gesch A Flashcards

A

1
Q

prehistorie

A

…-3500v.C

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

oude nabije oosten

A

3500v.C - 800v.C

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

klassieke oudheid

A

800v.C - 500

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

middeleeuwen

A

500 - 1450

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

vroegmoderne tijd

A

1450 - 1750

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

moderne tijd

A

1750 - 1945

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

hedendaagse tijd

A

1945 - nu

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

standplaatsgebondenheid

A

je standplaats beïnvloed je kijk op de wereld. (je mag je eigen normen en waarden niet zomaar toepassen op personen en gebeurtenissen uit het verleden)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

soorten ruimten(plaatsen)

A

-stedelijk/ruraal
-continentaal/maritiem
-lokaal/ globaal, mondiaal
-gesloten/open

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

de 4 domeinen

A

politiek, sociaal, economisch, cultureel

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

primaire bron

A

bron (gemaakt) van tijdens de feiten

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

secundaire bron

A

bron (gemaakt) na de feiten

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

5 krachtlijnen

A

-1 historische vraagstellingen ontwikkelen
-2 H. referentiekader opbouwen
-3 kritisch redeneren met en over bronnen
-4 tot beargumenteerde H; beeldvorming komen
-5 reflecteren over de relatie tussen het verleden ,heden en toekomst

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly