chapter 7 Flashcards
de twee belangrijkste criteria voor de toepasbaarheid van een methode om de structuur en activiteit van de brein te bekijken zijn:
spatiele resolutie: de mate waarin verschillende hersendelen van elkaar kunnen worden onderscheiden
temporele resolutie: de mate waarin men snelle activiteitsveranderingen van elkaar kan onderscheiden.
elektrische/magnestische registratie van de hersenen: noem 2 punten en de toepassing:
maakt specifieke rol van individuele neuronen tijdens cognitieve activiteit duidelijk
uitstekende T en P resolutie
toepassing: wetenschappelijk onderzoek
EEG= Electro-encefalogram: temporele en spatiele resolutie is?
registratie elektrische activiteit van grote corticale neuronen
geeft inzicht in anatomische en functionele afwijkingen van de cortex
de temporele resolutie is goed, de spatiele is matig.
toepassing van de EEG
neurologisch diagnostiek
ERP’s =
event-related potentials
een ERP is een:
registratie van kortdurende verandering in corticale activiteit als respons op een sensorische stimulus of voorbereiding motorische handeling.
een ERP bestaat uit:
aantal negative en positieve golven
een ERP als reactie op een auditieve stimulus bestaat uit: noem 3 dingen
zeer vroege componenten (10ms na aanbieding)
vroege en late corticale componenten (10-100ms)
cognitieve componenten (100-500 ms)
De vroege en late corticale componenten zijn:
automatische reacties op de stimulus
aandacht is niet strikt vereist
cognitieve componenten zijn:
bewuste, cognitieve reacties op de stimulus
Topographic mapping
is een potentiaalverdeling van een ERP over de cortex
ERP’s hebben (zeg iets over de t en s resolutie)
goede T en matige S
MEG = magneet- encefalogram, voordeel is:
geen vervorming van signalen door electrische weerstand van huid, schadel en hersenvliezen.
MEG (zeg iets over T en S resolutie)
Goede T en zeer goede S
Deep brain stimulation wordt gebruikt voor:
en het heeft een goede …. resolutie
bepaling van corticale functies tijdens hersenoperaties. en ook voor therapie: parkinson, epilepsie
goede Spatiele resolutie
TMS= transcraniale magnetische stimulatie heeft een … spatiele resolutie
matige
neuro-imaging :onderscheid tussen anatomische en functionele technieken uitleggen:
anatomisch= bepalen van de anatomsiche structuur van hersenen
functionele: bepalen van de dynamische activiteit van de hersenen
MRI, heeft zeer goede
spatiele resolutie
MRI is weergave op basis van:
verschillen in dichtheid van waterstofatomen tussen verschillende structuren
MRS= magnetic resonance spectroscopy
is voor de weergave van specifieke substanties in neuronen: DNA, RNA
gliacellen
MRS geeft inzicht in
afwijkingen van hersencellen en gliacellen : Alzheimer en MS
DTI= diffusion tensor imaging is een MRI- methode om:
selectief zenuwvezels (witte stof) weer te geven. (MS)
PET= positron emission tomography is registratie door:
opname van radioactief materiaal.
Bij PET geldt: hoe groter de opname op een bepaalde locatie ->
hoe sterker de bloedstroom, en dus hoe sterker de locale hersenactiviteit
PET heeft een goede … maar slechte … resolutie
goede spatiel, maar slechte Temporele resolutie
FMRI= functional magnetic resonance is voor de
registratie van zuurstofgebruik
FRMI heeft een zeer goede … maar matige …
spatiele R maar slechte T