Week 11 VO, ZO Flashcards
Waar wordt naar gekeken bij neurologisch onderzoek?
- Hogere cerebrale functies: begrijpt het kind opdrachten, taalbegrip, naar naam luisteren;
- Hersenzenuwen: scheel kijken, symmetrie gezicht (n. facialis), hoort het kind goed en dergelijke;
- Motoriek: speelgoed geven als ze nog geen opdrachten begrijpen, dingen pakken, handfunctie, pincetfunctie, symmetrie in beweging (de definitieve voorkeur is pas rond groep drie gemaakt);
- Reflexen;
- Sensibiliteit (kriebelen/knijpen);
- Coördinatie.
- psychomotorische ontwikkeling
Wat zijn de reflexen per leeftijdsperiode
Overzicht van primitieve reflexen in bepaalde tijdsperiodes
Welke mijlpale tot 3 maanden?
* 2-6 weken lachen
* 4-8 weken fixeren, volgen en oogcontact
* 2-3 maanden reactie op geluid
* zoek-zuigreflex
* asymmetrische tonische nekreflex
* moro-reflex
* grijpreflexen
* opstap-loopreflex
* galant
3-6 maanden
* 3 maanden: grijpen
* 6 maanden: overpakken
* 5-6 maanden: omrollen
* 4-6 maanden: tractierespons
* axiale-verticale suspensie
6-9 maanden
* 6-7 maanden: privoteren
* 7-8 maanden: los zitten
* 7-8 maanden: tijgeren
* 9 maanden: zelfstandig tot zit komen
* plaatsingsreactie
* parachutereactie
9-12 maanden
* 10 maanden: kruipen
* 10-12 maanden: optrekken tot staan
* 12-18 maanden: loslopen
* 12 maanden: pincetgreep
Wat is temperament en vanaf welke leeftijd? Hoe wordt dit ingedeeld?
Temperament
- gedragsstijl die onafhankelijk is van de omgeving. Op een leeftijd van vier maanden is dit al zichtbaar door te kijken hoe verschillende baby’s op dezelfde stimulus reageren.
indeling: Moeilijk, Makkelijk,
Slow-to-warm-up
Wat is hechting? wat bepaald kwaliteit van hecting?
- biologisch proces dat onvrijwillig is
- ouder kind interactie en evt stress/trauma’s bepalen kwaliteit
- objectpermannentie is van belang om zo langere scheiding van ouder te verdragen
Welke types hechting zijn er? Hoevaak komen ze voor?
Type A onveilig vermijdend gehecht 20%
Type B Veilig gehecht 70%
Type C onveilig ambivalent gehecth 10%
Type D is in combinatie mat A, B of C en is gedesorganiseerd gehecht bij 15% van alle kinderen -> pathologisch
Zo’n 70% van de kinderen is veilig gehecht (type B), 20% is onveilig vermijdend gehecht (type A) en 10% is onveilig ambivalent gehecht (type C). Geen van deze types hoeft pathologisch te zijn. Ongeveer 15% van deze kinderen is gedesorganiseerd gehecht (type D) en kan gedrag uit alle bovenstaande groepen vertonen. Dit is wel pathologisch -> vaak door inconsequent gedrag van de ouders (boosheid vs lief zijn in dezelfde situatie
Hoe wordt gehechtheid test? waar wordt op gescoord?
TEKEN PLAATJE TENTAMEN
op basis van 3 dingen:
- vreemde omgeving
- aanwezigheid van vreemde
- verlaten en hereninging van ouder
score obv:
zoeken van nabijheid, onderhouden van contact, afweer en vermijdend gedrag bij de hereniging met de ouder na separatie.
Hoe wordt sociaal emotionele ontwikkeling gescoord?
Sociaal-economische ontwikkeling volgens Erikson -> TENTAMEN
Leeftijd Ontwikkeling
0-2 jaar Basaal vertrouwen vs basaal wantrouwen in jezelf en anderen
2-3 jaar Autonomie vs schaamte en twijfel, die helpen de grenzen te vinden en het kind bewust te maken van het feit dat het een autonoom mens is
4-6 jaar Initiatief vs schuldgevoel, die laten experimenteren of juist tegenhouden om dingen uit te proberen
6-12 jaar Vlijt (trouw, gehoorzaamheid en punctualiteit) vs minderwaardigheid en inlevingsvermogen; kinderen ontdekken wat de maatschappij van hen verwacht
12-20 jaar Identiteit vs rolverwarring, waardoor jongeren hun plek in de wereld opzoeken
Wat is de ziekte van Huntington?
- incidentie
- overerving
- oorzaak
- symptomen
- 1;12.000
- autosomaal dominant met expansie Van vader op kind expandeert de repeat meer dan van moeder op kind. Bij fragiele-X is dit andersom
(wordt erger met de leeftijd) - CAG repeats
-Meest kenmerkend voor de ziekte van Huntington zijn ongewilde bewegingen (chorea) door een stoornis in de aansturing van de spieren. Dit kan ook leiden tot verstarring of verstijving. Andere lichamelijke klachten kunnen ontstaan op het gebied van spreken, slikken en de balans.
incidentie psychomotorische ontwikkelingsachterstand? oorzaken?
- 1-3% van de bevolking
oorzaken - perinatale asfyxie
- erfelijke en congenitale afwijkingen
50% van de gevallen idiopatisch
Wat is de screening voor kinder ziekten?
hielprik
welke syndromen uiten zich op latere leeftijd?
- Angelman syndroom;
- Rett syndroom;
- Prader-Willi syndroom.
welke assen zijn er en wanneer is de ontwikkeling van ledematen?
Ontwikkeling van week 4 en 8 van ledematen
1. Proximo-distale as (bij de arm van schouder naar vinger);
1. Dorso-ventrale as (rug van de hand naar de handpalm);
1. Antero-posterior as (van duim naar pink).
Welke patronen zijn er langs de 3 ontwikkelingsassen?
Patroonvorming langs de drie assen
Tbx-4 en Tbx-5 zijn genen die de identiteit en positie van de ledematen bepalen:
1. Tbx-4 zorgt voor groei van de achterpoot/been;
1. Tbx-5 zorgt voor groei van de voorpoot/arm.
Waarom is apoptose van belang voor de ledematen?
apoptose onder invloed van FGF zorgt voor seperatie van vaingers en tenen
Wat zijn veelvoorkomende complicaties van Down syndroom
- recidiverende bovenste luchtweginfecties, oorinfecties
- Taal en spraak achterstand
- Osas/slaapproblemen
- gehoorproblemen
- hypothyreoïdie/slechter immuunsysteem
Wat zijn facomatosen? Wat is er vaak sprake van?
Aangeboren afwijkingen waarbij meerdere orgaansystemen zijn aangedaan waarvan minimaal huid en zenuwstelsel, ookwel neurocutane aandoeningen genoemd.
vaak sprake van hamartomen (vanuit kiemcellen)
Wat zijn de 3 belangrijkste neurocutane aandoeningen?
- Neurofibromatose type 1 (ziekte van Recklinghausen);
- Tubereuze sclerose complex;
- Sturge-Weber syndroom.
Wat zijn de symptomen van neurofibromatose type 1
- Multipele café au lait maculae (>6);
- Neurofibromen;
- Freckling (sproetjes) in oksels en liezen;
- ‘Lisch’ noduli in de iris, dit zijn hamartomen in de iris;
- Opticusglioom, brughoektumor en in de tumor perifere zenuw (schwannoom of plexiform neurofibroom);
- Kleine gestalte en groot hoofd;
- Botafwijkingen (scoliose, botdysplasie);
- Subnormale intelligentie.
Wat zijn de symptomen van tubereuze sclerose complex?
- Huidafwijkingen (bladvormige hypopigmentaties, angiofibromen in het gelaat, subunguale fibromen, peau de chagrin);
- Afwijkingen van de hersenen (subependymale heterotypieën, vaak verkalkt, corticale tubers- hamartomen-, reuscelastrocytoom);
- Hartafwijkingen (rhabdomyoom);
- Nierafwijkingen (angiomyolipoom, cysten);
- Oogafwijkingen (hamartoom van de retina).
Wat zijn de symptomen van Sturge weber syndroom
- Wijnvlek halfzijdig in het gelaat;
- Hemangioomvorming in het oog met als gevolg glaucoom;
- Meestal unilaterale leptomeningeale vaatconvoluten die calcificeren;
- Als gevolg daarvan: epilepsie, hemiparese, retardatie en cerebrale (hemi)atrofie.