Theme 5 Flashcards
afnemen
to decline
Het aantal banen neemt af.
Mijn nek deed gisteren ontzettend zeer, maar de pijn in nu een beetje afgenomen.
arbeidsmarkt
de
labor market
Met een goede opleiding heb je meer kansen op de arbeidsmarkt.
cultuur
de
culture
daarentegen
on other hand, however
Alex houdt erg van muziek. Zora vindt muziek daarentegen helemaal niet interessant.
economisch
economic
Op economisch gebied gaat het goed met het land. Veel bedrijven geven nu loonsverhoging.
handel
de
market
Zora werkt al haar hele leven in de handel.
Mijn buurman heeft een baan in de handel. Hij verkoopt tweedehands boeken.
horeca
de
food service industry
ICT
Intra-Community Transaction
kampen met
suffer from
Ik kamp met gezondheidsproblemen.
Een coach helpt als iemand met persoonlijke problemen kampt.
logistiek
de
logisitic
sector
de
sector
verbinden
to connect
Als u het wachtwoord invult, kunt u uw tv met het internet verbinden.
verdeling
de
division, partition
Mijn vrouw en ik hebben een goede verdeling in het huishouden: ik doe de boodschappen en zij maakt schoon.
*crisis
de
crisis
Een crisis is slecht voor een land, want veel mensen verliezen dan hun baan.
*daardoor
because of that
Mijn bankrekening is geblokkeerd. Daardoor kan ik niet inloggen.
*ervaren
to experience
Hoe heb jij je studie ervaren?
Heb je het zelf ervaren of heb je het alleen gehoord?
Ik heb de reis als heel prettig ervaren.
Ik ervaar dat de meeste Nederlanders behulpzaam zijn.
*ondernemer
de
entrepreneur
Hij is nu zelf ondernemer en werkt niet meer voor een baas.
Als ondernemer moet je loon betalen aan je werknemers.
Wilt u een eigen bedrijf starten? Kom naar onze informatiedag voor nieuwe ondernemers.
*pakket
het
package, parcel
Hij heeft de pakketten in het busje gelegd.
Wij hebben uw pakket bij de buren bezorgd, omdat u niet thuis was.
Ik wacht op een pakket van mijn moeder.
*stijgen
increase, expand, rise
Steeds meer mensen zijn depressief. Ook het aantal mensen met vermoeidheid stijgt.
*tekort (aan)
het
shortage, tightness
Ik heb een tekort aan geld.
Er is een tekort aan medisch personeel in de ziekenhuizen.
Ik heb een tekort aan vitamine B.
Door een tekort aan geschikte werknemers, hebben we veel vacatures.
*transport
het
transport
Ricardo heeft een grote kast gekocht en de winkel regelt het transport naar zijn huis.
Het transport van producten gaat meestal over de weg.
*gapen
to yawn
gaapte, gegaapt
Nina is al de hele dag aan het gapen
Als Eva moe is, gaapt ze ontzettend veel.
*inpakken
to pack, wrap up
Ik pak het cadeau in.
Heb je alle spullen al ingepakt?
Ahmed koopt een cadeautje en laat het bij de kassa inpakken.
*knuffelen
to hug
De vriendinnen knuffelen elkaar, omdat ze elkaar lang niet hebben gezien.
*masseren
to massage
Laila wordt gemasseerd, omdat ze pijn in haar rug heeft.
*oppompen
to pump
inflating
Ik pomp de fietsband op.
Felix laat de banden van zijn auto oppompen door een automonteur.
*optreden
to perform, to appear
trad op, opgetreden
Ik treed op in het concertgebouw.
Die band is hartstikke populair. Ze treden in heel Europa op.
*schillen
to peel
schielde, geschild
Met wat voor mes schil jij de aardappels het liefst?
Daan schilt de aardappels voordat hij ze kookt.
*tegenhouden
to arrest, retain
Ik houd de vrouw tegen.
Een beveiliger kan mensen tegenhouden bij de ingang van de winkel.
U heeft geen toegang tot dit gebouw. Als u toch naar binnen loopt, houdt de beveiliger u tegen.
*uitdelen
to distribute. give out, hang out
VT: deelde uit
Vd: uitgedeeld
Ik deel snoep uit.
Alle studenten zijn gespannen als de docent de examens uitdeelt.
De leidinggevende deelde de papieren uit, voordat de vergadering begon.
Vorige week heb ik op mijn werk taart uitgedeeld.
*uittrekken
to extract, pull out, take off, explode
VT: trok uit
Vd: getrokken
Ik trek mijn jas uit.
Ik heb mijn trui uitgetrokken, want ik heb het warm.
Ik trek mijn schoenen altijd uit als ik ergens binnenkom.
Thomas trekt zijn eigen broek uit, voordat hij de nieuwe broek past.
*verschonen
to change
Hoe vaak verschoon jij je bed?
De luier van de baby wordt verschoond door zijn vader.
*zwaaien
to wave
bovendien
besides, further more
daarvoor
before, in front of
Ik ga volgende week een elektrische auto kopen. Ik heb daarvoor heel lang gespaard.
ex
ex
Ik ben ex-politieagent.
fysiek
physical
Nahom werkte eerst als adviseur, maar hij wilde liever fysiek werk doen. Nu is hij metselaar.
persoonlijkheid
de
personality
stressbestendig
cool, immune to stress
Wat er ook gebeurt, mijn collega blijft rustig. Hij is heel stressbestendig.
Hij blijft in drukke tijden ook stressbestendig.
vaardigheid
de
ability, skill, knack
Welke vaardigheden moet je hebben als je accountant wilt worden?
vestiging
de
establishment, foundation
Mijn sportschool opent volgende week een nieuwe vestiging in een andere stad.
*flexibel
flexible
*gemotiveerd zijn
motivated
Ik ben gemotiveerd om Nederlands te leren.
Zij zijn gemotiveerd om hun rijbewijs te halen.
*kandidaat
de
candidate
Wil jij de volgende kandidaat voor het sollicitatiegesprek roepen?
*magazijn
het
warehouse, storage, magazine
De verkoopster zoekt een andere maat schoenen voor me in het magazijn achter de winkel.
*overtuigen (van)
to persuade, convince
Ik overtuig hem van mijn kwaliteiten.
In een discussie probeer je iemand meestal te overtuigen van jouw mening.
*kwaliteit
de
quality
Mijn zusje heeft mooie kwaliteiten. Ze is altijd vrolijk en grappig.
Ik houd van eerlijke mannen. Welke kwaliteit vind jij belangrijk in een man?
*plannen
to plan
Zullen we voor volgende week een nieuwe afspraak plannen?
We gaan onze vakantie van volgend jaar alvast plannen.
*praktisch
practical
Ben jij graag praktisch bezig of lees je liever een boek?
*toevoegen
to add, fill in
Voegde toe, toegevoegd
Ik voeg zout toe.
Je moet nog een beetje zout aan de soep toevoegen.
Vergeet je niet bij je brief ook je cv toe te voegen?
*uitstekend
excellent
Mijn baas vindt dat ik uitstekend kan plannen.
*voorkomen
to occur, to happen, appear
Rood haar komt niet vaak voor.
Het is jammer dat er weinig tropische vogels in Nederland voorkomen.
De winters worden warmer. Sneeuw komt niet vaak meer voor in Nederland.
*zo’n
such, as such
Hij heeft zo’n mooie stem als hij zingt
Hij heeft niet zo’n zin om mee te gaan.
ingewikkeled
complex
aanspreken
to appeal to sentiment, appealing
Deze functie spreekt mij erg aan.
De taal en cultuur van Spanje spreken mij erg aan.
belangstelling
de
interest
Als je belangstelling voor de aanbieding hebt, kun je een bericht sturen.
betreft
as regards
Dit bericht betreft alle medewerkers van het bedrijf.
Betreft: uw aanvraag voor een huurwoning.
bijlage
de
attachment
U kunt meer lezen over het onderzoek in de bijlage.
kortom
in short
Kortom, ik heb een drukke week gehad.
We hebben vandaag opgeruimd, schoongemaakt en geschilderd. Kortom, we hebben veel uitgevoerd.
motivatie
de
cause, motive
motivation
Ik heb weinig motivatie om naar de sportschool te gaan.
sterke punten
strong points
ten eerste…ten tweede
First, second…
Ten eerste houd ik van contact met mensen. Ten tweede werk ik graag buiten
toelichten
explain, make sth clear
lichte toe
toegelicht
Ik licht mijn cv graag toe in een gesprek.
Tijdens de vergadering zal ik een aantal mededelingen kort toelichten.
zowel…als…
both…and…
Ik houd zowel van de zomer als van de winter.
als gevolg van
in accordance with, as a result of
Ik kan niet op reis als gevolg van mijn ziekte.
Als gevolg van de crisis is er veel werkloosheid.
druk
de
distress
adj
busty, active
Lisa voelt de druk om hard te studeren.
Voel jij ook de druk van familie om met iemand te trouwen?
echter
although, yet, stil, anyway
Olga heeft een auto gekocht. Ze heeft echter nog geen rijbewijs.
Daan komt morgen. Ik kan echter niet, want ik moet naar het ziekenhuis.
effect
het
Het effect van veel roken is slechte longen.
invloed hebben op
influence, affect
Lawaai heeft invloed op mijn concentratie.
De ziekte van mijn vader heeft een grote invloed op mijn leven gehad.
Het weer heeft invloed op mijn gevoel.
media
de
media
ritme
het
rhythm
Ik houd van het ritme van deze muziek.
sociaal
social
Mijn buren zijn heel sociaal. Ze maken altijd een praatje.
bekijken
look at
Morgen gaan we ons nieuwe huis bekijken.
De dokter bekijkt de foto van de patiënt.
enerzijds…anderzijds
on the one hand…on the other hand
Enerzijds ben ik moe, anderzijds wil ik nog niet naar bed.
Enerzijds wil ik graag studeren, anderzijds vind ik een studie ook wel zwaar.
Enerzijds vind ik mensen gezellig. Anderzijds ben ik graag alleen.
nauwkeurig
accurate, exact, precise
Een accountant moet heel nauwkeurig kunnen werken.
Je moet je examen nauwkeurig nakijken.
onder andere (o.a)
among other things
Ik luister onder andere naar Franse muziek.
In de zomer gaan we graag naar het zuiden, o.a. naar Frankrijk en Spanje.
Ik ben gek op sport, o.a. op voetbal en tennis.
opslaan
save
Ik sla het bestand op.
Waar heb je die bestanden opgeslagen?
Ik ben vergeten die e-mail op te slaan.
rechtstreeks
straight, direct
Na mijn werk ga ik niet naar huis maar rechtstreeks naar de Nederlandse les.
Je moet rechtstreeks uit school naar huis komen.
Na mijn werk ga ik rechtstreeks naar de sportschool.
tempo
het
tempo
De docent spreekt op een fijn tempo. Ik kan haar goed begrijpen.
Wat fiets je in een hoog tempo. Je gaat voor mij veel te hard.
wijze
de
method
Je moet op deze wijze je belastingbrief invullen.
Op welke wijze moet je met kinderen praten?
*afsluiten
to turn off
Sloot af
Afgesloten
Ik sluit de computer af.
We hebben de vergadering met een drankje afgesloten .
Jij bent als laatste aanwezig vandaag. Wil jij de winkel afsluiten als je naar huis gaat?
*automatisch
automatic
Mijn abonnement wordt automatisch betaald. Ik hoef zelf niets te doen.
*inhoud
de
content
Heb jij de inhoud van die brief gelezen?
Je mag me de inhoud van die film niet vertellen. Ik wil hem zelf zien.
*met de hand
manual, manually, by hand
Ik was mijn kleren met de hand.
Alex heeft die tas met de hand gemaakt.
*ondertekenen
to sign
Gisteren hebben wij het contract ondertekend.
Je moet je sollicitatiebrief ondertekenen voordat je hem opstuurt.
*receptie
de
reception
Marisol werkt bij de receptie in een hotel.
De medewerker van de receptie lacht vriendelijk naar me.
Je kunt de sleutel halen bij de receptie.
*secretaresse
de
secretary
Mijn moeder werkte als secretaresse.
*tussendoor
in between
Ik moet morgen werken, maar ik kan je tussendoor even bellen.
Wil jij tussendoor even boodschappen doen?
Ik heb vanmorgen en vanmiddag les. Tussendoor ga ik even bij een vriend op bezoek.
*verleden
het
past
In het verleden was Jing accountant
Hung ging in het verleden vaak fietsen. Nu doet hij het niet meer.
*verschrikkelijk
awful, terrible
Een vriend van mij heeft een verschrikkelijk ongeluk gehad.
Het is hier verschrikkelijk koud.
De oma van Nahom is gisteren overleden. Dat is verschrikkelijk nieuws.
*zich vervelen
be bored, be tired of sth
Verveelde
Verveeld
Ik verveel me.
Ik heb me bij mijn grootouders nooit verveeld. Ik had daar veel vrienden.
De kinderen vervelen zich op hun vrije middag. Ze hebben nergens zin in.
*zeuren
to complain
Zeurde
Gezeurd
Stop met zeuren Wat ben je een ontevreden mens!
De baby heeft de hele dag gezeurd. Misschien heeft hij last van zijn tandjes.
Je hebt een goede gezondheid, een fijn gezin en werk. Waarom ben je dan altijd aan het zeuren?
aangeven
give a sign (indication), to pass, let you know, to tell
Ik geef het aan als ik pijn heb.
Mijn leidinggevende geeft aan dat ik harder moet werken. (Mijn leidinggevende vertelt dat ik harder moet werken.)
De presentator geeft aan dat het tijd is voor de reclame.
bepalen
to set up, to determine, to devise, to coceptualize
Ik bepaal de regels voor het overleg. (Ik bedenk de regels voor het overleg.)
Wil jij graag bepalen wat we gaan doen of zal ik een keuze maken?
door middel van (d.m.v)
by way of
Ik communiceer door middel van e-mails.
De vrachtwagen wordt uitgeladen door middel van een heftruck.
opvallen/ het viel me op dat
be attract attention, to be noticed
Het viel me op dat jullie veel planten hebben.
Het valt me op dat je vaak verdrietig bent.
Ik hoop dat mijn kapotte broek niet opvalt.
Ik hoop dat het niet opvalt dat ik alle koekjes opgegeten heb.
psycholoog
de
psychologist
toekomen aan
manage to
Ik kom niet toe aan de afwas.
Ik kom vaak niet toe aan sporten. (Ik heb vaak geen tijd om te sporten.)
Als je zoveel moet werken, kom je nooit toe aan je hobby’s.
Ik hoop dat ik vandaag aan sporten toekom.
Probeer je nog toe te komen aan die klus? Het is erg belangrijk.
Wij komen op maandag niet toe aan pauze.
vergeleken met
compared to
Ik ben klein vergeleken met mijn zus.
Vergeleken met onze buren maken wij weinig lawaai.
Vergeleken met vorige week valt er veel minder regen.
werkoverdracht
de
work handover
Jing heeft alle informatie opgeschreven in de werkoverdracht.
Een goede werkoverdracht is belangrijk voor het werk.
Tijdens de werkoverdracht let Tim altijd extra goed op.
*(geen) bijzonderheden
particulars
Ik zie geen bijzonderheden.
Zijn er nog bijzonderheden of is alles rustig gebleven?
Ik had alleen een klein probleem met het schoonmaken. Verder zijn er geen bijzonderheden.
*bleek
pale, white
Jasmin ziet zo bleek. Ik denk dat ze ziek is.
*bui
de
mood
Als Kim in een vrolijke bui is, is ze extra gemotiveerd.
Mijn collega was in zo’n vrolijke bui; ik heb hem de hele dag zien lachen.
*duizelig
dizzy
Als je je duizelig voelt, kun je beter even gaan zitten!
*grof
nasty, rough, harsh
Ik wil geen berichten op sociale media meer lezen. Mensen zijn soms zo grof.
Hij praat regelmatig onbeleefd en grof tegen mij.
Praat eens beleefd en niet zo grof!
*in de gaten houden
to spectate, to observe
Ik houd hem in de gaten.
Je moet je kinderen goed in de gaten houden! (Je moet goed op je kinderen letten.)
Houd jij de hond in de gaten? Ik moet even weg.
*meewerken
to co-operate
Ik werk mee aan het project.
Waarom wil je niet aan deze klus meewerken?
Ik wil mijn zoontje helpen met aankleden, maar hij werkt niet mee. Hij loopt steeds weg.
*schoppen (tegen)
to kick
Schopte
Geschopt
Ik schop tegen de tafel.
Wil je niet tegen de deur schoppen? Anders gaat hij misschien kapot.
*steunen (op)
to lean on
Steunde
Gesteund
Ik steun op een stok.
Mijn moeder steunt op haar stok als ze loopt.
Je mag wel op mij steunen als je opstaat, dan val je niet.
*struikelen (over)
to stumble, to trip
Ik struikel over een tak.
Ik ben alweer over jouw tas gestruikeld. Kun je hem de volgende keer ergens anders neerzetten?
*totdat
until
De kinderen spelen buiten totdat hun moeder thuis is. (De kinderen stoppen met buiten spelen als hun moeder weer thuis is.)
We wachten totdat hij zijn dagelijkse taken gedaan heeft.
gedicht
het
poem
gedrag
het
attitude
geduld
het
patience
gehakut
use
mince meat
gebod
use
commandment
gebruik
het
use
gedeelte
het
part
gebak
het
cake
Ik wil lievers…(hele werkwoord)
Ik wil liever iets anders doen
Laat mij maar (…) hele werkwoord
Laat mij maar voor het eten zorgen
Zal ik anders (…) hele werkwoord
Zal ik anders een band regelen
Vergeet je niet (…) te + hele werkwoord
Vergeet je niet halalvlees te kopen
Denk je aan +zelfstandig naamwoord
Denk je aan de vegetriërs
Zin (voorzetsels)
In
enthousiast (voorzetsels)
over
ervaring (voorzetsels)
met
bang (voorzetsels)
voor
trots (voorzetsels)
op
To be proud of
Controle (voorzetsels)
Over
een probleem (voorzetsels)
met
antwoord (voorzetsels)
op
tevreden (voorzetsels)
met
Satisfied
verantwoordelijk (voorzetsels)
met
responsible for
klaar (voorzetsels)
met
behoefte (voorzetsels)
aan
need for
benieuwd (voorzetsels)
naar
curious
verslaafd (voorzetsels)
aan
addicted to
aannemen
to accept, grant, pass
Ik neem de vrouw aan.
We moeten meer mensen aannemen om het werk op tijd af te krijgen.
Zora heeft de baan niet aangenomen.
Vorige maand nam onze manager drie nieuwe medewerkers aan.
daarmee
with that, thereby
Ricardo heeft een nieuwe printer. Daarmee kan hij ook kopiëren.
De baas geeft je een inlogcode. Daarmee heb je toegang tot al onze bestanden.
dat houdt in (dat)
that implies
Dat houdt in dat ik niet kan werken.
Ik ben acteur. Dat houdt in dat ik in films speel.
Ik krijg een nieuwe functie. Dat houdt in dat ik ook een hoger salaris krijg.
degene (degenen)
the one, the one that, the person who
Karlijn is degene met het hoogste salaris.
Mijn vader is degene met de duurste auto.
een…indruk maken (op)
to make an …impression
Ik maak een goede indruk op mijn collega’s.
Felix wil een goede indruk maken op zijn baas. Hij hoopt op een promotie.
Karlijn wil een goede indruk maken op Tim omdat ze verliefd op hem is.
gelden (voor)
to apply (rules), to weigh
De waarschuwing geldt voor iedereen.
De veiligheidsregels gelden voor alle medewerkers.
De korting geldt voor mensen ouder dan 65.
knikken
nod
De presentator knikt. Hij is het eens met zijn collega.
De vrouw knikt met haar hoofd omdat ze het goed vindt.
overkomen
appear to be, seem
Ik kom serieus over.
Ik vond de laatste kandidaat heel gemotiveerd overkomen.
De nieuwe buurvrouw komt heel vriendelijk op mij over.
*aankijken
to look at
Ik kijk jou aan
Ze heeft mij tijdens de vergadering niet aangekeken.
Wil je me aankijken als ik tegen je praat?
*eng
scarly
Ik vind deze film heel eng
Ik vind het eng om in het donker alleen over straat te lopen.
*mopperen
to complain
Gisteren mopperde iedereen over het weer.
Carlos moppert al de hele dag over het slechte weer.
*onderbreken
to break in, butt in, interrupt
Het tv-programma wordt onderbroken voor een speciaal nieuwsbericht.
Tim onderbreekt de voorzitter, omdat hij iets belangrijks wil zeggen.
*organisatie
de
organization
Noor wil een baan bij een grote organisatie.
*toon
de
note, tone
Honden kunnen hoge tonen horen.
*uiterlijk
het
appearance
Voor een tv-presentator is het uiterlijk erg belangrijk.
*uitzetten
to swtich off
Ik zet mijn telefoon uit.
Voordat je naar huis gaat, moet je alle computers uitzetten.
Heb je het koffieapparaat al uitgezet?
Heb je alle computers uitgezet?
*verlegen
shy
Karlijn zegt nooit veel. Ze is een beetje verlegen.
*vermijden
to avoid
Ali gaat vroeg naar huis, want hij wil de files graag vermijden.
Ik heb ruzie met mijn broer, dus ik vermijd hem.
*voorspellen
to forecast, predict
Kun jij het weer voorspellen?
Yusuf voorspelt de uitslag van de wedstrijd.
*zenuwachtig
nervous
Marisol is altijd erg zenuwachtig voor een sollicitatiegesprek.
Mohammed is heel zenuwachtig voor zijn sollicitatiegesprek.
*draad
de
thread, wire, line, string
Om iets te naaien, heb je draad nodig.
*gips
het
plaster
In het ziekenhuis doet de dokter gips om je gebroken been.
*kinderwagen
pram, buggy, baby wagon
In de kinderwagen liggen twee baby’s.
*kist
de
coffin, case, box
De ouders doen het speelgoed in een kist.
*kozijn
het
window-frame, door-frame
De schilder heeft de kozijnen van ons raam blauw geverfd.
*kraam
de
stand, stall, booth
Op de markt staan veel kramen.
*kruk
de
stool, crutch
Ik kan niet op mijn been staan. Ik heb krukken nodig.
*leiding
de
direction, pipe, duct
De loodgieter heeft een leiding gerepareerd.
*make-up
de
make-up
Zora doet elke dag make-up op haar gezicht.
*rookmelder
de
smoke detector
Ik hoor de rookmelder, dus er is brand.
*straatmuzikant
de
street-musician
Ik ga naar een concert van mijn favoriete muzikant.
*tegel
de
flagstone, tile
Nahom legt tegels in zijn tuin omdat hij niet van gras houdt.
de begeleider gehandicaptenzorg
disabled care guide, supervisor
Ben je enthousiast en kun je goed voor mensen zorgen? Word dan begeleider gehandicaptenzorg bij ons.
de beveiliger
security personel
Bedrijven zoals banken hebben vaak beveiligers nodig.
de boekhouder
book keeper
Als je niet goed kunt rekenen, kun je beter geen boekhouder worden.
de glazenwasser
window washer
Doen jullie wel alle ramen dicht voordat de glazenwassers langskomen?
de koerier
courier
De koerier komt uw bestelling vandaag nog brengen.
de loodgieter
plumber
Meneer en mevrouw Kowalski laten een nieuw bad plaatsen door een loodgieter.
de metselaar
bricklayer, stonemason
De metselaar probeert het gat in de muur van het huis te repareren.
de productiemedewerker
production worker
Mijn ouders werken allebei als productiemedewerker in de fabriek in de stad.
de rij-instructeur
driving instructor
De leerlingen van Emine vinden dat ze een goede rij-instructeur is, omdat ze altijd rustig blijft.
de schoonheidsspecialist
beautician
Een schoonheidsspecialist weet veel over de verzorging van je huid.
de serveerster
waitress
Wij zoeken serveersters met ervaring in de horeca.
de stratenmaker
road worker
Volgende week leggen de stratenmakers hier een nieuwe weg aan.