12. Ik stuur je wel een SMS-je Flashcards
to put through
doorverbinden
the extension is engaged
het toestel is in gesprek
you were going to call
je zou nog bellen
to sign
tekenen
to approach; to belong
toekomen
to wind up, to round off
afronden
is almost finished
is bijna afgerond
the only thing that
het enige wat
some details
wat gegevens
information, detail
het gegeven
it looks good
het ziet er prima uit
on which
waaraan
table, chart
table
I’ll put those together
ik zal die in elkaar zetten
when I have finished it
als ik het af heb
don’t worry
maak je geen zorgen
if you say so
als jij het zegt
besides, anyways, though
overigens
to not know on top of my head
niet uit mijn hoofd weten
about, around
zo rond
to be busy
druk bezig zijn
roommate
de huisgenoot
to borrow, to lend
lenen
to mow the lawn
het gras maaien
earlier, sooner
eerder
to answer the phone
de telefoon aannemen/opnemen
flight
de vlucht
to pass, to succeed
(voor) slagen
he passed his exam
hij is voor zijn examen geslaagd
did you pull it off?
ben je erin geslaagd?
to fail; to drop
zakken
I failed (exam)
ik ben gezakt
driving licence
het rijbewijs
to eat sweets
snoepen
wig
de pruik
bald
kaal
to be out of breath
buiten adem zijn
to climb the stairs
de trap oplopen
to be stressed
gestresst zijn
lonely
eenzaam
to look up, to find
opzoeken
education
het onderwijs
to take a study programme
een studie volgen
portrait
het portret
island
het eiland
famous
beroemd
thief
de dief
just to shake hand
gewoon een hand geven
to participate in a game (match)
meedoen aan een wedstrijd
to jump for joy (inf.)
een gat in de lucht springen
hole, gap, opening
het gat
stop (or fill) a hole
een gat dichten
we were told to…; we were given orders to…
we kregen opdracht om…
tell me!
vertel eens!
absolutely, you bet
nou en of
talking about
het hebben over
everything and nothing
van alles en nog wat
completely
volkomen
that’s completely true
dat is volkomen juist
you’re making progress
het gaat de goeie kant op
talk to you later
tot horens
it clicked, we hit it off
het klikte
immediately; at the same time
meteen
I’ll tell you in just a second
dat zeg ik je zo meteen
not having to hand immediately
zo gauw niet bij de hand hebben
quick, soon; easily
gauw
he won’t be long now
hij zal nu wel gauw hier zijn
to agree with someone
het eens zijn met iemand
I agree with you
daar ben ik het mee eens
to dislike
een hekel hebben aan
to come across
aantreffen
bus shelter
het bushokje
blanket
de deken
teddy bear
het knuffelbeest
piggy bank
de spaarpot
police force
het politiekorps
piece of information (more formal)
de inlichting
to appear, to turn out
blijken
missing
vermist
middle
midden
to pick up
ophalen
window
het raam
door
de deur
wall
de muur
corner
de hoek
mirror
de spiegel
jug (cro. bokal)
de kan
water jug (cro. bokal za vodu)
de waterkan
bowl
de kom
washing bowl
de waskom
coat hook
de kapstok
meeting
de vergadering
lasted a long time
duurde lang
annual report
het jaarverslag
to collect
verzamelen
published
gepubliceerd
shelf
de plank
can you reach the top shelf?
kun je bij de bovenste plank?
to refer
verwijzen
ghost
het spook
to trust in
vertrouwen op
intuition
de intuitie
to spend on
besteden aan
appearance, looks (2)
het uiterlijk, het voorkomen
these days
tegenwoordig
just in case
voor de zekerheid
just for fun
voor de lol
in case of…
voor het geval dat…
at least (3)
althans, tenminste, minstens
to be honest
om eerlijk te zeggen
the very smallest
allerkleinste
once you’ve got…
als je dan eenmaal een … hebt
to get used to
wennen aan
I’m used to it
ik ben al gewend
you get used to it quickly
wen je er gauw aan
compared to
vergeleken met
to compare
vergelijken, vergelijkbaar zijn
peers
leeftijdgenoten
you just have to keep going; there is no end to it
je blift aan de gang