T2 VOC Flashcards
de (bestel)bon
le bon (de commande)
de (waarde)bon
le bon (de valeur)
de betaling
le paiement
de gegevens
les coordonnées (f)
de reservatie
la réservation
de voorstelling
la séance
volzet
complet, complète
beschikbaar
disponible
vrij
libre
mogelijk
possible
past dat voor u?
ça vous convient?
bestellen
commander
bevestigen
confirmer
het spijt me
je suis désolé
invoeren
entrer
ik luister
je vous écoute
ik heb nog/ er is nog
il me reste
een bestelling doen
passer une commande
reserveren
réserver
verkopen
vendre
afhalen
venir chercher
nakijken
vérifier
op naam van
au nom de
met de smartphone betalen
payer avec le smartphone
contant betalen
payer en espèces/ payer en liquide
met de (bank) kaart betalen
payer par carte (bancaire)
Ik zou graag een reservatie maken voor
J’aimerais faire une réservation pour
Voor welke dag?
Pour quel jour?
een terrein
un terrain
Ik zou graag een tafel reserveren.
Je voudrais réserver une table.
een ticket
un ticket
een plaats
une place
Dinsdag/ zaterdag 10 oktober, om 18u/20u.
Le mardi/ samedi 10 octobre, à 18h/ 20h
Een momentje. Ik kijk het na.
Un instant. Je vérifie.
Oh, jammer, maar dat gaat niet.
Oh, dommage, mais ça ne va pas.
dat past me niet.
ça ne me convient pas.
Ja, dinsdag/ zaterdag 10 oktober is er een terrein vrij.
Oui, le mardi/ samedi 10 octobre, il y a un terrain de libre.
perfect
parfait
Ja we hebben nog een tafel beschikbaar.
Oui, on a encore une table disponible.
een ticket
un ticket
een plaats
une place
Het spijt me, maar we hebben geen plaats meer.
Désolé(e), mais on n’a plus de place.
voor 21u/ 22u.
avant 21h/22h
we zijn volzet
on est complet
alle terreinen zijn gereserveerd
tous les terrains sont réservés
alle tickets zijn verkocht
les tickets sont tous vendus
Maar ik heb nog wel een terrein maandag om 19u.
Mais il me reste un terrain le lundi à 19h.
Past dat ook voor u?
ça vous convient aussi?
Op welke naam is het?
C’est à quel nom?
Ziezo, dat is genoteerd.
Voilà, c’est noté.
Graag gedaan.
Avec plaisir.
Ik zou graag televisie X bestellen.
J’aimerais commander la télé X.
smartphone X
le smartphone X
een pizza
une pizza
Een momentje.
Un instant.
Ik neem een bestelbon.
Je prends un bon de commande.
vul in
remplis
Bedankt.
Merci.
Op welke naam is het?
C’est à quel nom?
Op naam van X.
Au nom de X.
Wat is uw e-mailadres?
Quelle est votre adresse e-mail?
Dat is XX@gmail.com
C’est XX@gmail.com
Ziezo, dat is genoteerd.
Voilà, c’est noté.
Dat is uw bestelbon.
Voici votre bon de commande.
We sturen u de bestelbon per mail.
On vous envoie le bon de commande par mail.
U mag uw bestelling komen ophalen…
Vous pouvez venir chercher votre commande…
morgen/ over een uur/ tegen 20u
demain/ dans une heure/ vers 20h
van zodra u de bevestigingsmail heeft ontvangen
dés que vous avez reçu le mail de confirmation
Oké. Tot ziens!
D’accord. Au revoir.
Tot binnenkort.
à bientôt.
Ik kom mijn bestelling ophalen op naam van X
Je viens chercher ma commande au nom de X
Een momentje, a.u.b. Ik bekijk het.
Un instant, S.V.P. Je regarde.
Heeft u uw bestelbon?
Vous avez votre bon de commande?
Heeft u een bevestigingsmail ontvangen?
Vous avez reçu un mail de confirmation?
Ja, dat is mijn bestelbon.
Oui, voici mon bon de commande.
Ziezo, uw bestelling, meneer/ mevrouw
Et voilà votre commande, Madame/ Monsieur.
Hoe betaalt u?
Vous payez comment?
cash of met de kaart?
en liquide/ en espèces ou par carte?
Ik heb een waardebon van €X
J’ai un bon de valeur de €X
Dan rest er u nog een bedrag van
Alors, il vous reste la somme de €X
Cash. Hier is €X
En liquide. Voici €X
Dan krijgt u nog €X terug
Alors, je vous rends €X
Vergeet niet te bevestigen.
Entrez votre code, S.V.P.
U mag uw code invoeren, a.u.b.
N’oubliez pas de confirmer
Kan ik met de smartphone betalen?
Je peux payer avec le smartphone?
Ja, natuurlijk. Hier is de QR-code.
Oui, bien sûr. Voici le code QR.