examen idioom y4 Flashcards
p51-60
evasive
ontwijkend
gravity
ernst
plea
pleidooi
to convey
overbrengen
to preach
preken
eloquent
welbespraakt
to disclose
onthullen
to omit
weglaten
slip of the tongue
versprekig
issue
kwestie
ratings
kijkcijfers
to highlight
benadrukken
fabrication
verzinsel
to dwell on
stilstaan bij
latter
laatstgenoemde
to elaborate on
uitweiden over
abbreviation
afkorting
to browse
bladeren
survey
enquete/(markt)onderzoek
poll
opiniepeiling
to indicate
te kennen geven
to define
omschrijven
to derive from
afleiden van
imply
blijken uit/laten doorschemeren
assertion
bewering
to decline
weigeren
to evade
ontwijken
regardless of
ongeacht
significance
belang
incomprehensable
onbegrijpelijk
pun
woordspeling
verbal
mondeling
astute
scherpzinnig
to clarify
verduidelijken
in italics
cursief/schuingedrukt
to assert
verklaren
to acknowledge
erkennen
pledge
plechtige belofte
gesture
gebaar
to concede
toegeven
nadeel
drawback
mondeling
oral
tegenspreken
to contradict
overdrijven
to extraggerate
toegeven
to admit
de boodschap overbrengen
to get the message across
benadrukken
to emphasize
kijker
vieuwer
middel
means
sms’en
to text message
contact houden
to keep in touch
meedelen
to inform
verwijzen
to refer
in twijfel treken
to question
gerucht
rumour
resilient
flexibel/veerkrachtig
versatile
veelzijdig
disposition
aard/karakter
tenacious
vasthoudend
self-esteem
gevoel van eigenwaarde/zelfrespect
sincere
oprecht
benevolent
vriendelijk/behulpzaam
squeamish
overgevoelig/gauw bang
shrewd
slim
meticulous
nauwkeurig
inhibited
geremd
to persevere
doorzetten
deceptive
bedriegelijk
mature
rijp/volwassen
obedient
gehoorzaam
bold
moedig
prudent
wijs/verstandig
aspiring
ambitieus
down-to-earth
nuchter/praktisch
feature
kenmerk
to be inclined to
de neiging hebben om
custom
gewoonte
sleazy
vies en goedkoop
to brag
opscheppen
smug
zelfgenoegzaam/te snel tevreden over zichzelf
smug
zelfgenoegzaam/te snel tevreden over zichzelf
conceited
verwaand
insolence
onbeschoftheid
offensive
beledigend
indecisive
besluitloos
vain
ijdel
greedy
hebzuchtig
stingy
gierig/vrekkig
ruthless
meedogenloos
indifferent
onverschillig
gloomy
somber
compulsive
dwangmatig
cunning
sluw/listig
studious
leergierig
peevish
chagrijnig
trots
pride
verstandig
sensible
vastberaden
determined
begripvol
understanding
verdraagzaam
tolerant
attent
thoughtful
gedreven
driven
kieskeurig
choosy
bescheiden
modest
slordig
sloppy
onwetendheid
ignorance
prikkelbaar
touchy
koppig
stubborn
bevooroordeeld
prejudiced
betrouwbaar
reliable