + externe en interne anale sfincter
  4. Voorgaande + anaal epitheel
59
Q

Wat is de definitie van uterusruptuur? Hoe vaak komt het voor?

Bij wie zien we het meest en het minst?

A

Overrekkingsruptuur van uterus (1/2000 – 1/3000)

Uterusruptuur komt bijna nooit voor bij primipara en meestal bij vrouwen met littekenuterus.

60
Q

Wat is de maternele sterfte bij uterusruptuur?

61
Q

Wat is de foetale sterfte bij uterusruptuur?

62
Q

Noem mogelijke oorzaken van uterusruptuur.

A
  • Littekenuterus
  • Liggingsafwijkingen
  • CPD
  • Hydrocefalie
  • Ongecontroleerd oxytocine gebruik
  • Hoge pariteit
63
Q

Wat zijn symptomen van een dreigende uterusruptuur?

A
  • Niet duidelijk
  • **Wijziging contractiepatroon
  • Foetale nood**
  • Hypovolemische shock
  • Loss of station (geen voorliggend deel meer dat aandrukt)
  • Oedemateuze zwelling cx
  • OUS is pijnlijk bij aanraking
  • Contractiering Bandl stijgt en hoger dan normaal
  • Sterke contracties zonder progressie
  • Vaak erytrocyten in urine
  • Druk om te plassen
  • Abnormaal vaginaal bloedverlies
64
Q

Wat zijn symptomen van een eigenlijke ruptuur?

DD?

A
  • Hevige pijn
  • Weeënstop
  • Shock
  • Inwendige bloeding

Abruptio placentae!

65
Q

Welke preventieve maatregelen neem je om een uterusruptuur te voorkomen?

A
  • Waarschuwingssignalen tijdig herkennen
  • Gecontroleerd gebruik ocytocica
  • Vermijden extreme fundusdruk
  • Vrouw met littekenuterus slechts half uur laten meepersen
  • Zo veel mogelijk incisie uterus voorkomen
66
Q

Wat is het beleid bij een uterusruptuur?

A
  • Kordaat optreden!!
  • Alles in gereedheid brengen voor laparatomie:
    → Verwittigen gynaecoloog, pediater, anesthesist
    → Verwittigen OP
    → Plaatsen infuus, indien nog niet
    → Bloedstaal voor eventuele kruisproef
  • Prioritair: kind verlossen. Dan: haemostase
67
Q

Welke soort ingreep is vaak noodzakelijk bij een uterusruptuur?

A

Hysterectomie.

68
Q

Wat wordt afgeraden voor een vrouw die een geschiedenis heeft met uterusruptuur?

A

Een volgende zws

Hoge mortaliteitscijfers!

69
Q

Wat is een uterusinversie? Welke soorten?

A

Indeuking van de uterus

  • Onvolledig
  • Volledig
70
Q

Wat zijn mogelijke oorzaken van een uterusinversie?

A
  • Druk fundus en/of tractie aan navelstreng of placenta
  • Baarmoederatonie
  • Breed uitstaande gedilateerde cx
71
Q

Wat is meestal de oorzaak van een uterusinversie?

A

Verkeerde leiding van 3de fase van de baring

Haast nooit spontaan!

72
Q

Wat moet je vermijden om een uterusinversie te voorkomen?

A
  • Fundusdruk voor geboorte placenta
  • Vrouw vragen om mee te drukken voor placenta zonder controle of fundus hard is
  • Trekken aan navelstreng voor placentaloslating
  • Trekken aan placenta voor placenta volledig is losgekliefd bij manuele placenta verwijdering
73
Q

Wat zijn de symptomen van een uterusinversie?

A
  • Hevig bloedverlies
  • Pijn
  • Shock
  • Buitengekeerde uterus/placenta is zichtbaar
74
Q

Wat is het beleid bij een uterusinversie?

A
  • Verwittig gynaecoloog
  • Behandeling shock
  • Gynaecoloog: repositionering
  • Soms via laparatomie
75
Q

Hoeveel procent van de PPH is vanwege stollingsstoornissen?

76
Q

Wanneer ga je stollingsstoornissen overwegen bij een PPH?

A

Alle voorgaande T’s blijken niet van toepassing te zijn

77
Q

Wat is het voornaamste doel bij een PPH vanwege stollingsstoornis?

A

Shock vermijden

78
Q

Hoe kan een stollingsstoornis ontstaan in de ZWS?

A

Overactivatie coagulatiesysteem doordat tromboplastisch materiaal vanuit placenta in moederlijke circulatie komt

79
Q

Welke medicatie raadt de WHO aan bij een PPH?

A

Tranexaminezuur - TXA
→ Vermindert de bloeding door inhibitie van de enzymatische afbraak van fibrine en fibrinogeen door plasmine

80
Q

Bespreek de dosis van TXA bij PPH.

A
  • 1g zo snel mogelijk bij klinische PPH
  • Toedienen over 10 min
  • Te herhalen na 30 min bij persisterende bloeding
  • Te herhalen bij bloeding binnen de 24u
  • Max 4g/24u
81
Q

Geef enkele preventieve maatregelen om PPH te voorkomen.

A
  • Voer risicoschatting uit
  • Verhoogd risico: poging streven normaal Hb
  • Actief beleid nageboortetijdperk.
  • Vroeg afnavelen (= binnen 3 min.)
  • Direct controle placenta en perineum
  • Laat cliënt niet afkoelen!
  • Monitor vitale parameters zorgvuldig
82
Q

Welke algemene acties ga je doen bij vermoeden PPH?

A
  1. Vroegtijdig herkennen en handelen
  2. Vragen HULP als je alleen bent
  3. Plaats infuus
  4. Masseer uterus
  5. Ledig blaas
  6. Vitale parameters
  7. Inschatten oorzaak PPH
  8. Arts van je bevindingen op de hoogte brengen
  9. Indien nodig: O2 en trendlenburg!
83
Q

Geef enkele complicaties van PPH.

A
  • Anemie
  • Bloedtransfusie
  • Hysterectomie
  • Nier- of leverfalen
  • Ev. mortaliteit
84
Q

Wat is dit?

A

Placenta succenturiata

85
Q

Wat is dit?

A

Placenta bipartita/duplex

86
Q

Wat is dit?

A

Placenta circumvallata

87
Q

Wat is dit?

A

Velamenteuse insertie van de NS

88
Q

Wat is een normale lengte van NS? Maximaal?

A

55cm

Extreem: tot 3m

89
Q

Hoe noem je het als er geen NS is?

90
Q

Hoe kan de insertie zijn van de NS?

A
  • Centraal
  • Lateraal
  • Marginaal
  • Velamenteus (zelden)
91
Q

Hoeveel van de kinderen zijn omstrengeld?

92
Q

Hoeveel % heeft maar 1 vene en arterie?

Wat zien we bij deze groep?

A

1%

20-40% ervan hartafwijking, 15-20% ervan IUGR