hoofdstuk 4 Flashcards
de duinen
dune
ontmoeten
to introduce
aardig (vinden)
to like
besluiten
to decide
de kant
side
lachen
to laugh
de omgeving
the neighbourhood
verwachten
to expect
druk
busy
de kennis
the acquintance
het onderwerp
subject
de plek
place
de rij
row, line, queue
aardig
nice
binnenkort
shortly
inderdaad
indeed
nergens
nowhere
de ruize
row, argument
zorgen
to worry about
de band (familie)
familie bond
samen
together
schoonmoeder
stepmother
spelen
to play
sterk
strong
vroeger
in the past
de zwager
bro in law
aantrekkelijk
attractive
alleenstaand
single
de bellangstelling
interest
eerlijk
honest
geneiten
to enjoy
iemand
somebody
inmiddels
by now
lief
kindi love
de liefde
love
scheiden
to divorce
slank
slim
sterven
to die
toen
when, then
trouw
loyal
vast
steady (relationship)
verantwoordelijk
responsible
verlegen
shy
verwennen
to spoil
vorig
last
verzorgd
neat
wandelen
to walk