vocabulaire chapitre 2 Flashcards
le bonheur
het geluk
être heureux
gelukkig zijn
le sondage
de opiniepeiling
te sens-tu bien dans ta peau ?
zit je goed in je veel ?
la peau
de huid
en général
over het algemeen
triste
ongelukkig
plutôt heureux
redelijk gelukkig
très heureux
erg gelukkig
la vie
het leven
changer
veranderen
ascpet extérieur
uiterlijk
les sous
centen
la situation de vie
leefsituatie
le cadeau
het geschenk
naissance
geboorte
malheureux
ongelukkig
l’ambiance
de sfeer
le membre
het lid
arme nucléaire
atoomwapens
la superficialité
de oppervlakkigheid
drogue
de drug(s)
la mal honnêteté
de oneerlijkheid
le pouvoir
de macht
la maladie
de ziekte(s)
la pauvretée
de armoede
l’intolérence
de onverdraagzaamheid
la guerre
de oorlog
la pollution
de milieuvervuiling
la maltraitance de l’enfant
de kindermishandeling
le chagrin d’amour
het liefdesverdriet
être harceler à l’école
gepest worden op school
ne pas être content de son ascpet physique
niet trevenden zijn met uiterlijk
séparation des parents
ouders zijn aan het scheiden
ne pas être compris
niet begrepen worden
ne pas s’accepter
niet aanvaard worden
assistance social
hulpverlener
centre d’orientation des étudiants (PMS)
centrum van leerlingen begeleiding (CLB)
Het beroep
Le métier
Beroemd
Connu
Devenir connu
Beroemd zijn
Gagner en jouant
Winnen
Verdienen
Gagner en travaillant
Déguster (apprécié)
Smullen
L’amitié
De vriendschap
Les réseaux sociaux
Sociaalnetwerksites
La célébrité
De beroemdheid
Rester focalisé
Kijker staan
Être célèbre
Beroemd zijn
La vedette
De ster