Voc 1 job Flashcards
het interimkantoor
l’argence d’intérim (f)
de interesses
les centres d’intérêt (m)
de buurtwinkel
le commerce de proximité
het contract van (on)bepaalde duur
le contrat à durée (in)déterminée
de bediende
l’employé(e)
de werkgever
de werkgeefster
l’employeur
l’employeuse
het sollicitatiegesprek
l’entretien d’embauche (m)
de opleiding
la formation
de tweedehandskledingwinkel
la friperie
de studentenjob
le job d’étudiant
de vakantiewerker/-werkster
de jobstudent(e)
le/la jobiste
de arbeidsmarkt
le marché de l’emploi
de bedrijfswereld
le monde de l’entreprise
de jobaanbieding
l’offre d’emploi (f)
de arbeider
de arbeidster
l’ouvrier
l’ouvrière
de proefperiode
la période d’essai
de openbare diensten
les services publics
meerderjarig
majeur(e)
minderjarig
mineur(e)
aanraden
conseiller
afraden
déconseiller
een job in de wacht slepen
décrocher un job
aanwerven
in dienst nemen
engager
aanwerven
recruteren
recruter
in de buurt
in de omgeving
dans les environs
de kinderbijslag
les allocations familiales
de job
het werk
le boulot (populaire)
het verlof
le congé
het (arbeids-)contract
le contrat (de travail)
het werkschema
het uurrooster
l’horaire (m)
de belastingen
les impôts (m)
de feestdagen
les jours fériés
de werkdag
le jour ouvrable
de taak
de opdracht (job)
la mission
de multinational
la multinationale
l’entreprise multinationale
de kmo
la PME
het arbeidsreglement
le réglement de travail
de vergoeding
de bezoldiging
la rémunération
het inkomen
le revenu
de loontrekkende
le salarié
la salariée
verplicht
obligatoire
werken
bosser (populaire)
uitvoeren
effectuer
beheren
gérer
ontslaan
licencier
virer
halftijds
à mi-temps
deeltijds
à temps partiel
voltijds
à temps plein
de verwachting
l’attente (f)
teleurstellend
décevant(e)
nauwgezet
zorgvuldig
méticuleux
méticuleuse
strikt
rigoureux
rigoureuse
verwerven
acquérir
een teamspeler zijn
avoir l’esprit d’équipe
verantwoordelijk zijn voor
être chargé(e) de
geld opzijzetten
mettre de l’argent de côté
zijn uiterlijk verzorgen
soigner son apparence physique
zijn taal verzorgen
soigner son langage