Leçon 27 bis Flashcards
Vivre
Leven
Il y en a qui vivent
Er leven…
La faim
De honger
Le monde
De wereld
La terre
de aarde
Parmi ceux-ci
Daarvan
Mener
Leiden
L’existence
Het bestaan
Pendant
Gedurende
Dernier
Laatste
Le siècle
De eeuw
Moyen
Gemiddeld
La durée de la vie
De levensduur
Monté
Stijgen
Habillé
Gekleed
Généralement
Gewoonlijk
La plupart
De meeste
L’habitant
De bewoner
Le cas
Het geval
Rien d’autre
Niet anders
La lutte
De strijd
Quotidien
Dagelijks
Contre
Tegen
La mort
De dood
Même
Zelfs
Souffrir
Lijden
Habituel
Gewoon
La signification
De betekenis
Recevoir
Krijgen
Chaque
Elk(e)
La racine
De wortel
La nourriture
Het voedsel
Nécessaire
Nodig
Tout ce qui est nécessaire
Alles wat nodig is
La santé
De gezondheid
Mourir
Sterven
Pauvre
Arm
Toutes sortes de
Allerlei
La maladie
De ziekte
La conséquence
Het gevolg