Karakter Flashcards
quality
de eigenschap
characteristic
het kenmerk
personality
de persoonlijkheid
individual (n)
het individu (-en, ‘s)
mentally
geestelijk
physically
lichamelijk
to trust
vertrouwen
self-confidence
het zelfvertrouwen
to count on
rekenen op
ambitious
ambitieus
creative
creatif
(a)social
(a)sociaal
sportive
sportief
grateful
dankbaar
fair
eerlijk
brave
moedig
enthousiast
enthousiast
the enthousiasme
het enthousiasme
saver
zuinig
intelligent
intelligent = slim = verstandig
curious
nieuwsgierig
careful
voorzichtig
realistic
realistisch
to dare
durven
to be afraid of
bang zijn voor = angst hebben voor
dominant
dominant
stubborn
koppig
stupid
dom
jealous
jaloers
mean
gierig
lazy
lui
nervous
zenuwachtig = nerveus
to interfere with
zich bemoeien met
(im)polite
(on)beleefd
(im)patient
(on)geduldig
arrogant
arrogant
friendly
vriendelijk
assertive
assertiever
sure of oneself
zelfzeker
introvert
introvert
extrovert
extravert