H4 Flashcards
Neonaat
pasgeboren baby
266 dagen na conceptie
hormoon los dat tot geboorte leidt (oxitocine)
3 fasen bevalling
1 ontsluiting
2 uitdrijving baby
3 placenta eruit
episiotomie
knip bij de bevalling
perinatale zorg
medische zorg aan zwangeren en kinderen rondom geboorte
apgar score
standaard meetsysteem gezondheid pasgeborene bepalen a.d.v. factoren
0, 1 of 2 punten
7-10 = normaal 4-7 = misschien behandelen 0-3 = direct behandelen
onderdelen apgar score
huidskleur hartslag reflexen spierspanning ademhaling
anoxia
zuurstofgebrek van paar minuten bij bevalling leidt tot hersenbeschadiging
lanugo
fijn donzig haar baby bij bevalling, verdwijnt daarna snel
contact met baby direct na geboorte
babys moeten gestreeld en gemasseerd worden is goed vor aanmaak chemicaliën in hersenen die groei in werking zetten.
manieren om te bevallen
- thuisbevalling
- kraamhotel
- waterbevalling
- Lamaze-methode (in VS, ontspanningstechniek)
2 soorten ruggeprik bij bevalling
- spinale anesthesie (bij keizersnede)
- epidurale anesthesie (meestal, want onderlichaam werkt nog)
premature baby
baby die minder dan 38 weken na conceptie ter wereld komt
laag geboortegewicht baby
< 2500 gram
groeivertraagde baby
90% of minder weegt van gemiddelde gewicht van kinderen van die leeftijd
respiratory distress syndrome
ernstige longaandoening die ontstaat ten gevolge van onvoldoende rijping van de longblaasjes
baby met zeer laag geboortegewicht
< 1250 gram
of minder dan 30 weken in baarmoeder gezeten (ongeacht gewicht)
levensvatbare leeftijd
24 weken
moment waarop een te vroeg geboren baby kan overleven
postmature baby
2 weken te laat
- bloedtoevoer placenta kan minder worden waardoor hersenen minder bloed krijgen
- bevalling riskanter want grotere baby
weeen zorgen voor … bij baby
- minder ademhalingsproblemen
kunnen baby’s kleuren zien
ja direct na hun geboorte kunnen ze kleuren zien
- blauw en groen vinden ze fijn
operante conditionering
een vorm van leren waarbij een vrijwillige respons verstrkt of verwakt wordt, afhankelijk van de associatie met positieve of negatieve consequenties
gewenning (habituatie)
meest primitieve vorm van leren
afname van de reactie op een stimulus die plaatsvindt na herhaaldelijke presentatie van die stimulus
oriëntatiereactie
presentatie van nieuwe stimulus roept dit op bij baby
baby kan imiteren
- is basis voor sociale interactie later in leven
factoren die sociale interactie stimuleren tussen baby en ouder
baby:
- leert gedrag van ouders en past zich eraan aan
- reageert op manieren die tijdelijk voorspelbaar zijn,