Les 5 Flashcards
observer bias
Jouw verwachtingen veranderen de resultaten, doordat je ze anders interpreteerd
observer effect
de observator die door haar verwachtingen het gedrag van de proefpersoon beinvloed. Masked design zou een oplossing zijn
Reactivity
De aanwezigheid van een observator beinvloed het gedrag van de proefpersoon
Wanneer is een observatie valide
Observer bias, observer effect en reactivity
Wanneer is een observatie betrouwbaar
Bij een hoge interbeoordelaarsbetrouwbaarheid
naturalistische observatie
Moeilijk generaliseerbaar, hoge ecologische validiteit, rijjke info, spontaan gedrag van proefpersoon, moeilijk te herhalen
Participerende observatie
Je neemt deel aan een groep, hoge ecologische validiteit, nog rijkere info, niet meteen opschrijven, te veel betrokken voor een objectieve blik
covert participerende observatie
Undercover
Gecontroleerde observatie
Creert een bepaalde situatie, makkelijk te herhalen, door manipulatie kan causaliteit vastgesteld worden, Lijkt het op het echte leven?
probability sampling
Simple random sample, cluster sample, stratefied random sample, oversample, systematic sample
non-probability sampling
purposive sample, snowball sample, quota sample, convenience sample
Stap van steekproef naar populatie
generalisatie
Likert scale
Strongly agree, agree, neither, disagree, strongly disagree
Semantic differential format
Top docent - meh- zou zakken voor eigen vak
Leading question
Een vraag leid je al een kant op
Double barreled question
2 vragen in een
Ken je Froukje en vind je haar ook zo goed?
Negatively worded questions
Vind je dit ook niet erg ongebruikelijk
Question order
Antwoorden veranderen door de eerder gestelde vragen
Acquiescence
Overal ja op zeggen
Fencesitting
Altijd middelste antwoord
Hoe stop je wenselijke antwoorden?
Logische vragen ertussen zettten: ik ga graag om met schreeuwende mensen
Unobtrusive observations
Observaties waar de observer niet duidelijk zichtbaar is
Census
Het testen van iedereen in de populatie
Selfselection
Alleen mensen die vrijwillig meedoen
Probability sampling
Random sampling
Simple random sampling
Met random nummers
Multistage random sampling
Je kiest random mensen uit een random groepje
Systematic sampling
Elke 15e deelnemer
Cluster sampling
Je kiest 1 van de random verdeelde groepjes, bv werkgroep 13
Stratified random sampling
2% heeft groene ogen, dus bij 1000 deelnemers 20 met groene ogen
Oversampling
2% heeft groene ogen, maar ik wil er meer dus van mijn 1000 man moeten er 100 groene ogen hebben
Purposive sampling
Alleen mensen met groene ogen
Snowball sampling
Mensen nieuwe mensen aan laten dragen - Als je mij zou vragen voor adhd-ers zijn dat bijna allemaal hoogopgeleide, waardoor je een confound kunt krijgen
Quota sampling
De 2% met groene ogen is gehaald via convenience of purpossive sampling