Class 1 Flashcards
Mucho gusto
Angenaam
Buenos dias
Goedemorgen
Buenas tardes
Goedemiddag
Good evening
Goedenavond
Buenas noches
Goedenacht
Como te llamas?
Hoe heet jij?
Quien eres?
Wie ben jij?
Mi nombre es Karen
Mijn nam is Karen, Ik ben Karen
Dia
Dag
Lunes
Maandag
Martes
Dinsdag
Miercoles
Woensdag
Jueves
Donderdag
Viernes
Vrijdag
Sabado
Zaturdag
Domingo
Zondag
Es eso correcto?
Klopt dat
Eso es correcto!
Dat klopt
Cansado
Moe
Mal
Slecht
Enfermo
Ziek
Como estas?
Hoe is het? Hoe gaat het
Cuanto?
Hoeveel?
Dificil
moeilijk
Facil
gemakkelijk
De que pais vienes?
Uit welk land kom jij?
Cuanto tiempo has vivido en Belgica?
Hoelang woon jij in Belgie?
He vivido no mucho, 1 año en Belgica
Ik woon nop maar, 1 jaar in Belgie
Francia
Frankrijk
Inglaterra
Engeland
Puerta
Deur
Silla
Stoel
Luna
Maan
Pera
Peer
Importante
Belangrijk