thema 6 : de mens practica Flashcards
practica 6-8
gyri
heuveltje
sulci
groeve/spleet
cerebrum
grote hersenen
cerebellum
kleine hersenen
corpus pineale
pijnappelklier, speelt rol bij biologische klok
aa. carotes internae
halsslagaders
cirkel van willis
ring vorm van slagaders in schedel
waaruit ontwikkelen spinale ganglia
neurale lijstcellen
wervelboog
dorsale kant wervel, puntig
wervellichaam
ventrale kant wervel, rond
ligamentum falciforme
verbind voorkant lever met buikwand
ligamentum venosum
verschrompelt restant ductus venosus
ductus vitellinus
middendarm staat hiermee in verbinding met dooierzak
colon sigmoïdeum
laatste deel dikke darm, sluit aan op endeldarm
fossa ovalis
overblijfsel foramum ovale (verbinding tussen longslagader en aorta)
clavicula
sleutelbeen
scapula
schouderblad
humerus
bovenarm
radius
spaakbeen
ulna
ellepijp
carpalia
handwortelbeentjes
metacarpalia
middenhandsbeentjes
phalanges
vingerkootjes
femur
bovenbeen
patella
knieschijf
tibia
scheenbeen
fibula
kuitbeen
tarsalia
voetwortel (waaronder talus, calcaneus)
metatarsalia
middenvoetsbeentjes
phalanges
teenkootjes
vertebra (wervels)
7 cervicale (hals)
12 thoracale (borst)
5 lumbale (rug/lende)
5 vergroeid os sacrum (heiligbeen)
3 vergroeid os coccygis (staartbeentje)
costa, costae
rib, ribben
sternum
borstbeen
kyfoses
bocht naar dorsaal
lordoses
bocht naar ventraal
symphysis pubis
aan voorkant van bekken
trabeculae
botbolkjes
synoviale gewrichten
(as, lengte)scharnier, rol, kogel
pronatie
handpalm mediaal en naar beneden brengen
supinatie
handpalmen omhoog brengen
meniscus
schokdempers
tibiaplateau
platte bovenkant onderbeen
m. brachialis
spier aan voorzijde elleboog gewricht
m. pronator teres
bovenste deel onderarm (handpalm naar binnen)
m. flexor carpi radialis
loopt diagonaal over voorarm (pols richting buik)
m. flexor digitorum superficialis
buigen vingers minus duim
m. iliopsoas
flexi heup (dikke spier op rug)
m. quadriceps
voorzijde bovenbeen (flexi onderbeen)
m. biceps femoris (onderdeel hamstrings)
achterzijde bovenbeen (flexi voet)
m. tibialis anterior
voorste scheenbeen spier
m. gastrocnemius
buitenste kuitspier
m. soleus
diepe kuitspier
gevolg uitval n. radialis
slappe pols
waar staat n. ulnaris ook bekend om
telefoonbotje
gevolg uitval n. medianus
predicushand
belangrijkste zenuw uit plexus lumbosacralis
n. femoralis (bovenbeen), n. ischiadicus ( boven en onderbeen)
acetabulum
zijkant bekken