3B2 week 7 Flashcards
wat zijn de belangrijkste indicaties voor benzodiazepinen?
slaapstoornissen, convulsies, alcoholonttrekkingssyndroom en angststoornissen
welk medicament geef je bij benzodiazepinen intoxicatie?
flumazenil (een GABA-receptor antagonist)
wat zijn de belangrijkste risico’s van benzo’s?
- Verminderd reactievermogen
- Risico op tolerantie en afhankelijkheid
- Geheugenverlies
- Valrisico door spierverslapping en sufheid
wanneer kom je in aanmerking voor ECT?
sprake zijn van ernstige depressie (interesseverlies, somberheid, slaap- en eetlustproblemen, vermoeidheid, besluiteloosheid en/of concentratieproblemen) i.c.m.
- medicatieresistentie
- een contra-indicatie voor medicatie
- levensbedreigende situaties (zelfmoordpogingen)
- een voorafgaande goede respons op ECT
andere indicaties: positieve symptomen bij schizofrenie, manie en katatonie
wat zijn contra-indicaties voor ECT?
- Ernstige cardiovasculaire risico’s, normale H&V risico’s geen absolute CI
- Aanwezigheid feochromocytoom
- Cerebrale tumorgroei
- adolescent zijn
wat gebeurt er tijdens ECT en hoe vaak krijgt een patient het?
Kortdurende anesthesie + spierverslapper. 1 been krijgt geen spierverslapper door het been bloedleeg te maken en het motorische insult te controleren. Patiënt moet nuchter en een lege blaas te hebben. 2x/week gemiddeld 6-8 weken
is er na een ECT-behandeling nog een nabehandeling? zo ja, wat is het?
Nodig anders krijgt 84% binnen korte tijd terugval: voorschrijven antidepressiva, waaronder TCA en lithium.
welke psychiatrische stoornissen gerelateerd aan de zwangerschap zijn er?
- Peripartum depressie
- Kraambed/postpartum psychose
- Peripartum angststoornis
- Kraamtranen (niet pathologisch)
- Posttraumatische stressstoornis
wat is de prevalentie en symptomen van een peripartum depressie?
o 10% prevalentie
o Symptomen vergelijkbaar met normale depressie, maar inhoud van denken is anders en gaat over moederschap. Vooral insufficiëntiegevoelens en schuldgevoelens richting kind.
wat zijn de prevalentie en de symptomen van postpartum psychose?
o Prevalentie 0,2%, ontstaat meestal binnen 10 dagen, eerste dagen na bevalling vaak zonder klachten
o Verminderde slaapbehoefte
o Verhoogde energie
o Sterk wisselende stemming en bewustzijn
o Achterdocht
o Prikkelbaarheid
o Wanen
o Hallucinaties
o Zelfdoding of doding kind
wat zijn de prevalentie en symptomen van ‘kraamtranen’?
o Prevalentie 50-85%, vaak rond dag 3-5.
Langer dan 2 weken? Dan kan er depressie zijn
o Snelle stemmingswisselingen met huilbuien en sombere gevoelens
o Korte overdreven vrolijke stemmingen
o Geïrriteerdheid
o Concentratieproblemen
o Slaapproblemen
o Prikkelbaarheid
o Nachtmerries
o Hoofdpijn
o Vergeetachtigheid
o Lichte verwardheid
wat zijn de prevalentie en symptomen van PTSS na zwangerschap?
o Prevalentie 1,5-2%, check vooral na traumatische geboorte op risico!
o Aanhoudende herbeleving van trauma door herinneringen of nachtmerries
o Vermijden van prikkels die bij het trauma horen
o Aanhoudende verhoogde prikkelbaarheid en alertheid
Wat zijn de meest voorkomende acute bijwerkingen van ECT?
- Misselijkheid
- hoofdpijn
- spierpijn
- kortdurende verwardheid
wat is de FABS-score?
FABS-score: > 3? 90% zeker dat er geen herseninfarct is:
- Afwezigheid van gezichtsverlamming
- Systolische bloeddruk < 150 mmHg
- Geen atriumfibrilleren in de VG
- Geen CVA in VG
- Leeftijd jonger dan 50 jaar
- Geïsoleerde sensorische symptomen zonder krachtsverlies bij presentatie
wat is een functioneel neurologische stoornis (FNS)?
er zijn neurologische symptomen aanwezig maar zonder een aandoening die de symptomen verklaard
wat zijn kenmerken van functioneel neurologische stoornis (FNS)? (oftewel conversiestoornis)
- Zelf bemerkte opvallendheden passend bij FNS (bv geen symptomen tijdens slapen of alleen wegrakingen buitenshuis)
- Atypisch karakter: uitval niet volgens 1 dermatoom
- La belle indifférence: onverschillig over de ernst van de symptomen
- Let op discrepanties
- Afname van de symptomen en verschijnselen bij afleiden door onderzoeker
- Toename van ernst bij aandacht richten door de onderzoeker
wat zijn de symptomen van katatonie?
- Motorisch:
o Stupor
o Katalepsie
o Rigiditeit
o Flexibilitas cerea: ledematen langdurig in positie laten staan waarin de onderzoek ze gezet heeft - Terugtrekgedrag:
o Mutisme
o Staren
o Negativisme: zonder duidelijk motief opdrachten weigeren - Opwinding:
o Hyperactiviteit
o Impulsiviteit
o Autonome instabiliteit: temperatuur, polsslag, bloeddruk, AF of zweetproductie - Bizar zich herhalend gedrag
o Grimassen
o Echolalie/praxie
wat zijn de kenmerken van een PNEA?
- Aanval > 2 minuten
- Schreeuwen
- Ontbreken van tongbeet, incontinentie of postictale fase
- Ogen blijven gesloten
- Fluctuerend beloop
- Asynchrone bewegingen
- Verandering van aanvalskenmerken na verbale suggesties
wat zijn typische karakteristieke kenmerken van MS?:
- neuritis optica
- teken van L’Hermitte: stroomgevoel naar rug en ledematen bij flexie nek
- Uthoff fenomeen: toename klachten bij warmere omgevingstemperatuur
wat zijn mogelijke symptomen van MS?
- Gevoelsstoornissen: tintelingen/doof gevoel
- Motoriek: krachtsverlies, stijfheid, coördinatieproblemen
- Visus: dubbelzien, neuritis optica
- Oogbewegingen: nystagmus
- Cognitie: traagheid en concentratiestoornis
- Problemen met de continentie
- Moeheid
- Seksuele disfunctie
- Pijn: geen beginsymptoom, wel bij spasmen of neuritis
wat voor aanvullend onderzoek kan je doen bij MS?
MRI-scan met contrast kan uitslag geven of het een oude of nieuwe laesie is. Laesies kunnen spontaan verdwijnen of sclerotische verlittekening achterlaten.
Zoeken naar oligoklonale IgG-banden in liquoronderzoek
wat zijn de mogelijke symptomatische behandelingen van MS?
- Vermoeidheid: andere oorzaken uitsluiten, conditietraining
- Spasticiteit: uitlokkende factoren achterhalen. Fysiotherapie of spierverslappers of botox
- Blaasproblematiek: bekkenbodemtherapie, medicatie, botox of katherisatie
- Cognitieve problemen: cognitieve revalidatie
- Stemmingsstoornissen: begeleiding en/of anti-depressiva
- Darmklachten: laxantia
- Pijn: pijnstillers en spasmolytica
Exacerbaties: kuur IV methylprednisolon 3 dagen 1000mg/dag
welke 2 vormen van anorexia nervosa zijn er?
- Restrictieve type: vasten i.c.m. overmatige lichaamsbeweging
- Eetbuien purgerend type: eetbuiten afgewisseld met purgeergedrag (braken, laxantia, diuretica)
wat zijn kenmerken anorexia nervosa?
- Angst
- Veel bezig zijn met eten en/of gewicht
- Controleverlies
- Vergelijkend denken
- Bewegingsonrust
- Geritualiseerd eetschema
- Verstoorde terugkoppeling
o Lager gevoel van honger, hoger gevoel van vol zitten
o Onderschatten van ondergewicht
o Vertekend lichaamsbeeld
o Geen moeheid, nooit ziek
wat zijn mogelijke gevolgen van anorexia nervosa?
- Somber/depressie
- Rigide/dwangmatige kenmerken
- Vergeetachtigheid
- Concentratieproblemen
- Sneller geïrriteerd zijn
- Doorslaapproblemen
- Pijn bij liggen/zitten
- Groeistop
- Menstruatie stopt
wat is somatisch-symptoomstoornis?
Somatische klachten + gepaard met disfunctionele gevoelens, excessieve gedachten en gedragingen samenhangend met de lichamelijke klachten. ongerustheid over de klachten en excessief veel tijd en energie besteden aan klachten
- Chronische multiple onverklaarde klachten, onverklaarde somatische klachten, onverklaarbare pijn, angst voor ernstig ziekte met lichamelijke symptomen
wat zijn de criteria van ziekteangststoornis?
- Preoccupatie met het hebben of krijgen van een ernstige ziekte
- Lichamelijke klachten zijn niet aanwezig of in lichte mate
- Hoge mate van angst over de gezondheid, snel verontrust over de eigen gezondheidstoestand
- Vertoont excessief gezondheidsgerelateerd gedrag of vermijding
- De pre-occupatie is minstens 6 maanden aanwezig
- De ziektegerelateerde preoccupatie kan niet beter worden verklaard door een andere psychische stoornis
wat zijn pathomimie en simulatie?
Pathomimie: opzettelijk veroorzaken van lichamelijke of psychische symptomen zonder duidelijk persoonlijk gewin
Simulatie: opzettelijk veroorzaken van lichamelijke of psychische symptomen met aantoonbaar sprake van misleiding met duidelijk gewin. GEEN medische diagnose
wat is de hiërarchie van psychiatrische problemen?
1 Neuropsychologisch (delier, dementie, amnetisch)
2 Psychotisch
3 Stemming
4 Angst/compulsief
5 Angst/verwerking (ptss)
6 Eetstoornis (stoornis met lichamelijke presentatie)
7 ADHD/autisme
8 Middelengebruik
9 Persoonlijkheidsstoornis