HC.3 Celbeschadiging en celdood Flashcards
Wat voor onomkeerbare celschade kan ontstaan?
verlies van;
- mitochondriale functie
- membraan structuur
- DNA, chromatine structuur
Wat zijn mogelijke oorzaken van celbeschadiging?
- langdurige O2-gebrek
- mechanisch
- ioniserende straling, warmte/koude, stroomstoot
- chemicaliën, toxische stioffen
- infectie, leukocyten gemedieerde schade
- genetische defecten (bv stapelen, defect herstel)
Waarvan hangt de ernst van de celschade af?
de mate van ‘stress’ waaraan de cel wordt blootgesteld
Wat valt er onder membraanschade?
schade aan;
- plasmamembraan
- mitochondria
- lysosomen
Welke 6 soorten necrose zijn er?
- liquefactie necrose (colliquatie of vervloeiings necrose)
- visceuze massa
- vaak gezien in hersenen, longen, soms in het hart na MDMA
- associatie met infectie (bacterieel, schimmel)
- locale hydrolyse, cyste vorming, gevuld met pus (dode leukocyten) - coagulatie necrose (structuur blijft herkenbaar)
- hartspier post infarct - '’gangreneuze necrose’’ (ledematen)
- verkazende necrose (tuberculose)
- vet necrose (saponificatie, vaak in buikholte door pancreas)
- fibrinoide necrose (bloedvaten, bijv. autoimmuun ziektes)
Waar gaat coagulatie necrose mee gepaard?
eiwitdenaturatie
Waar gaat (liquefactie) necrose mee gepaard?
eiwitafbraak
Hoe noemen we apoptose ook wel?
geprogrammeerde celdood
Noem voorbeelden van fysiologische apoptose.
embryogenese -morfogenese -ontwikkeling neuraal netwerk -self-tolerance in immunologie volwassenen -menstruatie -afstoting darmcellen -afsterven huidcellen
Noem voorbeelden van pathologische apoptose.
-DNA schade door; ioniserende straling
zuurstofradicalen
-ophoping fout gevouwen eiwitten
-leukocyt gemedieerde celdood bijv. virus infecties
Waarom vindt er Cellulaire fragmentatie plaats bij apoptose?
De kleine ‘cel fragmentjes’ kunnen makkelijker worden gefagocyteerd
Wat zijn de twee belangrijkste apoptose pathways?
- mitochondrial pathway (intrinsiek)
Mitochondrium krijgt signalen van binnen uit - death receptor pathway (extrinsiek)
Er bindt een ligand op de receptor, extrinsiek signaal
Waar komen beide apoptose pathways uiteindelijk op uit?
caspase activatie —> endonuclease activatie (fragmentatie)/breakdown of cytoskeleton
Geef de SUMO van necrose.
Size; -cellulaire zwelling -meerdere cellen aangedaan Uptake; -cellinhoud wordt opgegeten door macrofagen -gaat gepaard met grote ontsteking Membrane; -verlies van membraanintegriteit -lysis cellen Organelles; -zwellingen -lysozomale lek -random degradatie DNA
Geef de SUMO van apoptose.
Size; -krimpen van cel -één cel aangedan Uptake; -celinhoud wordt opgegeten door buurcellen -hoeft niet gepaard te gaan met grote ontsteking Membrane; -blebbing maar behouden integriteit -vorming van celfragmentjes Organelles; -chromatine condensatie
Waar staat NETs voor? Wat is NETose?
neutrophil extracellular traps
Het kernmateriaal verspreid zich in de cel, de granulae gaan open en vermengen zich met het DNA. De cel ‘spuugt’ zijn DNA uit als een soort netje.
Waar zie je NETose vnl?
bij leukocyten en neutrofielen
Op welke 3 manieren kan een neutrofiel doodgaan?
- NETose
- apoptose
- necrose
Welke 7 opeenvolgende gevolgen ontstaan bij O2-gebrek van de hartspier?
- ATP productie omlaag
- Ion-gradiënten over (plasma)membraan omlaag
- Eiwitsynthese omlaag
- Plasmamembraan beschadiging
- Intracellulaire membraan beschadiging
- Massale Ca2+ influx (Ca-paradox/O2-paradox) –> ‘point-of-no-return’
- Contractieband necrose, inflammatie
Wat zijn de 5 determinanten van zuurstofgebrek?
- volledige/partiële vaatobstructie
- alternatieve bloedtoevoer (collateraal flow)
- acute versus geleidelijke obstructie
- gevoeligheid voor O2 tekort
- periconditionering … remote …
Welke 2 cellulaire aanpassingen in de hartspier kunnen optreden na een infarct?
Hypertrofie: groter worden van bestaande cellen
myocyten —> groter, binucleair
Hyperplasie:
GEEN toename celaantal door proliferatie myocyten
(cardiac stem cells —> nieuwe myocyten; minimaal)
WEL proliferatie van fibroblasten –> verbindweefsel
Welke biomarkers worden het meest gebruikt voor een hartinfarct?
troponines en CKs