Vocabulary - Part 5 Flashcards
To save
Besparen
Increases
Stigjt
Accessible
Bereikbaar
Disturbing / defect
Storing
Naar de straat
Bij mij in de straat
Spicy
Scherp / Pittig / Pikant / Heet
Opposite
Tegenover
Preferrably –> (imp word for writing and speaking)
Liever
Ex: Liever in het restaurant
That is great
Dat is afgesproken
Near the window
Bij het raam
Occupied
Bezet
Sparking water
Sparood
It is coming / on the way
Dat komt eraan
Im on the way
Ik kom eraan
Crazy about
Gek op
To experience
Meemaken
To arrive / to get
Aankomen
Luck
Geluk
Sold out
Uitverkocht
Bad luck
Pech
Later
Straks
Highlights / Summary
Samen Vattingen
Foot ball channel
Voet bal kanaal
Hell
Verdorie
To grumble
Mopperen
I say to my boss
Ik zeg tegen mijn boss
Note: Can be used in normal speaking & in exams
Interest
Zin
Big screen Television
Groot beeld televise
Such a
Z’n = Zo een
The match
De wedstrijd
Extremely / Heartily
Hartstikke
I enjoy the beautiful day
Ik geniet van de mooie dag
Agree
Mee ens
Wins
Wint
Well
Nou
The education
Her onderwijs
Vocational education
Her beroep Sonderwijs
The research
Het onderzoek
Learning method
De lesmethode
Science
De wetenschap
Scientist
De wetenschapper
Task / Exercise
De opgove
Test
Het tentamen
To pass
Slagen
To fail
Zakken
Online shop
Web winkel
Added to
Erbij
Subtracted from
Eraf
Times / multiply
Keer / Maar
To divide
Delen
Dear
Lieve
Already used to it
Al gewend
Knew
Kende