Praktijkles Lichamelijk Onderzoek/01A Flashcards

1
Q

Waar kan een souffle over de a. Femoralis op duiden? (2)

A

AV fistel, lokale stenose

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Waarbij past oedeem beter: veneuze of arteriële problemen?

A

Veneuze

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Bij welke ziekte hoort de volgende beschrijving: zeer pijnlijk bleek been met velaagde temp huid

A

Acute arteriële afsluiting

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Bij welke ziekte hoort de volgende beschrijving: erythemateuze pijnlijke kuit

A

DVT

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Bij welke ziekte hoort de volgende beschrijving: onscherp begrensd eryteem met verhoogde temp huid

A

Cellulitis

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Bij welke ziekte hoort de volgende beschrijving: horlogeglasnagels

A

COPD

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Bij welk van de diagnoses hoort de volgende bevining bij auscultatie elders: verlengd piepend exspirium en verminders ademgeruis beiderzijds basaal
Decompensatio cordis obv COPD, tricuspidalisklepinssufficiëntie, ventriculaire extrasystolen (VES)

A

Decompensatio cordis obv COPD

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Bij welk van de diagnoses hoort de volgende bevining bij auscultatie elders: Uitstraling souffle naar rechterzijde sternum
Decompensatio cordis obv COPD, tricuspidalisklepinssufficiëntie, ventriculaire extrasystolen (VES)

A

Tricuspidalisklepinssufficiëntie

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

Bij welk van de diagnoses hoort de volgende bevining bij auscultatie elders: Geen afwijkingen bij asucultatie elders
Decompensatio cordis obv COPD, tricuspidalisklepinssufficiëntie, ventriculaire extrasystolen (VES)

A

ventriculaire extrasystolen (VES)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

Bij welk van de diagnoses hoort de volgende bevining bij overig LO: Verhoogde CVD en perifeer pitting oedeem pretibiaal beiderzeids
Decompensatio cordis obv COPD, tricuspidalisklepinssufficiëntie, ventriculaire extrasystolen (VES)

A

Decompensatio cordis obv COPD

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

Bij welk van de diagnoses hoort de volgende bevining bij overig LO: palpabele thrill
Decompensatio cordis obv COPD, tricuspidalisklepinssufficiëntie, ventriculaire extrasystolen (VES)

A

tricuspidalisklepinssufficiëntie

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

Bij welk van de diagnoses hoort de volgende bevining bij overig LO: polsdeficit bij hartoverslagen bij gelijktijdige palpatie pols
Decompensatio cordis obv COPD, tricuspidalisklepinssufficiëntie, ventriculaire extrasystolen (VES)

A

ventriculaire extrasystolen (VES)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

Bij een mitralisklepstenose:
S1 S2 en een (diastolische/systolische) souffle met punctum maximum ter plaatse van de …, het beste hoorbaar in de (houding patiënt)

A

Diastolische, apex cordis, linker zijligging

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

Bij welk van de diagnoses hoort de volgende bevining bij auscultatie: S1, S2, S4
Decompensatio cordis obv COPD, tricuspidalisklepinssufficiëntie, ventriculaire extrasystolen (VES)

A

Decompensatio cordis obv COPD

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

Bij welk van de diagnoses hoort de volgende bevining bij auscultatie: S1 S2, systolische souffle tpv 4e ICR links parasternaal
Decompensatio cordis obv COPD, tricuspidalisklepinssufficiëntie, ventriculaire extrasystolen (VES)

A

tricuspidalisklepinssufficiëntie

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
16
Q

Bij welk van de diagnoses hoort de volgende bevining bij auscultatie: S1, S2 grotendeels regelmatig ritme afgewisseld met een zeer kortdurend irregulair ritme
Decompensatio cordis obv COPD, tricuspidalisklepinssufficiëntie, ventriculaire extrasystolen (VES)

A

ventriculaire extrasystolen (VES)

17
Q

Waarmee kun je bij eeen patiënt met atriumfibrilleren het beste (meest nauwkeurig) de bloeddrruk meten? Waarom?

A

Handmatige bloeddrukmeter; omdat de tonen niet regelmatig zijn kan een elektrische bloeddrukmeter de tonen verkeerd opvatten

18
Q

Als je bij een patiënt met morbide obesitas de bloeddruk zou meten met een normale maat bloeddrukmanchet, welke invloed zou dit dan hebben op de gemeten bloeddruk?

A

De gemeten bloeddruk is hoger dan de werkelijke bloeddruk

19
Q

Bij welk van de diagnoses hoort de volgende bevining bij inspectie: afwezige buikademhaling
blaasretentie met pyelonefritis, maagperforatie met peritonitis, splenomegalie door virale infectie, appendicitis

A

Maagperforatie

20
Q

Bij welk van de diagnoses hoort de volgende bevining bij inspectie: geen afwijkingen
blaasretentie met pyelonefritis, maagperforatie met peritonitis, splenomegalie door virale infectie, appendicitis

A

Splenomegalie door virale infectie, appendicitis

21
Q

Bij welk van de diagnoses hoort de volgende bevining bij percussie: demping boven symfyse
blaasretentie met pyelonefritis, maagperforatie met peritonitis, splenomegalie door virale infectie, appendicitis

A

Blaasretentie met pyelonefritis

22
Q

Bij welk van de diagnoses hoort de volgende bevining bij percussie: opgeheven leverdemping
blaasretentie met pyelonefritis, maagperforatie met peritonitis, splenomegalie door virale infectie, appendicitis

A

Maagperforatie met peritonitis