Week 10 Flashcards

1
Q

Wat is fenylketonurie?

A
  • phenylalanine hydroxylase deficiëntie -> stapeling fenylketonen en tekort tyrosine
  • Symptomen: verstandelijke beperking, blond haar en lichte huid, microcefalie, epilepsie, achteruitgang spasticiteit
  • behandeling: fenylalanine-arm dieet en suplletie terosine
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Wat is de ziekte van Zellweger?

A
  • stapeling ZLKVZ door peroxisoom defect
  • progressieve spierzwakte, epilepsie, niercysten, skeletafwijking, retinitis pigmentosa, atrofie oogzenuw, hepatomegalie, doogheid en stoornis hersenaanleg
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Wat zijn mucopolysaccharidosen?

A
  • groep lysosmale stapelingsziekten waarbij grote suikermoleculen niet goed afgebroken en stapeling
  • symptomen agv progressieve stapeling
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Wat zijn aanwijzingen voor een metabole aandoening?

A
  • ontwikkelingsproblemen
  • progressieve klachten
  • familie anamnese
  • ongewone geur
  • acute ontregeling of bewustzijnsdaling
  • opvallend LO: geur, MONGUV(micro/macro-encefalie, organomegalie, neurologische klachten, groeistoornis, uiterlijke kenmerken, verandering uiterlijke kenmerken),
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Hoe helpt de leeftijd van onstaan bij differentiëren tussen metabole ziekten?

A
  • prenataal, op kinderleeftijd of volwassen leeftijd
  • prenataal: hydrops foetalis(=oedeem min 2 comartimenten) -> rhesus bloedgroepantagonisme, a-thalessemie, trisomie 13/18/21
  • volwassen: alkaptonurie(= toemende rugijn en verkalking met verkleuring oorkraakbeen door verstoord tyrosine metabolisme)
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Hoe is het beloop van metabole ziekten?

A
  • acuut: MCADD -> non-ketonische hypoglyceamie
  • intermitterend: glutaar acidurie type 1 -> lysine en tryptofaan defect
  • chronisch progressief
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Hoe werkt therapie bij metabole ziekten?

A
  • metabole decompensatie behandelen
  • wegvangen toxische stoffen
  • dieet aanpassing: minder substraat, suppletie, vitaminen en cofactoren
  • enzymvervangende therapie
  • gentherapie
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Hoe werkt preventie bij metabole ziekten?

A
  • neonantale screening: hielprik
  • counseling voor zwangerschap: dragerschapstest
  • erfelijkheidsadvies: PGT en prenatale diagnostiek
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

Wat is het nut van WES bij verstandelijke beperkingen?

A
  • meerendeel heeft genetische oorzaak
  • 60% blijft ongediagnosticeerd
  • negatief door mozaïek, methyleringsdefect, mitochondriale overerving, repeat-expansie ziekte, mutatie in niet-coderend gen
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

Hoe werkt een obductie bij jonge kinderen?

A
  • bij zwangerschapsafbrekingen, IUVD(3e trimester), (premature)neonaten, oudere kinderen(<5jr)
  • mits natuurlijke dood en toestemming ouders
  • ook babygram of MRI gemaakt
  • waarde: vaak extra bevindingen dan op echo, zekerheid
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

Wat is het verschil tussen major en minor congenitale afwijkingen?

A

Een major congenitale afwijking is levensbedreigend, heeft ernstig cosmetisch effect of uitgebreide chirurgie nodig, minor congenitale afwijking niet.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

Hoe kan prenataal onderzoek/diagnostiek naar congenitale afwijkingen plaatsvinden?

A
  • meestal non-invasief: echo, MRI
  • invasief: maternaal bloedonderzoek, vlokkentest(tot 15wk), vruchtwaterpunctie
  • vrouwen ingedeeld in low(NIPT, SEO) en high risk(GUO) voor kind met congenitale afwijking
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

Wat is een hernia inguinalis bij kinderen?

A
  • vake rechts, bij prematuren en jongens
  • persisterende processus vaginalis waar darm in zakt
  • klinische diagnose
  • opereren vanwege risico op beklemming
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

Wat is een hydrocele?

A
  • deel processus vaginalis niet dicht
  • verdwijnt vaak spontaan, niet operenen
  • LO; craniaal afgrensbaar, diafaan, niet te reponeren
  • hydrocele communicans: verbinding met buikholte, zwelling in avond erger, wel opereren
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

Hoe werkt behandeling bij een testis die niet in scrotum zit?

A
  • rectractiele testis: fysiologisch, geen behandeling
  • niet scrotale testis: aangeboren of verworven
    Aangeboren NST
  • niet papabel: echo lies en buik, geen testis in lieskanaal: laparoscopie en direct/uitgesteld orchidopexie
  • papabel of unilateraal: tot 6mnd kan spontaan indalen, anders orchidopexie
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
16
Q

Wat is de ziekte van Hirschprung?

A
  • geen ganglioncellen in distale darmwand
  • hierdoor geen motoriek
  • behandeling: pull-through operatie
  • X-buik: uitgezette dunne darm- en colonlissen, soms distaal smal kaliber
17
Q

Wat is een anorectale malformatie?

A
  • niet goed aangelegd rectum of anus
  • symptomen: gallig braken, opgezette buik, geen meconiumlozing of uit fistel
  • VACTERL
  • behandeling: dubbelloops colostoma
18
Q

Wat is een naevus sebaceus?

A
  • Naevus sebaceus bestaat uit talgklieren, 0,3% neonaten
  • Omschreven, geel/oranje gekleurde plaques, soms lineair; geen beharing
  • Op behaarde hoofd, gelaat, rond oren en hals
  • Meer verheven in puberteit
  • Maligne ontaarding tot basaalcelcarcinoom in <2% → in de gaten houden
  • Soms syndroom(zeldzaam): afwijking skelet, CZS en ogen; vaak grote leasie en in 1e mnd-jr
19
Q

Wat is een congenitale melanocytaire naevus?

A
  • ook neurologische complicaties of andere extra-cutane afwijkingen
  • kan melanoom worden: indeling obv verwachtte grootte op volwassen leeftijd
  • naar dermatoloog als >10cm, meerdere of satelliet leasies, anders huisarts
  • geen profylactische verwijdering
20
Q

Wat zijn cafe au lait maculae?

A
  • lichtbruine macula, komt bij 10-20% voor zonder verdere betekenis
  • kan eerste signaal neurofibromatose en andere zeldzame afwijkingen zijn
21
Q

Wat is tubereuze sclerose?

A
  • neuro-cutaan syndroom waarbij TSC1/2 mutatie waardoor harmatomen in verschillende organen
  • epilepsie, mentale retardatie en verschillende huidafwijkingen
  • Huid: hypomelanotische maculae(vroeg, duimprint of bladvorm), later oa adnoma sebcaeum in gelaat, fibromen langs en onder nagels, peau de chagrin en fibreuze plaques op hoofd
22
Q

Wat is een naevus flammeus/wijnvlek?

A
  • capillaire malformatie
  • vanaf geboorte aanwezig, geen groei
  • egaal en niet verheven(iit hemangioom)
  • behandeling: laser
  • in gelaat: kan bij Sturge Weber syndroom -> epilepsie, glaucoom
23
Q

Wat is obesitas bij kinderen?

A
  • BMI>30 met buikomtrek meegenomen
  • oorzaak: meestal multifactorieel -> levensstijl en aanleg
  • diagnostiek: biomedische oorzaak uitsluiten(medicatie, genetisch, endocrien, hypothalaam, chronische ziekte)
  • behandeling: leefstijl -> farmacotherapie -> bariatrische chirurgie
  • hoge morbiditeit en mortaliteit, voorstadia ziekten bij kinderen nog reversibel
24
Q

Wat is het verschil tussen een vasculair tumor en vasculaire malformatie?

A

Vasculaire tumoren: wildgroei vaatjes
- 90% hemangioom
- Ontstaan na geboorte, 50% hemangioom precursor leasie
- Snelle groei, plateau en spontane regressie
- vaker bij vrouwen
- Benigne, borderline en maligne

Vasculaire malformatie: vaten verkeerd aangelegd
- Kleiner deel
- Aanwezig bij geboorte(niet altijd zichtbaar)
- Proportionele groei, geen spontane regressie
- Capillair, lymfatisch, veneus, AVM, atrioveneuze fistula

25
Q

Wat is een hemangioom?

A
  • benigne vasculaire tumor
  • ontstaat na geboorte
  • groeipatroon: snelle groei -> stabiele fase -> involutie
  • behandeling: als functie bedreigd of complicaties(25%) -> betablokker(atenolol), lokaal alleen oogdruppels
  • soms geassocieerd met PHACES of LUMBAR syndroom
  • bij RICH, tufted adenoma en Kapasiform hemangio-endothelioom kunnen stollingsproblemen optreden
26
Q

Wat zijn (atrio)veneuze malformaties?

A
  • vaatkluwen met abnormale stroom, pijnlijk door verkalking(flebobliet)
  • behandeling(niet altijd): sclerosering, chirurgie
  • bij AVM: klachten bij warmte, sporten en afhangen; thrills
  • combi’s vaak bij syndromen(Proteus, Sturge Weber, Kippel-Trenaunay)
27
Q

Wat is neuroblastoom?

A
  • meest voorkomende solide maligne tumor buiten CZS en bij kleuters(meerendeel <5jr, piek bij 2jr)
  • onstaat uit neuroblasten
  • locatie: meestal bijnier of sympathische ganglia
  • Diagnostiek: urine VMA/HVA verhoogd -> Wilms tumor(nefroblastoom) uitsluiten
  • prognostische factoren: N-myc amplificatie(-), leeftijd <1jr(+), metastasen naar huid(+)
28
Q

Wat is retinoblastoom?

A
  • oogtumor uit primitieve fotoreceptor cellen in retina
  • tijdens groei oog: alleen <5jr
  • symptomen: leukocoria, hymphema en onregelmatigheid pupil, ontsteking, strabismus, glaucoom
  • erfelijkheid(10-15%, alle bilaterale): mutatie/deletie beide allelen RB1 tumor suppressor gen, autosomaal dominant
  • goede genezing en prognose
  • behandeling: chemo en enucleatie
29
Q

Wat zijn de lange termijn effecten van kinderkanker?

A
  • 5 jaar na diangnose over naar lange termijn effecten poli
  • controle lever- en nierfunctie, cardiale functie, bewgingsapparaat en groei
30
Q

Wat is kanker op de kinderleeftijd? Hoe verschilt dit van volwassenen?

A
  • etiologie: vaak onbekend, multifactorieel(genetische afwijking, multiple hit model, straling, infecties, familiair); risicofactoren minder belangrijk
  • soorten: sarcoom en blastoom, minder carcinoom; leukemie, hersentumoren en lymfoom komen meest voor
  • prognose: 80% genezing, afhv type
  • behandeling: hogere delingssnelheid dus goed gevoelig voor chemo
31
Q

Wat is een ASD type II?

A
  • gat centraal in atrium septum
  • 10% aangeboren hartafwijkingen
  • geeft LR shunt
  • vaak weinig en aspecifieke klachten
  • LO: gefixeerd gespleten 2e harttoon, systolisch ejectiegeruis luidst over 2e IC links
  • complicaties: vergrootte rechterkamer, pulmonale vaatafwijking, ritmestoornis
  • behandeling: chirurgisch of katheter
32
Q

Wat is tetralogie van Fallot?

A
  • pulmonalisstenose, VSD, overrijdende aorta en rechterkamerhypertrofie
  • uitstroomdefect met RL shunt -> centrale cyanose
  • afwijkingen op ECG
  • behandeling: zo vroeg mogelijk, VSD sluiten en pulmonalisstenose opheffen
33
Q

Welke vernauwingen kunnen bloeddrukverschil in ledematen geven?

A
  • arm hoger dan been: distaal van a subclavia sinistra
  • rechterarm hoger dan linkeram en benen: tussen truncus brachiocefalicus en a carotis/sublavia sinistra
34
Q

Hoe werkt de sequentiële segmentale analyse van aangeboren hartafwijkingen?

A

Atrio-ventriculaire en ventriulo-ateriële verbindingen
- concordant= juist aangesloten
- discordant= omgedraaid aangesloten(bv aorta op RV)
- VA: single/double outlet
- AV: ook absent, double inlet of mixed