2. Emoties Flashcards
Genetic-maturational view:
emoties zijn de producten van biologische factoren (nature) → bewijs voor deze theorie dmv twin studies
Learning perspective:
ouders helpen hun kinderen om emoties te hanteren en begrijpen door alleen bepaalde gedragingen te belonen
Functionalist perspective:
emoties zijn er om onze persoonlijke doelen te bereiken, om ons aan te passen aan onze omgeving en om sociale relaties te behouden
Basis emoties:
blijdschap, interesse, verrast, angst, verdriet en afschuw zijn universeelin mensen en andere primaten en kunnen afgeleid worden van gezichtsuitdrukkingen → komen al vrijwel vanaf de geboorte voor (biologisch)
Self-conscious emotions:
de tweede laag emoties na de basisemoties zoals: schaamte, trots, schuldgevoel, nijd → komen het eerst voor aan het eind v/h 2 jaar
Vanaf ……. vertonen baby’s imitatiegedrag.
de geboorte
Dynamic systems perspective:
kinderen coördineren gescheiden vaardigheden in meer efficiëntere systemen terwijl het centrale zenuwstelsel zich ontwikkelt en de doelen en ervaringen van een kind veranderen → opgraduele wijze worden emoties duidelijke,goed georganiseerde signalen
Emotional contagion
(vanaf geboorte): baby’s bespeuren de emoties van anderen
Social referencing
(begint bij 8-10 maanden): het checken van de emoties van anderen waardoor jonge kinderen leren hoe ze zich in twijfelachtige en alledaagse situaties moeten gedragen
Operant conditioneren:
het stimuleren van positieve emoties en het afwijzen van negatieve emoties
Ontwikkeling van het begrijpen van emoties: Welke leeftijd?
baby’s worden gevoelig voor de structuur en timing van face-to-face interacties. Wanneer baby’s nu glimlachen, verwachten ze dat er door iemand anders terug gelachen wordt → ze worden zich steeds meer bewust van de grote omvang emoties
4 maanden
Ontwikkeling van het begrijpen van emoties:
Welke leeftijd?
baby’s zien gezichtsuitdrukkingen als georganiseerde patronen en kunnen ze de emotie in iemands stem matchen met het gepaste gezicht van een sprekend persoon
5 maanden
kinderen kunnen de oorzaken van basisemoties begrijpen. Ook willen kinderen van deze leeftijd de negatieve emoties van anderen weghalen (door bijv. te knuffelen)
Ontwikkeling van het begrijpen van emoties: 4/5 jaar:
kinderen begrijpen dat mensen meerdere emoties tegelijk kunnen voelen, dat ze positief of negatief kunnen zijn en dat emoties kunnen verschillen in intensiteit
Ontwikkeling van het begrijpen van emoties: 8/9 jaar:
Empathie
(ontstaat rond de 2 jaar): het vermogen om verschillende emoties te bespeuren, om iemands perspectief in te nemen en om met die persoon mee te voelen (of op dezelfde emotionele manier reageren) → kan wel leiden tot personal distress
Sympathie:
het begrijpen van iemand anders zijn emoties en gevoelens van zorg, verdriet of begrip voor diegene hebben
Competent emotional expressive:
Emotional competence:
je ervaart vaker positieve dan negatieve emoties
Competent emotional knowledge:
Emotional competence:
je begrijpt emoties en waarom anderen zich zo voelen als ze zich voelen (empathie)
Competent emotional regulation:
Emotional competence:
zelfregulatie
Social competence:
het behouden van positieve relaties met anderen en het bereiken van persoonlijke doelen. Voor het hebben van social competence is het hebben emotional competence cruciaal
Zelfregulatie:
de strategieën die we gebruiken om onze emotionele staat aan te passenaan een comfortabel niveau of juist aan een bepaalde intensiteit om onze doelen te bereiken = het hebben van controle over je emoties → hangt af v/d mate van effortful control
Effortful control:
weerspiegelt de mate waarin een kind aandacht heeft, niet snel afgeleid is en kan plannen. Bij een hoge mate van effortful control ben je meer empathisch en minder agressief.
De veranderingen in zelfregulatie:Baby’s:
weinig zelfregulatie, moet nog ontwikkeld wordenInvloeden:
- taal → dmv taal kun je als kind je emoties reguleren (‘Mama bang’)
- stress → kinderen die veel stress ervaren hebben minder zelfregulatie
De veranderingen in zelfregulatie: Jonge kinderen:
2 jaar: kinderen kunnen over hun emoties praten en proberen ze te besturen
3/4 jaar: kinderen hebben een aantal zelfregulatie strategieën ontwikkeld, bijv. ogen/oren dicht doen, tegen zichzelf praten, andere doelen opstellenInvloeden:
- ouders → helpen kinderen om emoties te begrijpen en besturen door een voorbeeld te geven - negatieve emoties → kinderen die vaak negatieve emoties ervaren zullen minder zelfregulatie hebben
De veranderingen in zelfregulatie: Jeugd en adolescentie:
zodra kinderen naar school gaan stijgt hun mate van zelfregulatie
Er zijn twee strategieën voor het omgaan met emoties:
- Problem-centered coping: je bestempelt een situatie als veranderlijk, idenificeert het probleem en beslist wat je eraan gaat doen (probleemoplossing)
- Emotion-centered coping: intern en prive → het doel is om ‘distress’ te reguleren wanneer je weet dat er weinig aan te doen valt
Wanneer de ontwikkeling van zelfregulatie goed is verlopen, zullen jonge mensen een besef van …….. ontwikkelen → dit zal leiden tot een goed zelfbeeld en een optimistisch beeld op de wereld, wat hen verder in emotionele uitdagingen weer van pas komt.
emotional self-efficacy
Emotional self-efficacy:
het gevoel dat je in controle bent van jouw emotionele ervaring
Emotional display rules:
“regels” die specificeren wanneer, waar en hoe het gepast is om emoties te uiten → er ontstaat een verschil tussen het uiten en het voelen van emoties