gasles CWR Flashcards
religie is
meer dan de grote geloven (christendom, islam etc)
=> offers, rituelen, geesten
veel culturele diversiteit => veronderstelling
patronen
maar patronen in veel religies
diversiteit
- goden kunnen verschillend zijn ; stervelijk; voel
- geesten zijn gemakkelijk voor de gek te houden
- verlossing is niet altijd belangrijkste zorg
- bijgeloof in religies
- culturen waarbij mensen neit weten dat ze een religie hebben
praymatishe
werkdef. religie heeft te maken met bovennatuurlijke fenomenen, entiteiten ( maar valt uiteen in verschillende fenomenen)
centrale model
epidemiologie benadering cultuur => cultuur meot je beschouwen als een dynamische collectie van technieken en ideeën (fietscultuur)s
om cultuur te verklaren meot je kijken waarom deze ïdeeen”blijven bestaan.
dawkins
culturen kun je splitsen in stukjes en deze stukjes ideeën kan je doorgeven net als genen (memen) verscpreiding van bepaalde (meem) in bepaalde cultuur
CAT
= culturele attractoren theorie
= alles wat we opnemen reconstrueren we volgens ideeën en culturele achtergrond. er is geen replicatie
waarom is het scheppingsverhaal een culturele attractor?
- ecologische factoren; gebruiksvoorwerpen
- psychologische factoren
menselijke geest
ideeën die het sterkst inspelen op onze intuïtieve verwachting. Maken de grootste kans om “cultureel”te worden. (aandacht van babys blijft langer op dingen hangen die tegen intuitie ingaan => twee bewegende solide voorwerpen die door elkaar heen bewegen.
bij botsing => hier was de cultuur hoger
face recognition
mechanisme van het herkennen van gezichten overal in
voorbeelden
direct and everted gase
aderlaten
aderlaten
universele patronen: door derde met medische status, op de plaats van pijn, vies en bloed
transmissie ketens
welke informatie blijft het beste hangen (6 kinderen op een rei en de eertse vertellen en laatste doorgeven)
=> informatie dat intuitief sterk is zal beter onthouden worden
ggo
mensen hebben intuitieve biologsiche verwachtingen
essenstialistisch denken
mensen hebben intuitieve biologische verwachtingen waarop natuur in elkaar zit => essentialistisch denken (vis dna in tomaat) dna is essentie vaneen organisme
teleologisch denken
dingen bestaan of gebeuren omwille van bepaalde functie => vb. regenen om planten water te geven
intentioneel denken
andermans gedrag begrijpen in termen van intenties, emoties en verlangen
vb. man zet fles water aan mond omdat hij dorst heeft.
Soms intuitief de neigin om intenties en gevoelens toe te schrijven aan compleet natuurljike of mechanische fenomenen (printer ruikt angst)
walging
mentaal systeem => op pathogenen en ziektes
- maat ons bewust van die dignen
- vorm van inferentiesysteem
=> dit soort fenomenen worden makkelijke onthouden en verspreiden makkelijker
religeieuze consensus
schenden bepaalde verwachtingen binnen ontologische categoriën maar behouden rest vd verwachtingen
minimale concepten
trekt de aandacht => verder kan je blijven redeneren omdat de andere verwachtingen wel normaal zijn.
maximaal intuitief
wordt niet aangenom
intuitieviteit van wetenschap
sterk contra-intuïtief => transmissie erg langzaam
HADD
hyperactieve agency detective device
=> aanwezigheid andere wezens of “agents”
- gedrag bijstaan/bijpassen bij aanwezigheid van derden
belangrijk om te onthouden
- verspreiding van culturele fenomen kan je vergelijken met ziektes
- doordat we telkens boodschap reconstureren met zelfde hersnenen worden er bepaalde patronen gecreeerd binnen verschillende religies
dualisme
veel onderzoek toont aan dat de geest het resultaatis is van het brein. maar dat is een contradictieve aannamen, vanuit onszelf denken we dat een geest zijn die in ons lichaam zit en dat licaamm en geest dus naast elkar bestaan en eigenlijk weinig met elkaar te maken hebbe. men treft het idee bij dualisme dat geest loskomt van lichaam en blijft verder leven nadat lichaam allang weg is. zien we in veel religies. dit kan te weten zjn omdat lichaam en geest door twee aparte cognitieve systemen geleid wordt.