College Anne-Marie 5 Flashcards
beslissen over hulp: inhoudelijke overwegingen
- de aard en ernst van de problemen
- de leeftijd van de jeugdige
- de vraag of het gaat om tijdelijke of blijvende problemen
- de balans in het gezin: het evenwicht tussen draaglast en draagkracht
- veranderbare factoren in de problematiek
- motivatie/de wensen van ouders en jeugdige
- leerstijl en leerbaarheid van ouders en jeugdige
- de mogelijkheden van eigen krachten en steun van het sociale netwerk
beslissen over hulp: proces
- verwachte nut en de inschatting van de kosten en baten
- de voorkeuren van de ouder of jeugdige
- Inschatting van de kans van slagen per geselecteerde interventie
beslissen over de interventie: kenmerken clientsysteem match kenmerken interventie
- Doelgroep
- Intensiteit
- Aanpak
- Uitvoering
- Effectiviteit of effectieve elementen
- Beschikbaarheid van interventies
effectieve componenten opvoedgedrag ouders
- positieve interacties met het kind
- emotionele communicatie
- tijdens sessies oefenen met het eigen kind
effectieve componenten gedrag kind
- positieve interacties met het kind
- time out
- consistent reageren
- tijdens sessies oefenen met eigen ouder
mogelijke contra-indicaties
- DSM V classificaties;
- Suïcidedreiging bij het kind;
- De ouder/verzorger of het kind heeft een
verstandelijke beperking. - De veiligheid van het kind is onvoldoende
gewaarborgd; - Ouders zijn ernstig depressief, psychotisch of
ernstig alcohol- en of drugsverslaafd, waardoor er
geen of onvoldoende ruimte is om aandacht te
besteden aan de opvoeding van hun kind.
risico- en beschermende factoren
- kind: neuro-psychologische en biologische factoren; vijandige cognities
- opvoedingsstijl ouders: opvoedingsvaardigheden en relaties binnen gezin
- problemen van ouders zelf
- gezin
- omgeving
- belangrijk onderscheid: statische en dynamische factoren
richtlijn ernstige gedragsproblemen: 3 cognitieve stappen
- waarnemingen (wat zie je dat gebeurt)
- gevolgtrekkingen (wat denk je dat er gebeurt)
- evaluaties (wat vind je daarvan)
training kinderen 12-. bij onvoldoende werking oudertraining
- Herkennen van gevoelens.
- Omgaan met boosheid.
- Interpreteren van bedoelingen van anderen.
- Problemen oplossen.
- Sociale vaardigheden.
werkzame factoren beroepsopvoeders: positief pedagogisch leefklimaat
– Sensitief responsieve houding
– Voorspelbare omgeving
– Consistent reageren
– Oefenen
– Time-out
beinvloeden van gedrag
- A-B-C observeren
- A en C beinvloeden + nieuwe vaardigheden
- vriendelijke, duidelijke instructie –> gewenst gedrag –> positief bekrachtigen
- A= antecedent
- B= behaviour
- C= consequense
aansluiten bij motivatie client
- Motivatie is geen vaststaande eigenschap.
- Motiverende gespreksvoering (Miller & Rollnick,
1991) is een manier om motivatie te ‘ontwikkelen’. - Prochaska & DiClemente (1986): model voor de
stadia van gedragsverandering. - Interventie dient aan te sluiten bij het stadium
waarin cliënt zich bevindt.
motiverende gespreksvoering
- Toepassing: als eigenstandige interventie of als
onderdeel of fase in een interventie. - Versterkt vertrouwen in verandering & selfefficacy.
- Helpt beter dan negatieve, confronterende
methode om cliënten naar afspraken te laten
komen.
bewijs werkzaamheid motiverende gespreksvoering
- Eigenstandige interventie bij roken, drugs en alcoholgebruik: snellere
resultaten, kleine ES. - Eetstoornissen: niet betere uitkomsten dan gebruikelijke behandeling, wel
op lange termijn meer gemotiveerd. - Depressie en angst: verminderen stress / verbeteren welzijn. Weinig
onderzoek. - Dubbeldiagnoses: beter innemen medicatie, afmaken behandeling,
stabieler functioneren. - Therapietrouw: behandeling met MG betere uitkomsten dan
behandeling zonder. - Oudertraining (PMTO): motiverende sessie-onderdelen en deelnemers
komen vaker opdagen.
motiverende technieken ouders (richtlijn)
- Onderzoek en bespreek stress van ouders
- Geef erkenning voor opvoedspanning
- Versterk liefde en betrokkenheid bij kind, versterk
de band (foto’s) - Ontwikkel hoop
- Vergroot geloof in eigen invloed; benadruk kracht
- Regel praktische zaken
- 5 minuten sessie bij dreiging afhaken
3 kerncomponenten training jeugdigen
- leren van probleemoplossende vaardigheden
- controleren van boosheid en woede
- bespreken van morele dilemma’s
CGT-technieken jeugdwerkers
- Zelfinstructie-training en hardop-denk methode
- Probleemoplossend denken
- Zelfmanagement (baas over jezelf)
- Omgaan met boosheid
- Objectieve waarneming
- Juiste gevolgtrekking maken
- Storende gedachten beïnvloeden:
- Vaardigheden aanleren
- Succeservaringen laten opdoen
- Bejegening
techniek: zelfinstructie
stop: rustig worden en ademhalen
denk: wat is het probleem, welke keuzes zijn er
kies: maak een keuze
techniek: probleemoplossend denken
- Wat is mijn probleem?
- Wat wil ik bereiken?
- Hoe los ik het op?
- Als ik dit doen, wat gebeurt er dan?
- Wat kan ik nu doen?
- Volg ik nog mijn plan?
- Hoe heb ik het gedaan?
techniek: zelfmanagement (baas over jezelf)
- zelfobservatie vb dagboek
- doel bepalen
- zelfevaluatie
- zelfbeloning
techniek: omgaan met boosheid
- hanteren woedethermometer
- helpende tussenstappen bij opkomende woede
toepassing CGT beroepsopvoeders
- het beïnvloeden van storende gedachten
- vaardigheden aanleren
- succeservaringen opdoen
- bejegening
- het bevorderen van helpende gedachten, het bewust
uiten van ‘helpende opmerkingen’ en het benoemen
van het voordeel voor gewenst gedrag
interventie: youturn
- Basismethodiek: sociaal competentiemodel en TOPS
- Alle JJI’s werken hiermee
- TOPS = ART + onderlinge hulpbijeenkomsten (TIP
bijeenkomst). Doel: sociale en morele ontwikkeling
vergroten - SCM: feedback geven op gedrag
- Naast basismethodiek ook specifieke
behandelmodules
youturn: denkfouten
- uitgaan van het ergste
- anderen de schuld geven
- goedpraten
- egocentrisme
effectieve componenten youturn
- Cognitieve herstructurering, woede beheersing en
groepstraining + individuele component. - Alleen behavior modification of victim impact: negatief
resultaat. - In geval van hoog risico: dan genereren veel sessies in hogere
frequentie betere uitkomsten. - Kwaliteit van implementatie bepalend voor effect.