quantity Flashcards
hoeveelheid, aantal
amount
number
hoeveelheid, massa
volume
omvangrijk
voluminous
grote massa
bulk
most of sth
the bulk of sth
lijvig
bulky
grote hoeveelheid
body
dosis
dose
een beetje
a bit of
een spoor van
a trace of
een stroompje, straaltje
a trickle of
een hoopje, een kloddertje
a dab of
een snuifje
a pinch of
een druppel
a drop of
een scheutje
a dash of
enorm
vast
overweldigend
overwhelming
overvloedig
abundant
plentiful
copious
profuse
overvloed
abundance
profusion
in overvloed
galore
talrijk
numerous
ontelbaar
countless
innumerable
very many
a (whole) host of
large number of different people/things
a (wide) range of
a lot of people/things
a bunch of
a lot of ideas
a (whole) raft of [infml]
miniem
minute
verwaarloosbaar
negligible
zo goed als geen
nominal
waardeloos
paltry
bespottelijk
derisory
verdomd weinig
precious little/few
voor een appel en een ei
next to nothing
onbeduidend iets, een spotprijs
peanuts [infml]
toenemen, vergroten
increase
(be)stijgen
mount (up)
oplopen, omhooggaan
climb
beter worden
pick up
een hoge vlucht nemen, omhoog schieten
soar
rocket (up)
snel toenemen
proliferate
omhoogduwen, een zetje geven
boost
opwellen
surge
bevriezen
freeze
verminderen
lessen
decrease
afnemen
decline
dwindle
fall gradually, esp. prices
slide
dalen
fall
drop
pijlsnel vallen/zakken
plummet
plunge