HC 4 Flashcards
Theories of persuasion
- McGuire model
- Cognitive response theory
- Dual processing theory
bovenste 2 relevant voor geschiedenis theorizing
McGuire’s processing model
verschillende fases
- exposure/presentation
- attention/awareness
- comprehension/understanding
- acceptance
- retention
- action
assumpties McGuire’s model
- je gaat door alle stappen heen
- systemathische verwerking van informatie
- begrijpen van bericht is essentieel voor overtuiging
1 -> hoeft niet door alle stappen heen
2 -> hoeft niet altijd systemathisch te zijn ‘
3 -> geen wetenschappelijk bewijs voor 3e punt
ontvanger is actief?
relevantie McGuire’s model
verschillende fases waar reclame invloed op kan hebben
Cognitiev response model
ontvanger vergelijkt ontvangen informatie met al opgedane kennis en komt tot conclusie
- er is een bericht
- gedachtes over onderwerp worden gevormd en opgehaald
- attitude wordt gevormd
ontvanger is passief
persuasion door cogntive model
- zijn er vooral favorable gedachtes over bericht -> intended change
- zijn er vooral unfavorable gedachtes over bericht -> unintended change/no change
invloed argument strength op persuasion in cognitive model
sterke argumenten -> favorable thoughts -> inteded change
zwakke argumenten -> unfavorable thoughts -> unintended/no change
Dual process theory
Elaboration likelihood model (ELM)
Heuristic systematic model (HSM)
-> beide oppervalkiige verwerking
hangt af van ability en motivatie
Elaboration likelihood model (ELM)
bericht kan op verschillende manieren verwerkt worden
1. hoge motivatie en ability -> diepe verwerking -> overtuiging houd lang vol
2. lage motivatie -> oppervlakkige verwerking -> overtuigd voor korte tijd
systematic
gebruik van sterke argumenten
persuasion beinvloedt door?
ability and motivation
wat voorspelt ability?
- knowledge
- distraction/time pressure
- repetition
- knowledge
hoe meer kennis, hoe dieper we het bericht kunnen verwerken
- distraction/time pressure
bij afleiding wordt er sneller oppervlakkig verwerkt en dus meer gebruik gemaakt van heuristics
- herhaling
meer ability to process
- teveel herhaling werkt averechts; verlies van interesse en irritatie
wat voorspelt motivatie?
- individual differences
- relevance
- relevance
wanneer het overeenkomt met persoonlijke normen en waardes of met needs
fear appeals
iemand bang maken
werkt als
- relevantie hoog is, maakt mensen bang
- als self-efficacy hoog is (perceptie van hoe goed je het kan waarmaken)
werkt beste bij
1. informationele waarde: info over risicos
2. combi met self-efficacy
problemen voor reclamemakers
- men geeft geen aandacht aan commerciele berichten
- men weigert overtuigd te worden
oplossingen voor problemen reclamemakers
aandacht trekken door humor/seksuele context
lage weerstand; reclame makkelijk bereikbaar
humor
vaak gebruikt bij low-involvement producten
- verhoogt aandacht, positief affect
related vs unrelated humor
unrelated humor: geen associatie met merk
related humor: verhoogt product herkenning
humor paradox
mensen vergeten het merk maar willen het nog steeds hebben
- gemedieerd door positieve associaties
sexual content
vooral gebruikt bij non-food
- trekt aandacht
- verlaagt brand herkenning bij irrelevante humor
- verhoogt bij relevante humor
strategies to lower resistence
two-sided ads
product placement
native advertisement
sponsorship
two-sides ads
reclames waarbij een positieve en negatieve oopmerking in zitten
- verdoezelt de persuasion meer
- voelt als betrouwbaarder
native advertisement
reclames met zelfde design als context waardoor het niet als reclame voelt
pro: men heeft het niet door
con: wanneer ze het wel door hebben wekt dat veel irritatie
product placement
gebruik van merken in films, shows etc
- pro: impliciete positieve attidue
- con: kan tegenwerken wanneer karakter niet leuk is of placement te duidelijk is
sponsorship
merk aan gebeurtenis koppelen
- pro: geeft positieve attitude