Hoorcollege 9: Osteochondrose Flashcards
osteochondrose
stoornis in de echondrale ossificatie > mis in omvorming van kraakbeen tot bot bij jonge groeiende dieren
ossificatie
verbening
endochondraal
vanuit een kraakbenig voorstadium
Type osteochondrose
Gedeeltelijk genetisch bepaald:
1. JOCC: juvenile osteochondrale conditie
2. DOD: developmental orthopaedic disease
Aandoening is multifactorieel: genetische en omgevingsfactoren spelen een rol (voeding, groeisnelheid, beweging)
Waar speelt de aandoening zich af?
Op 2 verschillende plekken mogelijk:
- gewrichtsvlakte
- epiphysairschijf (groeischijf)
- -> articular-epiphyseal cartilage complex (AECC)
osteochrondosis
chondrose aandoening op zich, komt voor in knie en hak.
osteochondritis
ontstekingsreactie die optreedt t.g.v. osteochondrosis
osteochondrosis dissecans (OCD)
zichtbaar (benig) fragment t.g.v. osteochondrosis
OC
onregelmatige belijning van gewrichtsbelijning (röntgenologisch)
van foetaal tot volwassen gewrichtskraakbeen
lange pijnbeen van een ontwikkelend dier begint als een kraakbenig voorskelet. In het centrum gaat een benig kern ontstaan met bloedvaten > verbening van diafyse. Ditzelfde gebeurt in epifyse. De kraakbeen kop ontwikkelt zich tot een klein kraakbeen laagje met daaronder bot. Een stukje kraakbeen wordt de groeischijf. Als de groei voltooid is, verdwijnt de kraakbeen laag van de groeischijf.
hypertrofische zone
De kraakbeencellen gaan vergroten, als de ossificatie gaat plaatsvinden dan is dit de ossificatie zone. In osteochondrose gaat het hier mis.
Cellen vs. collageen (type 2)
3 zones kraakbeen:
1. superficiale laag
2. middelste laag = cellen liggen kriskras, collageen vezels vormen een bocht eronder
3. diepe laag = kraakbeen cellen liggen in kommetjes, de collageen vezels liggen als een strakke band eronder.
Het onderste gedeelte van gewrichtskraakbeen is al geossificeerd voordat het overgaat naar subchondrale bot –> hier zit het probleem met osteochondrose rondom tidemark
OC en OCD ontstaan in essentie door:
Een lokale verstoring in de differentiatie en saturatie van kraakbeen, of endochondrale ossificatie, met als gevolg retentie van kraakbeen (groeischijf, gewrichtskraakbeen)
–> ontwikkelingsstoornis……….
Stadia osteochondrose
- OC latens = vroeg (subklinisch) stadium - focale chrondronecrose ‘resting zone’ met daarnaast vasculaire necrose (softening kraakbeen)
- OC manifesta = later stadium - lokale stoornis endochrondrale ossificatie en retentie kraakbeen (zichtbare lokale verdikking kraakbeenlaag)
- OC dissecans (OCD) = vorming van kloven in het necrotisch kraakbeen (loslaten onderliggend bot) met vorming van een ‘fragment’
- Subchondrale botcyste = influx synoviale vloeistof in kloven of necrose van losse kraakbeenflap (gewrichtsdragend opp.)
Verstoring endochondrale ossificatie
2 theorieën:
- vasculaire stoornis: ischemie
- stoornis in kraakbeenmetabolisme (collageen type 2)
Pathogenese ‘vasculaire stoornis’
Kraakbeen vat geen bloedvaten tenzij het een foetaal dier is, daar zitten wel kleine bloedvaten in, maar in bepaalde dieren zie je hele grote vaten. Het is de vraag of hier iets mis gaat.
- ischemie/letsel bloedvatwand bloedvaten in kraakbeenkanalen
- experimenteel opgewekt: paard-varken
- bloedvatnetwerk en regressie zijn specifiek per diersoort/per………….
Pathogenese ‘stoornis kraakbeenmetabolisme’
- collageen (ECM): primair aangetast
a. hogere collageenturnover bij osteochondrose
b. verhoging biomarkers opbouw-afbraak collageen in synoviaalvocht
c. crosslinking modificatie - MMP (Matrix-metalloproteinasen) en andere proteolytische enzymen (cathepsine B, D en L) spelen een belangrijke rol
- chondrocytes: hoger metabolisme (clustervorming)
- gevolg: kwetsbaarder kraakbeen (collageen), met mogelijk beschadigingen bloedvatvoorziening
OC(D) ziektebeeld
- Extreem dynamisch proces in het jonge, opgroeiende dier, statisch in het volwassen dier
- ontstaan en weer verdwijnen (herstel) van letsels
- tijdstip van transitie dynamisch > statisch: varieert per gewricht/diersoort
- invloed: genetisch + omgevingsfactoren
Risicofactoren
- omgevingsfactoren
a. biomechanische invloeden: beweging/trauma
b. dysbalans dieet/voer
c. groei, conformatie, hormonaal - genetische invloeden
- -> multifactorieel
Biomechanische invloeden
- beweging/trauma
- predilectieplaatsen
a. voorkeur gewricht- hond: sprong/elleboog/schouder
- paard: sprong/knie/kogel
b. voorkeur locatie in het gewricht
- niet goed: teveel/te weinig/ te laat beweging
Nutritionele/endocrinologische factoren
- grote snelgroeiende rassen
a. energie-opname
b. dysbalans mineralen/spoorelementen (Zn, Cu, Cd, Ca, P) > niet deze mineralen op zichzelf maar in balans met elkaar
Mineralen - spoorelementen
- Calcium/fosfor ratio
- Koperdeficientie (Cu van belang bij collageen crosslinking)
- magnesium deficient
- zinkintoxicatie
- vitaminen
- interacties tussen de verschillende spoorelementen en mineralen.
Genetica osteochondrose
- erfelijkheidsgraad paar: 0,1-0,4 (enorme variatie)
bij KWPN paard is het 0,35 > genetische selectie heeft de afgelopen 20 jaar de graad niet doen veranderen. - ras i.r.t. OC-OCD (paard):
a. wel bij bepaalde rassen: volbloeden, warmbloeden, dravers
b. niet of zelden bij Shetland pony’s, IJslandse paarden - whole genoomscanning (paarden) en bepalen van OC genmarkers
Uitselecteren van dragers
Problematisch:
- OC+ maar niet altijd klinische problemen of röntgen-veranderingen aanwezig
- 2 decennia selectie op OC bij KWPN heeft niet geleid tot vermindering van OC in de populatie
- Op basis van ro veranderingen: geen uitsluiting op all OCD
- En: OCD is multifactorieel!!
Voorkeursgewrichten
- Paard
- Hond = in het kader van dysplasie……..
- Varkens = knie, schouder, elleboog
- Pluimvee = prox. femur/tibia/ribben en wervellichamen
- Herkauwers = dikbilstieren: distale metatarsus
- Mens = knie
Hond OC
- snel groeiende rassen
- kreupelheid 6-12 maanden/>6 yo/OA
- sprong, knie, elleboog en schouder
- in het kader van dysplasie
diagnose OC(D)
- klinisch onderzoek
- RO-onderzoek
- echografisch onderzoek
- CT/MRI-scan (klinisch+experimenteel)
- biomarkers OC(D)
Klinische onderzoek OC(D)
- inspectie - palpatie: gewrichtsvervulling
- beweging: niet kreupel tot stijfheid/kreupelheid
- volksmond: bolspat
Hoe worden patienten aangeboden?
- klinische symptomen + RO-afwijkingen
- Klinische symptomen - RO-afwijkingen
- RO-afwijkingen - klinische symptomen
RO-onderzoek OC(D)
Verschillende vormen: - - - - -
Behandeling
- afhankelijk van leeftijd en uitgebreidheid letsel
- Opties:
a. Conservatief
b. Chirurgisch:- verwijderen fragment (arthroscopie)
- vastzetten kraakbeen fragment
- ‘beenmeugstimulerende technieken/cel-osteochondrale transplantatietechnieken
- (joint replacement)
Resultaten/prognose
- overall: redelijk gunstige prognose, maar wel afhankelijk van …..
- Functioneel
a.
b.
c. - Esthetisch: soms nog blijvende overvulling