hfs 14 Flashcards
1
Q
psychomotorische retardatie
A
langzaam bewegen en spreken
2
Q
neurochemie en depressie
A
gaat gepaard met abnormale levels van:
- neurotransmitters
- noradrenaline
- serotonine
- dopamine
3
Q
2 theorieën neurtransmitters en depressie
A
- te veel neurotransmitters
- te weinig neurotransmitters
4
Q
te veel neurotransmitters
A
receptoren minder gevoelig voor boodschappers
5
Q
te weinig neurotransmitters
A
axonen reageren hierop door minder af te geven
6
Q
tekort serotonine
A
zorgt voor vaste gedachtes, cirkel-denken
7
Q
tekort noradrenaline
A
psychomotorische retardatie
8
Q
tekort dopamine
A
disfunctie van het “pleaure system” in brein
9
Q
gebieden hersenen die rol spelen in depressie
A
- ACC -> negatieve emoties
- amygdala -> angst
- prefrontale cortex -> reageert te sterk
10
Q
genen en depressie
A
uit onderzoek is gebleken dat er een genetische component is
11
Q
endocrinologie
A
- te laag gehalte van thyroïd hormoon -> meer kans op depressie
- vrouwen fluctueren meer in hormoon level en zijn dus gevoeliger voor depressie
12
Q
A