gesch C Flashcards

1
Q

standensamenleving

A

een standensamenleving is een samenleving waarbij er verschillende groepen zijn met een stand, met deze stand worden je rechten en plichten bepaald

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

3 groepen (standen) opnoemen

A

1e stand: clerus
2e stand: adel
3e stand

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

de taak van elke groep aangeven

A

1e: bidden zodat men heils in de hemel geraken
2e: dienen aan de koning, omdat hun macht aan hen te danken is
3e: ambachtslieden, handelaars

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

wat gebeurde er in 1789

A

rechten van de mens worden genoteerd

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

de belangrijke verantwoording voor de maatschappelijke indeling

A

goddelijke wil; de indeling werd gezien als door god bepaald
traditie; de standensamenleving was de geaccepteerde manier om de samenleving te organiseren

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

waarom zijn de verschillende standen geen homogene groepen

A

binnenin de standen was er een groot verschil in macht, invloed en rijkdom. Vooral in de derde stand (rijkdom)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly