Phase 5b Flashcards
De onderdelen aanwezig of inbegrepen
Inhoud
بيشْمِل
شامل(ة)
In het echt (niet online)
وجاهي / حضوري
In je hart snijden
بيجْرَح (في قلب)
Veel pijn hebben, heftig
Heftigheid, trauma, pijn
بيأذي (مؤذي(ة))
اذى
Benodigdheden
اداة - ادوات
Talent
مَوْهِبة - مواهب
Samen iets ondernemen
بيْشارِك
مُشاركة
Oefenen
بيْمارِس
مُمارسة
Heel blij van worden
بيكيِّف
مكيِّف
Iets gooit roet in het eten, er komt iets tussen
ظَرْف - ظروف
Reserveren
بيحْجز
حجز - حجوزات
Aanwezig zijn
وُجود
Jaloers zijn op iets wat iemand heeft
بيحْسِد
حسود(ة)
Iemand waar iemand anders of anderen jaloers op zijn door wat hij heeft
محسود(ة)
Overgeven (aan de ander, oorlog, surrender)
بيسْتَسْلِم
مستسلم(ة)
Overgave
استسلام
Verdedigen
بيدافِع
Goed voor de dag komen
بيْبيّض الوجه
Niet goed voor de dag komen, beschamend
بيْسوّد الوجه
Gerecht in witte saus klaarmaken (bijv. op vrijdag of eerste dag Ramadan)
بيْبيّض
Leave me alone
حِل(ي) عني
Kalm aan! Vriendelijk blijven
بيسْتَهدي بالله
Niet belangrijk, no need for…
مافي داعي
ما اِله داعي
Uitlezen (helemaal/ serie uitkijken)
Of iets officieels een stempel geven
بيخْتِم
Schoonfamilie
صِهِر - اصْهرة
نسيب - نسايب
Schoondochter
كِنّة - كناين
Overledene
مِتوفّي (ة)
De weg wijzen/ aanduiden
Sign/wegwijzer
بيدِل
دلالة - دلائل
Zonde
ذَنْب - ذنوب
De grote lijnen vertellen/niet in detail treden
Of ‘shut up’
بيخْتصِر - اختصر!
Filosoferen
Filosofie
Filosoof
بيتْفلسف
فَلْسَفة
فلسفجي (ة)
Grote opruiming houden
بيْعَزِّل
تَعْزيل
Rokkenjager (houd veel van vrouwen)
نِسْوَنْجي
Onderzoeken van bloed
Advies geven hoe iets te doen in je leven, door een expert
Waardig zijn salaris
بيْحَلِّل
تَحْليل
Godsdienstig advies/oordeel door sjiech
Of negatief iemand zonder kennis zegt maar wat
بيفْتي
فَتوة - فتاوي
Wat je zegt is juist (stof)
كلامك ما عليه غُبار
Voor je eigen bestwil
مَصْلَحْتك(م)
مَصلحة
Onderdanig en onafgeleid en geconcentreerd bidden of de Koran lezen
بيخْشَع
خُشوع
Iets automatisch doen, zonder je gedachte erbij te hebben
Naar een kind (amar): ‘ga iets voor jezelf doen’
بيسْرَح
سَرْحان(ة)
بعالم تاني
Met iemand meepraten (ook als je er niet (helemaal) mee eens ben)
بيخْتِم على كلامك
Iets samen delen (eten, auto, reis)
بيتْشارَك
المُشاركة
… en hij/zij
وِياه / وِياها / وِياهم
Verkreukelen/verfrommelen van papier
بيْكَرْمِش
كَرْمَشة
Wat er ook zal gebeuren
مَهْما صار
Penseel
ريشة - رِيَش
Tang
زَراديّة
Vastzetten, goed vastgemaakt
ثابت(ة)
Het snappen en er ook naar handelen
التَدَبُر
Gevoel dichtbij God te zijn, Zijn Woord komt tot leven
إسْتِشْعار
معك حق
Klopt (wat je zegt)
Kleed over de tafel verspreiden
Uitspreiden
بيمَدّ
Soepkom
زِبْدية - زبديات
Zijde (stof)
حَرير
Psycholoog
أخصائي نفسي
Psychotherapeut
معالج نفسي
Speciaal voor … (jou/iemand)
خَصّ نَصّ
Wil ik/hij/… niet (niet iets over mijn leven vertellen, daar buiten blijven)
ما الي (الك، اله، …) دخل
Verder gaan naar het volgende, daar niet blijven hangen
بيْمَشّي
بيعدّي
Heel lekker (eten)
بِشهّي/بِتْشهّي
Wens:God blijft je … geven
الله يْديم علينا … (صحة، …)
Na het eten of (koffie) drinken, als je het kopje weer op tafel zet.
دايمة
Niet zomaar vragen of God je wil zegenen, maar eerst je eigen deel doen en dan aan God de rest vragen om te zegenen.
بيتْوَكَّل (على الله)
Ader (bloed)
عِرْق - عْروق
Goede werken
الاجر (الحسنات)
Breng me/geef me
هات - هاتي - هاتو
Opscheppen (van eten)
بيُسْكُب
Opschieten/ iets snel doen
بيسْتعْجل
تستعجل
مستعجل(ة)
Opwarmen (van de olie of in olie)
بيحمى - حِمي
Ergens iets uithalen (tas, kast, koelkast)
بيطول
Oeps foutje (schrijffout)
سَقَط سهواً
Of (als er meer keuzes zijn, 2 of meer
وِلا … وِلا
Iets vocht laten opnemen
بيبِل ب
Speeksel (binnenkant keel)
ريق - رياق
Keel bevochtigen (iets goed kunnen zeggen over de ander, dus doe iets goeds)
بيبل الريق
(Stem) kwijt zijn
بينْبحّ صوت
مَنْحوح(ة)
Echt serieus? Wil je dat echt doen? Wil je dat alsjeblieft doen?
بالله عليك(ي)
Daar denk ik straks wel over na, nu nog niet
لَوقته / ها فرج و رَحْمة
Afspoelen (van de vaat)
بيلِح
Gewoonten
طُقوس
Zodat … niet gebeurt
بلاش
Maaltijd voor het vasten in de morgen
سحور
Actief worden
بيصَحصِح
To face that
بيواجه
Duurt lang, wat is dat ding toch aan het doen? (Traag internet, laptop, …)
اِسْتيعاب سَنَوي
Niet belangrijk iets, of iemand doet niets belangrijks met zijn leven, zit geen verhaallijn in
فارِد(ة)
Omdat
لولا (عشان)
Veel bloed kwijt raken (stroomt eruit)
بينْزِف (دم)
Beest
غول
Je doet iets dat goed (lijkt), maar gebruikt het vervolgens tegen iemand om iets voor elkaar te krijgen. Dus leek positief, maar dat was het helemaal niet.
بيْحمِّل (جميلة - جمايل)
‘Zee plaveisel leggen, doe wat je wilt, boeit me niet.
بيبلّط البحر
Invoerrechten
جُمْرُك - جَمارك
Wow, super mooi
Iets echt super niets
بخْرِب بيتك
Ministerie voor religie, godsdienstige regels en aanstelling van imams
وزارة الاوْقاف
Lichaam vergiftigen
Je ruïneert mijn mood
بيْسم البَدَن
Vergalt mijn eetlust
بيسِد النِفْس
انسدت نِفْسي/ك
Niet godsdienstig (waren tegen Mohammed in Mekka)
ابو لَهَب - ابو جَهل
Niet
ما = ش
ما بدي = بديش
Bodem
قاع
Onkruid
عُشُب الضار
Uittrekken (haar, onkruid)
بيْنَتِّف (عن)
Portemonnee
جُزْدان
مَحْفَظة
In plaats van …
بَدال(ه، ها، هم)
Grammatica
قواعد
Tragedisch
مأساوي(ة)
Tragedie
مأساة
Mensen die moeten vluchten (zelf.nw.)
لجوء
Iets willen ontvluchten (keuze voor maken, niet gedwongen)
بينْزَح
نُزوح
Asielzoeker
نازِح(ة)
Ecostoof
بُقْجة - بُقج
(Totaal op) vullen
Helemaal vullen
بيْمَلّي
Heel slim iemand (bijv.nw)
قطّاعة - قطّاعات
دَحيح
Verschijnen, tevoorschijn komen
Verschijning (catwalk)
بيْطُلّ
اطْلالة
Regenpijp op het dak
مِزْراب - مزاريب
De man die voor zonsopgang mensen wakker trommelt om nog te gaan eten/bidden voor het vasten/de dag begint
مسحّراتي
(Bouw)steen
طوبة - طوب
Afwezig zijn
بيغيب
غايب(ة)
Abrikozenplak
قمر الدين
Vernieuwen (paspoort, contract, luchten)
بيْجَدِّد
بيتْجدّد (غرفة)
Kwal
قِنْديل البحر - قناديل
Crêpe papier
وَرَق كورْنيش
Overleggen, samen praten over en weer
Geven & ontvangen
بياخُد و بيعطي
خُد و اعطى
أخد و العطى
Eerste gebedstijd (1,5 uur voor zonsopkomst)
صلاة الفجر
Tweede gebedstijd (rond 1 uur ‘s middags)
صلاة الظهر
Derde gebedstijd (rond vier uur)
صلاة العصر
Vierde gebedstijd (zonsondergang)
صلاة المغرب
Laatste gebedstijd (met extra bewegingen om af te sluiten)
صلاة العشاء
Het waard vinden/zijn, het gunnen
بيسْتاهل
Op gevoel (zonder recept, richtlijnen)
Iemand die verstandelijk beperkt is
على البركة
Aanbidding/worship (ter ere van God doen)
عبادة - عبادات
Adviseren
بينصَح
نصيحة - نصائح
Nu
حاليا
Komt opeens in mijn hoofd op
بيخْطُر على البال
Bidden (in eigen woorden)
بدعي
دعاء - ادعية
Vereren
بيعبُر
Rust hebben (geen zorgen maken)
بيتْطَمَن
إطْمئِنان
Zondaar (fouten makend)
مُخْطأ(ة)
Aandringen
بيْصِّر
Gek worden van
Boos zijn door iemand (schreeuwen)
بينْجَن
جنون
Je Klaar maken voor (in de startblokken)
بيسْتَعد
استعداد
Berouw tonen, bekeren van
بيْتوب
توبة
Niet nogmaals doen! Laatste waarschuwing!
Tegen kinderen
بوس التوبة
Verwelkomen (met alle bijbehorende gebruikelijke uitspraken)
بيرحَب
الترحيب
Vergelijken
Tussen kinderen verschil maken
بيْقّارن بين
مُقارَنة
Dat NIET doen (امر)
النَفي
Omgang hebben met / samenwerken
بيتْعامل
Zakgeld
مَصْروف
Goed zorgen voor je gasten
بيقوم بالواجِب(ي،ك،…)
‘Samen knijpen zenuwen’
Je inhouden
بيضْبُط اعْصاب(ي،ك،…)
Je irritatie, gevoelens, moeheid, boosheid op iemand anders bot vieren
بيتْفَشَّش في
Uitzetten (groter worden)
بيْفَشفِش
Inklinken (kleiner worden, vooral eten)
بيتْقَلّص
Stichting (kleiner dan NGO)
جَمَعية خيرية - جمعيات
Niet vasten (vasten overslaan, goede reden of niet)
مِفْطِر(ة)
Kinderen die een beetje meevasten
صومة العصْفورة
Extra gebed tijdens Ramadan, na laatste gebed.
صلاة التراويح
Dak- en thuisloze
شِحّاد(ة)
Rouwen (rouwklagen)
بيتحسَّر
متحسِّر(ة)
Uitdrukking
تَعْبير
Rij
طابور
Advocaat
محامي (ة)
Zwijgen
بيُسْكُت
Ingang (dorp, gebouw, stad, winkelcentrum)
مَدْخَل - مداخِل
Tragedie
الأسى
Bekennen, opbiechten, toegeven
بيعْتَرِف
Opgeven
بيتْخَلى
Hulpgoederen
المَعونات
Trouw blijven, loyaal
مُخْلِص(ة)
بيخْلَص
الأخلاص
Loyaal (trouw blijven)
Zoals بيخلص
وَفيّ(ة)
Ontnemen (van iets wat iemand toekomt (kinderen, loon)
Verboden
بيحْرِم
Genezen (ziekte geneest)
بيْطيب
Beschermen
بيحْمي
Leiden onder
بيْعاني
Instorten, in elkaar zakken
بينْهَدِم
Verhaal(lijn), gebeurtenissen
حَدَث - أحداث
Oplopen, opstapelen (problemen, irritatie)
بيْتراكَم
التراكمات
Niet stoppen met praten
ما وقّف حكي
Akker (grond voor fruit en groente boerderij)
حَقِل - حقول
Bedriegen, verraden (tov. Loyaal blijven)
بيْخون
Soldaat
جُنْدي(ة) - جنود
عسكري
Geheugen
الذاكِرة
Steen
حَجَر - حجار
Dagelijks leven
الامور
Irriteren
بيْنَرْفِز
Is nu aan het huilen
عم يبكي
Garnaal
جَمْبَري / روبْيان
Palmblad
سَعَف النَخيل
Dichtslibben (van aderen)
بيجْلُط
بينْجَلِط
Infarct (hersenen, hart)
جَلطة - جلطات (قلبية/دماغية)
Kunnen dragen (aankunnen)
بيْطيق
بينْطاق
Voortdurend kletsen
بيبْرُم
Kletskous
بَرّام(ة)
بَرِم
Overmeesteren (verslaan)
بيهْزم
Verslagen
هَزيمة
Verslagen zijn
بينْهَزم
Een versperring (op de weg, een muur)
حاجز - حَوّاجز
Graafmachine
جرّافة - جرّافات
Nieuw product pitchen/raket afschieten
بيطْلق
اِطْلاق
Aan de rand van (bos, dorp, zee)
على مشارِف
Doden/executeren (van mensen)
بيْعدِم
اعْدام
Produceren
بينْتِج
Product
Productie
مُنْتَج - منتجات
انْتاج
Kofferbak
دبة السيارة
Vlakte / weiland /pasture
مرج - مُروج
Gordijnen (Fusha)
ستارة - ستاير
Sijpelen / druppelen
بيسيِّل
Huren
بيسْتأجِر
Kant /richting
جهة - جهات
Ontkennen
بينكُر
Verwoesten
بيهدِم
Specialiseren in
بيختص في/ب
Specialisatie
تخصُص(ات)
Afhankelijk zijn van (positieve manier)
بيعتمد
Iemand die zich afhankelijk opstelt
اعتمادي(ة)
Als tegenprestatie
بالمقابل
Kant/richting
إتجاه - إتجاهات
جهة - جهات
Gordijn van tranen
ستار من الدموع
Druppelen
بيسيّل
Luchtbel, blaar
فُقاعة (ات)
Ontkennen
بينكر
Verliezen
بيخْسَر
Winnen
بيفوز
Verslaan
بيهْزِم
Dol zijn op
مُوَلّع(ة)
Verzamelen
بيلِم
(Kleding) dragen
بيلْبس
(Richting) aanwijzen
بيأشر
Verslaafd zijn aan
بيدْمِن على
Blik gooien
خمس حْجار
Opzwellen
بيوْرَم
وارِم(ة)
Zwelling
وَرَم
Huurbaas (de bezitter van hetgeen je huurt)
صاحب(ة) بيت/محل/سيارة
Neutraal (geen kant kiezen)
على الحياد
حِيادي(ة)
Apart, raar, foolish
سَخيف(ة)
Beledigen
بيْهين - اهان - ما تهين
Belediging
اِهانة
Staren, met gedachten ergens anders
بيصْفُن
صافن(ة)
Zo ver je kunt kijken
على مَد البصر
Visie
رؤيا
Zwikken (enkel, gewricht, …)
بيلْتَوي
ملْتَوي(ة)
Verzwikking
إلْتِواء
Stroop
سُكَر مَحْروق (مكرَمل)
Capaciteit
قُدْرة / مقْدرة
قادِر(ة)
Beschuldigen (waarom gebeurt mij dit, wat doe ik fout)
بيْلوّم (حال)
Depressief
مُحْبَط(ة)
اِحْباط
Confronteren/iets aangaan
بيْواجه
مْواجه(ة)
Confrontatie
مُواجهة (ات)
Onderzoek (research)
بَحِث - ابحاث
Op dit moment aan het doen (عم in Fusha)
قاعد(ة)
Gezichtsuitdrukking (dat je weet dat ik er niet mee eens ben, wenkbrauw optrekken)
بيجْحر
جاحر (ة)
جحْرة - جحرات
Toetje eten, trakteren
بيتْحَلى
Dessert
تحلاية
Huren
بيستأجر
Missen
بيشتاق
مِشتاق(ة)
Gemis
شُوْق
Irritant
مُزعِج(ة)
Kracht
قُوة
Dienaar/hulpje
خدَّام(ة)
Leuk vinden
مُعجَب(ة)
Kronen van
Kroning
بيْتوّج
تَتْويج
Kunst en handwerken
فنون و حِرَف
Bewolkt
مْغيّم
Mond houden
بيسْكُت
Vulkaan
بُرْكان - بَراكين
Negeren
بيتْجَنَّب
Monster
وَحش - وحوش
Barbaars, bruut, cruel
وحشي(ة)
Uitslaan, uitkloppen, uitschudden
بينْفُض
Laag (bij de grond), zachtjes (bij geluid)
واطي(ة)
Enorm, reus
عمْلاق(ة)
Rimpels
تجاعيد
Blik, oogopslag
نَظَرة - نَظرات
Puinhoop (ingestort)
الاَنْقاض
Ondergang, verliezen van de oorlog
الهَزيمة
بينْهزَم
Scherp
حاد(ة)
Kruising
تَقاطع - تَقاطعات
Voorrang verkeer, iemand prioriteit geven
اَوْلاوية - اولاويات
Haven
مينا
Stropdas
جرافة - جرافات
Werknemer
مُوَظَّف (ين)
Gesloten, mysterieus
غامِض(ة) - غامضين/غموض
Lot (jouw deel)
نَصيب
Stoet/optocht
مَوْكِب
Plastische chirurgie (operatie)
عَمَلية تَجْميل
Ik dacht iets te zien of te weten, maar weet het niet zeker of ik dat goed opving
بيلْمَح
لَمْحة
Splitsing (in de weg)
مُفْتَرق (الطرق)
Wapen dragend
مُسَلّح(ة)
Irritant geluid of tumult
ضَجة - ضجيج
Rits of (bagage)band
سَحّاب - سَحّابات
Security persoon
الأمِن
Non-verbale communicatie
لُغة الجَسَد
Doof (persoon)
أطْرَش(ة)
Stom (niet kunnen spreken)
أخرس(ة) - خُرس
In mijn achting dalen (van voetstuk vallen)
وَقعت من عيني
Uiten (to express)
بيْعَبِر
Gerust gesteld worden (checken of alles goed gaat)
بيتْطَمَن
Gebarentaal
لُغة الاِشارة
Blind (persoon)
أعمى - عمية - عُمي
Chagrijnig persoon
Mood/stemming
مَزاجي(ة)
مَزاج
Kleine plant/boom die je koopt om te planten
شَتْلة - شتلات
Tuincentrum
مشتل - مشاتل
Pesticiden
مُبيد حشري - مُبيدات حشرية
Kort korrel rijst (voor Mansaf, Makloubeh, …)
رُز مَصري
Lang korrel rijst / basmati (voor Kabsa, biryani, machadera, …)
رُز حبة طويلة
Verband
شاش / بانْدِج
Mitella/brancard
حمالة - حمالات
Getraumatiseerd (knoop in je leven)
عُقْدة - عُقَد
Verlichten van problemen/werk
بيْخَفِّف على
Beter om iets samen te doen en mensen om je heen te hebben, dan alleen.
الجنة بدون ناس مابتنْداس
Zware dingen zijn beter te verdragen samen
الموت مع الجماعة رحمة
God zegent samenwerking
يَد الله مع الجماعة
God vergoed voor de magere jaren (make up for/restore)
الله يعوِّض
Zorgen voor
بيهتم ب/في
Innerlijk/binnenin iets
Uiterlijk/buitenkant/buiten iets
داخلي(ة)
خارجي(ة)
Allah staat je bij
الله بعين(ي، ك)
الله يكون/كان بعونك
Vrijwillig werk verrichten
Vrijwilliger
بيتْطَوَّع
متطوّع(ة)
التطوع
Gerst
الشَعير
Hongersnood
مجاعة - مجاعات
Loyaliteit
ولاء
Verbondenheid/band/belonging
اِنْتِماء
Tragisch
مأساوي(ة)
مأساة
Bij toeval
صُدْفة - صُدَف ب
Eervol iemand, deugdzaam
فاضِل(ة)
Ontwerp, maquette, plan
تصْميم - تصاميم
Moedig
شُجاع(ة)
Wil(skracht), doorzettingsvermogen
اِرادة - ارادات
Aanmoedigen
بيَْشَجَع
تَشْجيع
Seizoen (voor oogst)
مَوْسِم - مَوّاسم
Plukken
بيقْطُف
Klaar zijn voor
مُسْتَعِد(ة)
Optimistisch
بيتْفائل
متْفائل(ة)
تَفاؤل
Pessimistisch zijn
بيتْشائم
متشائم(ة)
تشاؤم
Waarderen, appreciate
بيقَدِّر
مُقدِّر(ة)
Inspireren
بيلْهِِم
مُلْهِم(ة)
Geloof
ايمان
Dierenarts/veearts
دكْتور بَيْطَري
Iets/iemand ergens naar toebrengen en afleveren (naar ziekenhuis, papieren,) niet als je iets bestelt hebt.
بيْوَدّي
Duim
الأبْهام
Wijsvinger
سبّابة
Middelvinger
وسطى
Ringvinger
بُنْصُر
Pink
خُنْصُر
Patroon, zelfde terugkomende dingen.
نَمَط - أنماط
Draad
خيط - خُيوط
Kralen
خَرَزة - خَرَز/خرزات
Uitslag/resultaat
نَتيجة - نتائج
Nagel
اُظْفَر - أظافِر
Aantrekken, knopen (draad, touw)
بيْشِد
Knappen (van het draad/touw)
بينْقَطع
Armband
اسْوارة - اِساوِر
Vlechten
بيْجَدِّل
جَدولة
Strikken/knoop leggen
بيُرْبُط
Klagen
بيشْكي
شاكي(ة)
Klacht
شَكْوى
Werkt op mijn zenuwen, zenuwachtig van worden
على اعْصاب(ي، ك، …)
Leuke niet dagelijkse activiteit
فَعالية - فعليات
Skelet
هَيْكل عظْمي - هياكل عظمية
Hoektand
ناب - نيّاب
Tandplak/tandsteen
سُوْسة
اسنان مْسوّسين
Glazuur (van je tanden)
قشرة - قشور (الاسْنان)
Tandvlees
لِثّة
Maquette
مُجَسَّم
Daar (verderop)
هداك - هديك - هدلاك
Persoonsgegevens opnemen/noteren
بيسجل بيانات
Kies (tanden) of windmolen
طاحونة - طواحين
Geen keuze kunnen maken/aan het twijfelen
رِجل قدام و رجِل ورا
Pakketje (om op te sturen)
طَرْد - طُرود
Schaduw
فية / ظِل
Materiaal of vak op school
مادة - مواد
Marmer of keramiek
سيراميك
Levende wezens (alles wat ademt)
كائنات حية
Kop op, wees niet verdrietig (bij klein probleem)
معلش
Goede hulp of advies
(بيعمل) معروف
Graveren (ergens in)
بينْقُش
مَنْقوش(ة)
Vrucht dragen
(onderwijs wat vruchten afwerpt, niet voor niets is geweest)
بيثْمِر
مثمر(ة)
Iets bereiken of te pakken krijgen wat hoog of laag ligt.
بيْطول
Iemand die heel veel eten maakt of heel veel geld uitgeeft
مُبذّر(ة)
Iemand die veel geld uitgeeft
مُسرف(ة)
Riem (ander woord voor حزام)
زنار
Iemand die blut is
مفلِّس(ة)
Tevreden
راضي(ة)
Een gat hebbend
مخْزوق(ة)
Fluweel (chique)
مُخْمَل
Uit elkaar spatten (zoals bel of bom, of je hoofd bij veel hoofdpijn)
بيفقَع
فاقع(ة)
فَقِع
Schimmels
فِطريات
Gif
سَمّ - سْموم
Iets een dozijn van (bijvoorbeeld servies)
دزّينة - دزينات
Vegetarische wijnbladeren (gerecht)
يْاَنْجي
En ze leefde nog lang en gelukkig
توتة توتة خلصت الحتوتة حلوة و لا فتفوتة
Iets kieskeurig bekijken
بيْدَقِّق على
مدقِّق(ة) اسم فاعل
مدقَّق(ة) اسم مفعول
Draden trekkend/uittrekken (zoals gesmolten kaas of slijmie things)
بيمُط
ماطط - ماطّة
ممطوط(ة)
Smaak (kledingstijl, inrichting)
ذوق
Magazine
مجلة - مجلات
Mozaïek
فُسَيْفِساء
Geld gift op bruiloft
نقود
Persoonsvormen (hij, jij, ik)
ضمير - ضمائر اللغة