Waarneming Flashcards
Welke fasen zijn er in het waarnemingsproces?
-Gewaarwording
-Prikkels organiseren tot 1 geheel
-Betekenis geven aan de waarneming
Welke 2 processen zijn er bij het waarnemingsprocessen?
- Bottom-up processen
- Top-down processen
Wat houdt Top-down in?
Waarneming wordt beïnvloed door kennis
Wat houdt Bottom-up in?
constanties,
gewaarwording
prikkels
Wat is de Absolute drempel?
minimumintensiteit die een prikkel moet hebben opdat men hem in 50% van de gevallen nog kan waarnemen
Wat is de Differentiële drempel?
hoeveelheid verschil in intensiteit tussen twee prikkels die we in 50 % van de gevallen nog als van elkaar onderscheiden kunnen waarnemen
Wat onderzoekt de Signaaldedectietheorie?
Onderzoekt waarom verschillende mensen anders reageren op
dezelfde prikkel of waarom dezelfde persoon anders reageert in
een andere omstandigheid
Wat kan je zeggen over prikkels onder de absolute drempel?
Kan je niet waarnemen
Wat houdt ‘aanpassing’ in?
Gevoeligheid voor prikkels neemt af als de prikkels constant blijven en terugkeren
Wat houdt ‘deprivatie’ in?
Geen prikkels van de buitenwereld ontvangen
Wat is de Wet van gelijkheid?
Dingen die op mekaar lijken worden als één geheel waargenomen
Wat is de wet van nabijheid?
Dingen die bij mekaar in de buurt staan, zien wij als één geheel
Wat is de wet van de geslotenheid/continuïteit?
We hebben de neiging om de dingen als doorlopend waar te nemen
Wat is de wet van de goede voortgang?
Dingen die onvolledig zijn gaan wij in gedachten aanvullen
Welke constanties zijn er bij waarneming?
-Grootteconstantie
-Kleurconstantie
-Vormconstantie
Wat zijn illusies?
Verkeerd geïnterpreteerde prikkel
Beelden leiden tot een foute interpretatie van de wereld
Welke vormen van beweging zijn er bij waarneming?
Echte beweging
Schijnbare beweging, stroboscopisch effect of phi-fenomeen
Wat zijn psychische factoren die de waarneming bepalen?
-Omgeving
-Gevoelens
-Ervaring
-Aandacht
-Verwachtingen
-Behoeften
-Cultuur
-Sociale druk
Wat zijn voorbeelde mbt tot de Wet van de figuur?
Beker van Rubin
Escher
Camouflage
Kleurenblindtest
Waarom kan cultuur de omgeving bepalen
2D en 3D: sommige culturen denken niet in 3D bij afbeeldingen (afbeelding olifant en antilope)
Wat is het pygmalion-effect?
Het effect houdt in dat leraren, soms onbewust, verwachtingen hebben van bepaalde leerlingen
Welke onderdelen zijn er bij de persoonswaarneming?
-Eerste indruk
-Stereotype
-Halo-Effect
-Logische fout
-Oorzaken van gedrag
Wat is Autostereotypering?
Zelf in de groep
Veel nuances maken
Welke 2 vormen zijn er van stereotypering?
-Autostereotypering
-Sociale stereotypering
Wat is Sociale stereotypering?
Niet in de groep
Nuancering weg laten, veel zwart/wit
Wat is het Halo-effect?
Bepaalde kenmerken hebben meer invloed op het totaalbeeld dan andere kenmerken
Aan wat kun je oorzaken van gedrag toeschrijven?
Aan de persoon zelf: intern
Aan de omgeving: extern
Wat kan je zeggen over lichaampostuur en waarneming?
voorbeeld van grote mensen tegenover kleine mensen
meer bevoordeeld
Wat is een logische fout bij waarneming?
Mensen denken vaak in zwart/wit
Wat zijn de oorzaken in de persoonswaarneming?
-Bestendigheid: consistentie
-Verandering: onderscheid
-Gedrag van anderen in dezelfde situatie: consensus
-Uitwendige druk
Wat kan je zeggen over zelfwaarneming en rechtvaardiging van gedrag?
Als mensen hun gedrag niet willen aanpassen passen ze hun denken aan (vb roken)
Wat kan je zeggen over ‘bestendigheid: consistentie’?
Bepaald gedrag dat verschillende situaties tot uiting komt
-Inwendig
Wat kan je zeggen over ‘Verandering: onderscheid’?
Gedrag dat verandert in de loop van de tijd
-Extern
Wat kan je zeggen over ‘Gedrag van anderen in dezelfde situatie: consensus’?
Anderen vertonen hetzelfde gedrag in dezelfde situatie
-Extern
Wat kan je zeggen over ‘Uitwendige druk’?
Gedrag dat onder druk wordt uitgevoerd
-Extern