woordenstroom 1 Flashcards
alinea
deel van een tekst
bewijzen dat iets zo is *
aantonen
aantonen
bewijzen (dat iets zo is)
deel van een tekst *
alinea
associëren
verbinden, in verband brengen met
verbinden, in verband brengen met *
associëren
authentiek
echt, origineel, oorspronkelijk
echt, origineel, oorspronkelijk*
authentiek
beargumenteren
onderbouwen met argumenten
onderbouwen met argumenten *
beargumenteren
belegeren
met een leger insluiten om tot overgave te dwingen
met een leger insluiten om tot overgave te dwingen*
belegeren
beoordelen
een oordeel geven over
een oordeel geven over*
beoordelen
censureren
het veranderen, weglaten, of uitsluiten van een bericht, kunstwerk. omdat het niet voldoet aan de normen van de censurerende instantie
het veranderen, weglaten, of uitsluiten van een bericht, kunstwerk. omdat het niet voldoet aan de normen van de censurerende instantie*
censureren
collectief
gezamelijk
gezamelijk*
collectief
controversieel
betwist, omstreden
betwist, omstreden *
controversieel
cynisch
bitter spottend, niet gelovend in het goede
bitter spottend, niet gelovend in het goede *
cynisch
devaluatie
waardevermindering
waardevermindering*
devaluatie
epigram
kort, puntig, kernachtig gedichtje
kort, puntig, kernachtig gedichtje *
epigram
escapisme
neiging tot vlucht uit de werkelijkheid
neighing tot vlucht uit de werkelijkheid *
escapisme
fascineren
boeien, sterk interesseren
boeien, sterk interesseren *
fascineren
genocide
volkerenmoord
volkerenmoord*
genocide
genuanceerd
doordacht, rekening houden met veel aspecten van iets
doordacht, rekening houden met veel aspecten van iets*
genuanceerd
gestaag
geleidelijk, voortdurend
geleidelijk, voortdurend*
gestaag
hilariteit
vrolijkheid, algemeen gelach
vrolijkheid, algemeen gelach *
hilariteit
imponeren
indruk maken
indruk maken*
imponeren
inzettekst
ingevoerd bericht in groter artikel
ingevoerd bericht in groter artikel*
inzettekst
luguber
huiveringwekkend, beangstigend
huiveringwekkend, beangstigend*
luguber
memoriaal
gedenkteken
gedenkteken *
memoriaal
meteorologisch
weerkundig
weerkundig *
meteorologisch
morbide
ziekelijk, pervers, macaber
ziekelijk, pervers, macaber*
morbide
nostalgie
heimwee naar goede oude tijden
heimwee naar goede oude tijden *
nostalgie
parmantig
zelfbewust, deftig en fier
zelfbewust, deftig en fier *
parmantig
pleidooi
betoog of redevoering waarmee je iets wilt bekomen
betoog of redevoering waarmee je iets wilt bekomen*
pleidooi
reconstructie
wederopbouw
wederopbouw*
reconstructie
riant
heel groot, ruim, aanlokkelijk
heel groot, ruim, aanlokkelijk*
riant
routine
door ervaring gekregen vaardigheid
door ervaring gekregen vaardigheid*
routine
sardonisch
grijnzend, boosaardig spottend
grijnzend, boosaardig spottend*
sardonisch
serpent
slang, gemeen iemand
slang, gemeen iemand *
serpent
toelichten
nader verklaren
nader verklaren*
toelichten
trauma
geestelijk letsel
geestelijk letsel *
trauma
typeren
kenmerken van iets/iemand benoemen waaraan je het/hem herkent
kenmerken van iets/iemand benoemen waaraan je het/hem herkent*
typeren
voyeurisme
stiekem kijken naar naakte mensen
stiekem kijken naar naakt mensen*
voyeurisme