Parkinson Flashcards

1
Q

parkinson

A

Parkinson is een progressieve en neurodegeneratieve ziekte​

-> Gekenmerkt door motorische en niet motorische symptomen

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

pathogenese

A

Neurodegeneratie= dopaminerge neuronen degeneren in de substantia nigra –> tekort aan dopamine –> complexe motorische activiteiten worden bemoeilijkt. ​

  • Excitotoxiciteit= toxisch effect op de cel door overmatig stimulatie van NMDA-R door overmatig glutamaat ->te veel [Ca2+] ->grote vraag naar ATP -> mitochondria vorming ROS en cytochroom C -> apoptose neuronen (neurodegeneratie)​
  • Oxidatieve stress= overmatige vorming ROS -> enzymen verzadigd -> niet alle ROS wegvangen -> ROS zorgen voor celdood ​
  • Eiwitaggregatie= proces waarbij verkeerd gevouwen eiwitten aggregeren (misfolding) -> misfolding van alfa-synucleïne door mutatie erin-> ophoping –> ontstaan ROS, lyse & neuroinflammatie
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

gnm bijwerkingen

A

Dyskinesiën: (onvoorspelbare beweging) komt door te hoge dopamine-activiteit –> bij langdurig gebruik van levodopa ontstaat een hogere gevoeligheid van de D1 en D2 receptoren in de hersenen voor fluctuaties in DA-spiegels​

Wearing-off: als de vorige dosering begint uit te werken –> klachten van Parkinson komen terug​

Responsfluctuaties: “on” is als medicatie werkt, “off” als dat niet zo is (laatste vooral verder in ziekte onvoorspelbaar)​

Verminderde opname door autonome stoornissen door Parkinson

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Levodopa + decarboxylaseremmer
(Levodopa/carbidopa​)

A

​Levodopa wordt omgezet in DA. Door carbidopa gebeurt dit niet perifeer

bijw
Lange termijn: Dyskinesie, wearing off en responsfluctuaties​
Korte termijn: hyperkinesie

Carbidopa kan niet door BHB​

Opname wordt beïnvloed door eiwitten, maaglediging, obstipatie

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Dopamine-agonisten
(Pramipexol, ropinirol, apomorfine)

pramipexol(D2, perifeer D3) , ropinirole (D2 en perifeer D3), apomorfine (D1 en D2)

A

Stimuleren D2 en D3 in striatum. Hierdoor minder tremor en rigiditeit

bijw
Problemen met impulsbeheersing door D3 stimulatie in NA, dopamine withdrawl syndroom, psychische bijwerkingen (versterkt niet-motorische symptomen. Vooral hallucinaties, niet perse verwardheid, en alleen bij hoge dosering)

Na langere tijd minder effect en meer bijwerkingen ​
Relatief meer reductie off-tijd
Werken langer dan levodopa
Toepasbaarheid minder dan levodopa vanwege de bijwerking van impulscontrole

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

MAO-B-remmers
(Selegine, rasagiline, safinamide)

A

Remmen selectief en irreversibel MAO B enzym, waardoor er minder DA wordt afgebroken. Werkt minder perifeer dan centraal

Zelfde als levodopa, maar GEEN dyskinesie​
Verwardheid/hallucinaties (ook bij normale dosering)

Relatieve contra-indicatie bij SSRIs (ondanks selectiviteit), Versterkt bijwerkingen van levodopa.​

Niet bij cognitieve stoornissen, omdat het kan zorgen voor hallucinaties

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

COMT-remmers
(Entacapon)

A

Remt de omzetting van levodopa tot 3-methoxy-4-hydroxy-L-fenylalanine. –> meer levodopa beschikbaar voor transport over BBB

dyskinesieën, misselijkheid en roodbruine verkleuring van de urine.

Meest risico op bijwerkingen van levodopa

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Parasympaticolytica
(Biperideen, trihexyfenidyl)

A

Verlaagt de Ach concentratie -> herstelt het DA – Ach evenwicht

Centraal + perifeer: droge mond, hoofdpijn, obstipatie, wazig zien, urineretentie, etc.

NIET bij ouderen: verslechtering cognitieve functie en korte termijn geheugen (APOEε4 allel), verwarring en hallucinaties

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

NMDA-antagonisten
(Amantidine)

A

Vertraging van de dopamineheropname in de presynaptische zenuwuiteinden, Bevordering van de vrijmaking van endogeen dopamine uit de zenuwuiteinden​
Anticholinerg

bijw
Hallucinaties,​
Slapeloos​
livedo reticularis, oedeem, hypotensie, palpitaties

Vooral bij vroeg stadium werkzaam​
Vermindert levodopa-geïnduceerde dyskinesiën​
Terughoudend zijn bij ouderen, vanwege de hallucinaties

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

NOVO patienten

A

Novo patiënt met ziekteverschijnselen die kwaliteit van leven beïnvloeden: levodopa​

Met geringe ziekteverschijnselen die kwaliteit van leven NIET beïnvloeden: levodopa, MAO-B remmer of een dopamine-agonist.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

Evidence

A

Evidence levodopa: robuust symptomatisch effect, met name op de motorische beperkingen, met weinig bijwerkingen. Het zorgt voor afname in de morbiditeit en zelfs mortaliteit. ​

Evidence levodopa-sparende: geen voorkeur voor de MAO-B remmer of dopamine-agonist

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

anticholinergica evidence
(biperideen, trihexyfenidyl)

A

anticholinergica zijn effectief op tremor maar negatief effect op cholinerge innervatie cortex -> geheugenverlies/ minder aandacht
-> onvoldoende evidence voor dominante tremor
Aanbeveling: voorschrijven voor een rusttremor bij relatief jonge en op cognitief gebied goed functionerende patiënten met de ziekte van Parkinson.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

behandeling bij bijwerkingen

A

Responsfluctiaties: ​

Doseerschema levodopa aanpassen (frequenter doseren)​

Overweeg dopamine-agonisten, COMT-remmers of MAO-B-remmers als adjuvante behandeling van beginnende responsfluctuaties bij patiënten met de ziekte van Parkinson. ​

Dyskinesieën: ​

Doseerschema levodopa aanpassen (verlagen dosis)​

Overweeg amantadine in hogere doses (tot 400 mg/dag) voor de behandeling van dyskinesieën bij patiënten met de ziekte van Parkinson.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

behandeling depressie bij ZvP

A

SSRI +
kan bewegingsstoornis verergeren -> 5HT kan zorgen voor minder DA afgifte
is toepasbaar bij ouderen
!geen fluox ivm lang t1/2
SSRI kunnen voor EPS zorgen

TCA +
niet toepasbaar bij ouderen
anticholinerge bijwerking —> geen effect op de tremor zelf en opletten bij doses

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

behandeling psychotische symptomen bij ZvP

A

Clozapine +
erger bewegingsstoor -
anticholinerge bijw dus opletten bij ouderen

Quetiapine -
ergere bewegingsstoor -
kan bij ouderen (wel sedatie)

Overige antipsychotica -
ergere bewegingsstoor +
niet bij ouderen

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
16
Q

progressieve ziekte

A

-> Progressie van de ziekte -> meer dopamine nodig voor zelfde effect doordat steeds meer dopamine producerende neuronen afsterven (minder omzetting, minder respons en minder opslagcapaciteit). Alleen de top van de piek zorgt dan dus nog voor effect, maar dit zit ook gebonden met een veel kleinere therapeutische breedte.
-> Ook in het plaatje zichtbaar: je hebt vaak pas symptomen als dyskinesieën later in de ziekte; zie ze dus niet als bijwerking, maar als gevolg van de ziekte en verminderde opslagcapaciteit.
-> Idee is als je patiënt laat mogelijk levodopa geeft om ook de responsfluctuaties uit te stellen. Dan dus eerst bv dopamine-agonist.

17
Q

Effectivciteit DA agonisten, MAo b remmers en Comtremmers

A

effectief in verminderen off-tijd en verbeteren motorische functies

18
Q

evidence behandelen DA agonisten

A

korte termijn effectief
lange termijn onvoldoende onderzocht

19
Q

evidence behandeling COMT remmers

A

effectief icm levodopa, vooral bij voorspelbare off-fases + kunnen frequentie levodopa doseringen verminderen

bijw verkleuring urine/ diarree overwegen

20
Q

evidence behandeling MAO-b remmer

A

Selegiline en rasagiline zijn effectief bij gevorderde Parkinson
safinamide vertoont ook verbeteringen in de kwaliteit van leven

bijw hallucinaties en verwardheid overwegen vooral bij ouderen

21
Q

behandeling peak dose dyskinesie

A

amantadine kan effectief zijn, maar mogelijk psychosen / nierfunctiestoornis dus voorzichtig

22
Q

behandelen loop/ balans stoornis

A

rivastigmine kan enig effect hebben op balans maar bijwerkingen dus niet echt routinematig voorschrijven

Als ook cognitieve stoornis kan rivastigmine van waarde zijn -> gunstig effect aandacht en cognitie

23
Q

transdermale toediening

A

heeft minder pieken en dus minder bijwerkingen als maagklachten bijv