EXAMENKATERN: H2 Flashcards

1
Q

arbeidsdienst

A

soort ongewapende dienstplicht in het land (in nederland vanaf 1940)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

arbeidsinzet

A

de verplichting van mannen van 17 tot 40 jaar om in de duitsand te werken (in nederland vanaf 1942)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

conferentie van münchen

A

bijeenkomst van de regeringsleiders hitler, mussolini, chamberlain en daladier (frankrijk), waarin de laatste twee toestemden in de duitse annexatie van sudetenland in tsjecho-slowakije (1938)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

dawesplan

A

plan met amerikaanse leningen aan duitsland voor economisch herstel (vanaf 1924)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

dolkstootlegende

A

onjuiste complottheorie dat duitsland de eerste wereldoorlog niet had verloren, maar ten onder was gegaan door het verraad van democratische leiders, socialistische arbeiders en soldaten

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

extremist

A

iemand die tot het uiterste gaat

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

machtigingswet

A

noodwet die de nazi’s de absolute macht gaven en democratie van de republiek van weimar beëindigde (23 maart 1933)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

nazificatie

A

de opbouw van de nazidictatuur

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

paramilitair

A

op militair lijkende

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

republiek van weimar

A

duitse democratische republiek (1919-1933)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

rijksdagbrand

A

aangestoken brand van het duitse parlementsgebouw (27 februari 1933)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

verdrag van versailles

A

vredesverdrag waarmee de eerste wereldoorlog werd afgesloten 1919

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

volksgemeinschaft

A

volksgemeenschap

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

blokkade van berlijn

A

afsluiting van west-berlijn door sovjet-unie (1948-1949)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

bondsdag

A

parlement van de BRD

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
16
Q

bondsrepubliek duitsland

A

BRD; west-duitsland vanaf 1949

17
Q

comecon

A

organisatie van communistische landen voor economische samenwerking vanaf 1959

18
Q

DDR

A

duitse democratische republiek; oost-duitsland (1949/1990)

19
Q

heimatvertriebenen

A

uit gebieden ten oosten van het naoorlogse duitsland verdreven duitsers

20
Q

staatssicherheitsdienst

A

oost-duiste dienst voor staatsveiligheid (stasi)

21
Q

trumandoctrine

A

standpunt dat de vs hulp beloven aan landen die door het communisme werden bedreigd (1947)

22
Q

breznjevdoctrine

A

standpunt dat communistische staten moesten ingrijpen als de macht van een communistische partij in een staat werd bedreigd (1968)

23
Q

detente

A

tijd van ontspanning in de koude oorlog (vanaf 1962)

24
Q

glasnost

25
Q

ostpolitik

A

west-duits streven naar een goede relatie met oost-europese landen en de DDR (vanaf 1970)

26
Q

perestrojka

A

verbouwing