Thema 1 Flashcards
Cel
de kleinste levende bouwstenen van een organisme
Weefsel
cellen die dezelfde vorm, kleur, functie hebben
Orgaan
twee of meerdere weefsels
Stelsel
verschillende organen die meewerken aan eenzelfde functie
Organisme
alle stelsels
Homeostase
het proces waarbij organismen het interne milieu in evenwicht houden ondanks de veranderingen in de omgeving
Prikkels
veranderingen in een organisme of in de omgeving ervan die een reactie bij een organisme kunnen uitlokken
Inwendige prikkels
treden op in het lichaam (honger, dorst)
Uitwendige prikkels
komen uit de omgeving (geluid, licht)
Receptoren
zintuigcellen/receptorcellen –> zintuigorganen die prikkels registreren
Fotoreceptoren
registreren licht
Fonoreceptoren
registreren geluid
Evenwichtsreceptoren
registreren zwaartekracht
Mechanoreceptoren
registreren tast
Thermoreceptoren
registreren temperatuur
Chemoreceptoren
registreren smaak en geur
Receptoren worden geprikkeld dan zetten ze die om in
impulsen/ signalen
Hoe intenser de prikkel
meer impulsen de receptoren verzenden
Mechano- en thermoreceptoren
via de huid
Foto- fono- evenwichts- chemoreceptoren
via het zenuwvezels
Zenuwstelsels
snel systeem waarbij de zenuwen de impulsen verder sturen
Hormonaal stelsels
trager systeem
Conductoren/geleiders
zenuwstelsels en hormonaal stelsels geven de informatie door
Informatie terecht via conductoren
spieren of klieren
Spieren en klieren
effectoren –> snel en traag + werken mee aan homeostase
Licht
planten noodzakelijk om aan fotosynthese te doen + informatie over staanplaats (groeirichting)
Inwendige veranderingen
werken in op de plant
Receptormoleculen
registreren prikkels in planten
Lichtprikkels in planten
fotoreceptoren
Lichtgevoelige moleculen (fotoreceptoren)
bladgroen/ chlorofyl
Die lichtgevoelige moleculen hebben de hoogste concentratie in het…..
blad
De informatie van planten door brengen via conductoren
hormonen
Hormonen –> signaalmoleculen
auxine en ethyleen
Auxine
groeirichting van de plant
Ethyleen
stimuleert de rijping van de vruchten
De reactie van een plant op een uitwendige prikkel
tropie of nastie
Tropie
langzame reactie + permanent + moeilijk of niet omgekeerd worden
Fototropie
beweging van planten naar het zonlicht
Werking van auxine
groeirichting + welke cellen moeten groeien + welke richting –> moleculen verplaatsen zich in de scheut naar de cellen met de minste lichtprikkels daar zullen de cellen langer worden
Celstrekking
de plaats waar de cellen langer worden –> naar het licht
Nastie
snelle beweging als reactie op uitwendige prikkels + tijdelijk en omkeerbaar
Voorbeeld van nastie
bladeren met de dag mee –> maximaliseren de fotosynthese
Fotonastie
die tijdelijke beweging –> draaien van de bladeren met de zon